Recht op informatie: Linken is echt niet link

Mag het nou wel of mag het nou niet? Kun je inbreuk plegen op het auteursrecht van een ander door alleen maar een hyperlink te maken naar een artikel, foto of filmpje zoals GeenStijl deed toen ze linkten naar gelekte Playboy foto’s? En hoe zit dat met die embedded links waar Buma/Stemra enige tijd geleden nog van beweerde dat je daar een vergoeding voor moet betalen? Aan de hand van twee rechtszaken heeft het Europese Hof van Justitie tot 2x toe antwoorden gegeven op vragen over de auteursrechtelijke status van linkjes. In de laatste Recht op informatie van dit jaar wordt duidelijk dat linken gelukkig niet echt link (meer) is.

-//-

‘Als je niet zeker weet of je materiaal op internet mag gebruiken voor eigen doeleinden, kijk dan of je ernaar kunt linken. Linken naar iets dat online staat, is namelijk nooit een nieuwe openbaarmaking. Het mag dus gewoon.’

Dit neem ik altijd mee in mijn verhaal wanneer ik docenten en studenten over de beginselen van het auteursrecht vertel. Wel heb ik ontdekt dat er een paar mitsen en maren aan zijn toe te voegen. Want met de constatering dat linken nooit een nieuwe openbaarmaking kan zijn onderschatte ik één ding: de belangen die op internet kunnen spelen bij het linken naar content. Vooral als niet duidelijk is van wie de content is waarnaar gelinkt wordt.

Zo zijn embedded links ook een soort van hyperlinks, maar tonen ze content die op een andere site staat op de eigen site. Denk bijvoorbeeld aan een YouTube-filmpje, waarbij de bezoekers niet naar de oorspronkelijke site hoeven te gaan. Als geëmbedde content ook nog omringd worden door advertenties, leidt dat al snel tot problemen. Juridische problemen welteverstaan.

Dat je op heel verschillende manieren naar een link kunt kijken, bleek uit een strijd die een aantal Zweedse journalisten jarenlang heeft gevoerd met de website Retriever. Retriever biedt links (met beschrijving van de inhoud) aan naar artikelen van journalisten, waarbij de links leiden naar de site van de desbetreffende krant waarin hun artikelen gepubliceerd werden. Beide partijen streden over de typering van deze links. Betreft het hier een doorverwijzing? Of is er sprake van een auteursrechtelijke mededeling aan het publiek en dus van een nieuwe openbaarmaking waar een vergoeding voor betaald moet worden? Het Europese Hof van Justitie moest uiteindelijk uitsluitsel geven.

Begin dit jaar oordeelde het Hof in het Svensson-arrest dat een link weliswaar inderdaad een nieuwe openbaarmaking van een werk is – iets wat normaliter voorbehouden is aan de rechthebbende – maar dat dit niet onrechtmatig is zolang er geen nieuw publiek mee wordt bereikt. Anders gezegd: zolang een rechthebbende auteursrechtelijk beschermd materiaal vrij toegankelijk beschikbaar en dus voor iedereen op internet heeft gezet, mag je ernaar linken. Immers: iedereen kon er sowieso al erbij. Is het materiaal niet vrij toegankelijk op internet gezet, bijvoorbeeld achter een betaalmuur? Dan omzeilt de link een toegang-beperkende maatregel – en is zij onrechtmatig omdat er een nieuw publiek wordt bereikt dat eerder geen toegang had tot  het materiaal.

Linken naar vrij toegankelijk materiaal mag van het Hof ook ‘wanneer de internetgebruikers op de betrokken link klikken, het werk verschijnt en daarbij de indruk wordt gewekt dat het wordt getoond op de website waar de link zich bevindt, terwijl dit werk in werkelijkheid afkomstig is van een andere website‘. Daarmee lijkt het embedden van auteursrechtelijk beschermd materiaal ook toegestaan.

Deze uitspraak zou verregaande consequenties kunnen hebben en naar aanleiding van een andere rechtszaak vroeg het Duitse Bundesgerichthof daarom om een verduidelijking op deze uitspraak van het Europese Hof. Twee Duitse bedrijven hadden namelijk een promotievideo die op een site van een concurrent stond, zelf opnieuw (zonder toestemming) geüpload naar YouTube om die vervolgens weer te embedden op de eigen websites. Dat leverde de prejudiciële vraag op of dit wel of niet een inbreuk op het auteursrecht opleverde.

Eind oktober 2014 gaf het Europese Hof in het Bestwater-arrest antwoord op deze vraag en sloot aan bij de eerdere uitspraak in het Svensson-arrest. Het Hof concludeert dat het embedden op een website van een openbaar toegankelijk beschermd werk op een andere website middels de zogenaamde ‘framing-techniek’ (zoals ook een YouTube-filmpje geëmbed wordt) geen inbreuk is zolang je daarmee geen mededeling aan een nieuw publiek doet en geen andere technieken gebruikt die de oorspronkelijke weergave van dat werk verandert.

Ook nu weer blijft er wel wat ruimte in de interpretatie van de uitspraak van het Europese Hof. De vraag of er wel inbreuk gemaakt wordt als de content onrechtmatig en illegaal online is gezet – zoals in het geval van de promotievideo was gebeurd aangezien de eigenaar deze niet zelf op YouTube had gezet – blijft namelijk onbeantwoord.

De geleerde les: maak je als auteursrechthebbende jouw teksten, foto’s of video’s toegankelijk door deze openbaar online te zetten? Dan kun je niet optreden tegen een ander als die linkt naar jouw content of deze embedt op een andere site. Mijn eigen verhaal over auteursrecht hoef ik dus niet aan te passen. Linken is namelijk definitief niet link. Tenzij je linkt naar ‘link’ materiaal, maar dat is een heel ander verhaal.

Deze Recht op informatie column verschijnt ook in InformatieProfessional 9 (2014).

#

Tweetweekoverzicht: Ebooks in de rechtszaal, open en online onderwijs en wat Google van je weet

vakblog tweetweekoverzichtIn het tweetweekoverzicht sta ik alsnog kort stil bij nieuws en interessante ontwikkelingen waar ik wel over getwitterd heb maar waar ik (nog) geen uitgebreide blogpost aan heb gewijd.

Soms omdat anderen dat al beter gedaan hebben dan ik het zou doen, soms omdat er weinig meer over te vertellen valt dan het nieuwtje zelf en soms omdat ik er ook geen blogpost van weet te maken.

In dit relatief korte tweetweekoverzicht gaat het over ebooks in de rechtszaal, open en online onderwijs, wat Google van je weet en mag je eindelijk van een auteur een gekocht ebook doorgeven aan een ander.

Aan de slag met open en online onderwijs?

Wereldwijd stellen hogescholen en universiteiten steeds vaker onderwijsmateriaal en cursussen open via internet beschikbaar. Iedereen is het er wel over eens dat open toegang tot onderwijs een goede impuls kan geven aan de kwaliteit en diversiteit van het hoger onderwijs maar het vereist meer dan alleen maar je bestaande onderwijsmaterialen en lessen ergens op een website neer te zetten. Wil het echt rendement hebben dan moet je onderwijsmateriaal en onderwijsprogramma’s ontwikkelen dat ook het maximale haalt uit het feit dat iedereen er gebruik van kan maken. En andersom, rekening houden met de beperkingen die dit heeft.

Of het nou gaat om auteursrechten (je mag niet zo maar materiaal dat je zelf gebruikt in je onderwijsmateriaal online zetten) of om de werk en toetsvormen. Om instellingen en docenten te faciliteren hiermee aan de slag te gaan heeft het ministerie van OCW een subsidieregeling ingesteld waarmee projecten uitgevoerd kunnen worden die te maken hebben met het toepassen van open en online onderwijs. Mooi toch?

Spoedappel NUV tegen Tom Kabinet

Het NUV kondigde in juli al aan in hoger beroep te gaan tegen de uitspraak in het kort geding tussen (o.a.) NUV en tweedehands ebookmarktplaats Tom Kabinet. Dat spoedappel diende afgelopen dinsdag – 25 november – voor het Hof van Amsterdam waarin het NUV grotendeels de eerdere argumenten herhaalde maar wel stevig inzoomde op het enorme aanbod van illegale ebooks dat via Tom Kabinet te koop is. Het verslag van dit spoedappel vanuit het perspectief van het NUV stond de dag er na online (netjes!) en een nog uitgebreidere, iets neutralere, weergave van die middag is te vinden bij Boekblad.

Hoewel mijn persoonlijke mening is dat Tom Kabinet in beginsel gelijk heeft in hun interpretatie van de wetgeving dat het doorverkopen van ebooks juridisch mogelijk is, moet ik toegeven dat het NUV een punt heeft. Heel erg zorgvuldig lijkt het er niet aan toe te gaan bij Tom Kabinet – ik vond ook heel gemakkelijk problematische titels – en als het halve aanbod aankomstig is van enkele gebruikers die elk duizenden ebooks te koop aanbieden, dan hoef je geen rechter te zijn om te snappen dat er nogal een kloof zit tussen de theorie en de praktijk. Nou zal een rechter vooral kijken naar de juridische aspecten en wat dat betreft is er sinds juli natuurlijk niks veranderd. Ik ben dan ook erg benieuwd met welke uitspraak het Hof gaat komen op 23 december a.s.

Wachten op een uitspraak over het uitlenen van ebooks

Ook de Vereniging van Openbare Bibliotheken is nog bezig met een rechtszaak over ebooks. Niet om ze door te kunnen verkopen maar om ze te kunnen uitlenen onder het leenrecht waar bibliotheken al decennia gebruik van maken om fysieke boeken uit te lenen. De VOB heeft hierover een proefprocedure aangespannen tegen de Stichting Leenrecht en hoewel de uitspraak deze week zou komen, houdt de Haagse Rechtbank het vonnis aan tot 7 januari 2015. In dit vonnis komen de definitieve prejudiciële vragen te staan die aan het Europese Hof van Justitie gesteld gaan worden over het uitlenen van ebooks. De antwoorden komen dan (hopelijk) binnen twee jaar.

Controleer alles wat met je Google account te maken hebt op 1 plek

Ik kwam er terecht omdat ik wilde kijken op hoeveel apparaten ik mijn Google account gebruik (dat waren er best veel) maar bij de Settings van je Google account zijn er sowieso ook wat verbeteringen aangebracht zo te zien. Er is een apart tabblad met Datatools waar je meteen kunt zien hoeveel opslagruimte je nog hebt bij de diverse Google diensten en waar je ook meteen doorverwezen wordt naar Takeout om al je data te downloaden. Maar ook wordt je geschiedenis op 1 plek inzichtelijk gemaakt in Account History en vind je daar je zoekgeschiedenis terug, je locatiegeschiedenis en alles wat je op YouTube gezocht en bekeken hebt. Nog belangrijker, je kunt in dit tabblad al die dingen pauzeren zodat Google niet minder goed weet wat je uitspookt.

Dit ebook mag je wel (niet-commercieel) verspreiden

Copyright pagina The Martian voor het tweetweekoverzichtGisteren heb ik bijna de hele middag gelezen in het boek van Andy Weir, The Martian. Die had ik gekocht nadat ik goede recenties gelezen had en ik zag dat het de nummer 1 was bij Amazon in de SF categorie. Nadat ik het uitgelezen had kwam ik nog een bijzondere pagina tegen met copyright info. Bijzonder omdat je die normaliter in het begin aantreft maar vooral bijzonder omdat de auteur benadrukt dat de coverafbeelding en gebruikte lettertypes publiek domein zijn en dat je toestemming hebt om het ebook verder te verspreiden zolang je er maar geen geld voor vraagt.

Een mooie manier om je werk verder onder de aandacht te brengen en eentje die laat zien dat het boek eerst door de auteur zelf gepubliceerd is op zijn eigen website voordat het succes kreeg en hij uitendelijk een uitgever vond (plus de rechten verkocht om er een film van te maken). Het is wel ironisch dat je het ebook niet verder kunt verspreiden zonder de DRM van Amazon te verwijderen natuurlijk en ik denk ook niet dat zijn uitgever er heel blij mee zal zijn als je dat doet maar het is in dit geval het idee dat telt, nietwaar?

#

Auteursrecht en artikelen in de elektronische leeromgeving

elektronische leeromgevingEen docent vroeg me: Wat zijn de richtlijnen voor het gebruiken van artikelen in de ELO (elektronische leeromgeving)? Als een artikel Open Access op het internet gepubliceerd is, valt deze dan onder het auteursrecht? En zo ja, wanneer mag deze dan wel en wanneer niet als pdf in de ELO gebruikt worden?

Het mooie van deze vragen is dat die afkomstig zijn van een docent die zich (overduidelijk) nog niet eerder heeft beziggehouden met de vraag of je zo maar artikelen in de elektronische leeromgeving mag plaatsen. Ondanks dat ik al jaren aan voorlichting doe bereik ik in feite vooral de docenten die dit zich uberhaupt afvragen en weet ik wel zeker dat dat deze docent representatief is voor al die anderen die tot nu toe nooit met vragen zijn gekomen.

elektronische leeromgeving auteursrecht_dikkevandaleHet is tevens een goede gelegenheid om het (hopelijk) wat beter uit te leggen dan wat je over auteursrecht terugvindt in het woordenboek bijvoorbeeld. Zelfs de Dikke Van Dale komt niet veel verder dan artikel 1 van de Auteurswet bijna integraal over te nemen. En om nou te zeggen dat het daar nou meteen helemaal duidelijk van wordt, nee dat kan wat beter denk ik.

Er is geen ontkomen aan

Hoewel het voor hele oude artikelen uit het begin van de vorige eeuw niet per se geldt, mag je er van uitgaan dat alle artikelen die je ten behoeve van het onderwijs van nu wilt gebruiken auteursrechtelijk beschermd zijn. Het maakt helemaal niet uit waar je ze vandaan hebt gehaald. Ongeacht of artikelen ingescand zijn uit een papieren tijdschrift, uit een databank met nieuws-, vak- of wetenschappelijke artikelen gedownload zijn of vrij toegankelijk op het internet stonden, ze vallen gewoon onder het auteursrecht. Om de terminologie van de Van Dale toch te gebruiken: de makers van deze werken van letterkunde hebben echter gekozen voor verschillende manieren om het werk openbaar te maken en te (laten) verveelvoudigen. Zo zal een auteur van een artikel in een tijdschrift of een databank toestemming gegeven hebben aan de uitgever om zijn of haar artikel op te nemen in dat tijdschrift of die databank en kan die auteur de uitgever overslaan als die een artikel zelf op internet zet, al dan niet onder open access voorwaarden.

Hoe dan ook, het zegt helemaal niets over wat een lezer van die artikelen vervolgens mag doen met dat artikel want de enige die dat mag bepalen is nog steeds de maker.

Toestemming vereist

Dat betekent dat je altijd een vorm van toestemming nodig hebt van de maker of rechthebbende om een artikel opnieuw te gebruiken in een elektronische leeromgeving. Die toestemming is echter op meerdere manieren te verkrijgen, zowel indirect als rechtstreeks.

  • Rechtstreeks toestemming vragen door diegene die de rechten heeft op een artikel te benaderen. Dat zal in de meeste gevallen de uitgever zijn maar als je een artikel op een (persoonlijke) website aantreft of als het open access gepubliceerd is, dan kan dat ook heel goed de auteur zelf zijn;
  • Controleren of er toestemming vooraf is gegeven: als een artikel in een databank vol met artikelen zit, dan ligt er altijd een licentieovereenkomst aan ten grondslag. In de licentieovereenkomst tussen de leverancier van de databank en, meestal, de bibliotheek worden ook afspraken gemaakt over het opnieuw gebruiken van artikelen in de elektronische leeromgeving. Ook bij artikelen die vrij toegankelijk op internet te vinden zijn vind je steeds vaker een licentie die elke lezer vooraf alvast toestemming geeft voor bepaalde soorten hergebruik. Dit zijn vaak Creative Commons licenties en hoewel er daar zes verschillende van zijn, dekken ze allemaal het gebruik van dat artikel in een elektronische leeromgeving af. Dankzij de icoontjes zijn dit soort licenties snel te herkennen;
  • Wettelijke toestemming: artikel 1 van de Auteurswet, en ook de Van Dale, maakt duidelijk dat een maker alle rechten heeft maar stelt daar wel beperkingen aan. Eén van die beperkingen is de onderwijsbeperking die stelt dat ter toelichting van het onderwijs korte gedeelten van werken gebruikt mogen worden zonder toestemming. Daar moet echter wel een vergoeding voor betaald worden en daarom kennen de diverse onderwijssectoren een afkoopregeling waarmee dit mogelijk gemaakt wordt. Als je geen rechtstreekse toestemming hebt om een artikel te gebruiken en er geen (Creative Commons) licentieovereenkomst is die dat toestaat, dan kun je kijken of het onder de afkoopregeling, de readerovereenkomst valt.

En nu even praktisch

Als je een artikel wilt uploaden naar, en gebruiken in, de elektronische leeromgeving, dan heb je de volgende scenario’s:

  • Je hebt het artikel zelf geschreven en daarmee ben je dus zelf de maker en rechthebbende. Tenzij je zelf afspraken gemaakt hebt met een uitgever om dat artikel te publiceren bepaal je vanzelfsprekend zelf of je dat in de ELO wilt zetten;
  • Je hebt schriftelijke toestemming gekregen van de rechthebbende of het artikel is verspreid met een (Creative Commons) licentie of andere overeenkomst die deze toestemming geeft: ook dan mag je dat plaatsen in de ELO. Let hierbij wel op dat er in licentieovereenkomsten voorwaarden gesteld kunnen worden waar je je aan dient te houden;
  • Je maakt gebruik van de readerovereenkomst. Hierbij mag je korte artikelen (tot 8.000 woorden) of delen uit een boek (tot 10.000 woorden) in de ELO zetten zonder additionele toestemming te vragen. Is het artikel langer dan moet er alsnog toestemming gevraagd worden via Stichting PRO of rechtstreeks bij de rechthebbende natuurlijk.

Rekening houden met auteursrecht terwijl je alleen maar onderwijsmateriaal beschikbaar wilt maken aan studenten, dat wil eigenlijk geen enkele docent. Het is ook wel te begrijpen waarom er tot nu toe niet over nagedacht is maar juist in het onderwijs is het van belang om correct om te gaan met wat anderen gemaakt hebben zodat studenten dit ook leren. Vooral als die studenten zelf later hun geld moeten verdienen met journalistiek of een ander creatief beroep. Goed voorbeeld doet volgen, nietwaar?

#

Auteursrechten en geüploade video’s

auteursrechten
In het onderwijs wordt er veel gebruik gemaakt van video. Het is de normaalste zaak van de wereld voor studenten om filmpjes in te leveren bij projecten of opdrachten maar ook docenten houden zich steeds vaker bezig met het opnemen van kennisclips, weblectures of andere vormen van videoleermateriaal. Daar wordt vaak YouTube voor gebruikt maar bij meer en meer onderwijsinstellingen worden eigen videoportalen ingezet om video’s makkelijk te kunnen uploaden en beschikbaar te maken voor studenten en docenten van de eigen instelling maar soms ook voor de rest van de wereld.

Er zijn vele redenen te bedenken waarom instellingen gebruik willen maken van een eigen videoportaal/-platform. Ze vallen qua autorisatiestructuur binnen de infrastructuur van de instelling waardoor bepaalde video’s bijvoorbeeld alleen beschikbaar zijn binnen 1 opleiding of dat juist alle video’s wel beschikbaar zijn voor iedereen (maar niet voor de buitenwereld). Ook weet je zeker dat je het videomateriaal op je eigen servers hebt staan waardoor je niet afhankelijk bent van individuele docenten en studenten of YouTube.

Auteursrechten

Behalve voordelen heeft een een eigen videoportaal ook nadelen. Het wordt al snel gezien als iets dat alleen intern wordt gebruikt. Een besloten en afgeschermde eigen versie van YouTube. En dan is het gemakkelijk om niet zo veel aandacht te schenken aan auteursrechten op die video’s die geüpload worden. Daar waar YouTube geautomatiseerd – tijdens het uploaden – controleert op het voorkomen van inbreukmakend beeld- of geluidsmateriaal, zijn dat soort voorzieningen standaard niet aanwezig in de videoportalen die door instellingen zelf worden aangeboden aan de gebruikers.

En dat terwijl je bij het uploaden van een video, kort of lang, automatisch te maken krijgt met auteursrecht. Hoewel de Auteurswet erg uitgebreid en complex is, is het idee achter het auteursrecht best wel simpel: het is namelijk het recht van de maker van een video om zelf die video openbaar te maken en te verspreiden. Upload je een video naar een videoportaal (of YouTube), dan ben je precies dat aan het doen wat voorbehouden is aan een rechthebbende van die video: je zorgt er voor dat anderen de video kunnen zien en (eventueel) verder kunnen verspreiden.

Dat betekent wel dat je je bewust dient te zijn van dat anderen juridische bezwaren kunnen hebben bij wat je uploadt, vooral als je niet zelf het auteursrecht hebt op de video die je uploadt doordat (delen uit) die video afkomstig zijn van andere YouTube filmpjes, tv programma’s of geripte commerciële dvd’s. We leven nou eenmaal in een tijd waar bedrijven die hun geld verdienen met het produceren van video’s steeds vaker juridische stappen ondernemen tegen inbreuken op hun rechten.

Waar moet je op letten?

Je kunt met enorm veel unieke auteursrechtelijke situaties te maken krijgen. Zo kunnen auteursrechten een rol spelen in de vorm van het portretrecht van personen die op de video te zien zijn, bij het gebruik van beelden of video die je zelf elders vandaan hebt gehaald maar ook bij de achtergrondmuziek die je eventueel gebruikt.

Bij YouTube wordt hier geautomatiseerd op gecontroleerd met hun Content ID systeem en bij Vimeo via hun Copyright Match systeem maar dat is bij eigen videoportalen allemaal niet aan de orde. Dat betekent dat je nog meer dan bij YouTube en Vimeo een eigen verantwoordelijkheid hebt als het gaat om de rechten van anderen.

Hieronder volgen een paar voorbeelden en aandachtspunten.

Heb je zelf de video opgenomen of laten opnemen?

  • Zijn er studenten of andere mensen in beeld die bezwaren zouden kunnen hebben als de video door iedereen binnen of buiten de onderwijsinstelling te zien zou zijn? Informeer mensen die je opneemt van te voren zodat niemand onaangenaam verrast wordt;
  • Heb je gebruik gemaakt van foto’s of fragmenten uit andere video’s? Dat mag meestal onder het citaatrecht (een beeldcitaat) is dat vaak geen probleem mits je wel aan de voorwaarden van een citaat voldoet. Zo moet het citaat ter ondersteuning zijn van de inhoud, moet de omvang van het citaat in verhouding staan tot het doel (afbeeldingen mogen wel geheel geciteerd worden maar bij video mag je slechts korte fragmenten gebruiken) en moet er, bijv. in de aftiteling, te zien zijn wat de gebruikte bron was;
  • Staat er muziek onder gemonteerd of is er muziek te horen in de video? Zorg er dan voor dat dit muziek is die je ook mag gebruiken en gebruik geen commerciële top 40 muziek. Er zijn vele sites te vinden waar je vrij te gebruiken muziek kunt vinden of muziek die je onder een Creative Commons licentie kunt gebruiken. Een paar nuttige sites zijn:

Heb je de video niet zelf geproduceerd?

  • Als je een video hebt geript van een dvd, Uitzending Gemist of YouTube om die vervolgens zelf weer te uploaden naar YouTube, Vimeo of een eigen videoportaal, dan maak je simpelweg inbreuk op het auteursrecht. Doe dit dus niet;
  • Wil je toch andermans video’s uploaden? Zorg dan dat je (schriftelijk) toestemming hebt van de oorspronkelijke maker van die video om dat te doen.
@foto via Pixabay met CC0 verklaring

#

Digitaliseren van visitekaartjes met Evernote en LinkedIn

visitekaartjesDe laatste jaren doe ik bijna alles digitaal. Rapporten, artikelen, vergaderstukken, productdocumentatie, flyers … het is tegenwoordig allemaal digitaal beschikbaar en dankzij mijn laptop, tablet en de combinatie van OneDrive, Pocket en Evernote hoef ik nooit lang te zoeken voordat ik een document teruggevonden heb.

Totdat ik op zoek moet naar de contactgegevens van iemand die ik ooit ontmoet heb en waarvan ik zeker weet dat ik ergens een visitekaartje moet hebben liggen. Waarschijnlijk toen in mijn jaszakje gedaan, in de bureaula gedaan op mijn werkplek of misschien in mijn portemonnee gestoken. Maar waar nou precies? Want het lastige van visitekaartjes is dat je eigenlijk niet goed weet wat je er mee aan moet als je in een overleg lekker digitaal zit te wezen. En dat terwijl, ondanks verwoede pogingen, het fenomeen visitekaartjes simpelweg niet uit te roeien is. Ook in 2014, waar iedereen met smartphones, tablets en laptops loopt, heeft iedereen een visitekaartje. Voor werk of privé. Voor je blog zodat je anderen iets sneller kunt uitleggen waarom je foto’s van hun boekwinkel wilt maken. In de huisstijl of je eigen stijl. Met of zonder pakkende spreuk.

Je eigen digitale rolodex

Dat wil niet zeggen dat zakelijk netwerken alleen maar via visitekaartjes gaat natuurlijk. Wie heeft er tegenwoordig nou geen LinkedIn-profiel? De kans is groot dat als je visitekaartjes uitdeelt aan een ander, je ook wel op LinkedIn te vinden ben. Als ik een visitekaartje van je gekregen heb, dan benader ik je in ieder geval vaak ook via LinkedIn zodat ik met een gerust hart dat visitekaartje kwijt kan raken.

Maar goed, dat blijft wel wat omslachtig dus ik was erg nieuwsgierig toen Evernote een paar maanden geleden een nieuwe scanfunctie voor visitekaartjes introduceerde voor iOS apparaten. Ideaal om meteen met je telefoon een visitekaartje in te scannen waarna de tekstherkenning van Evernote er voor zorgt dat namen, bedrijven, URL’s en telefoonnummers gestructureerd doorzoekbaar worden gemaakt. Een optionele koppeling met LinkedIn zorgt er voor dat Evernote ook meteen zoekt naar een eventueel matchend LinkedIn profiel en daar ook nog de contactgegevens uit importeert.

Ik wilde dat meteen proberen maar bij gebrek aan een iPhone besloot ik te wachten op de introductie van deze functionaliteit in de Android versie, die uiteindelijk vorige week kwam.

visitekaartjes

De camera van de Evernote for Android app is nu dus voorzien van een nieuwe stand die specifiek voor visitekaartjes is bedoeld (swipen om tussen de verschillende standen te wisselen). Op het scherm wordt met een vakje aangegeven waar je idealiter het visitekaartje precies in moet laten vallen en nadat je de foto/scan gemaakt hebt wordt er automatisch een nieuwe notitie aangemaakt met het gescande kaartje.

De eerste keer vraagt de Evernote app of je je LinkedIn account wilt koppelen. Als je dat doet, dan importeert Evernote vervolgens de standaard contactgegevens inclusief profielfoto, functie en een link naar je volledige LinkedIn-profiel. De notitie krijgt standaard de titel mee in het formaat ‘Naam van de persoon – Visitekaartje‘. Ik heb er meteen zo’n 50 gescand en dit verliep compleet foutloos in minder dan een half uurtje.

Zoals gewoonlijk met Evernote kun je op alles zoeken wat in een notitie voorkomt, ook op de gescande visitekaartjes dankzij de OCR. Het is wel aan te raden om alle visitekaartjes-notities in een eigen Evernote notitieboek te plaatsen als je van plan bent om er veel gebruik van te maken omdat je dan eenvoudiger met 1 zoekactie (alleen) alle visitekaartjes kunt doorzoeken. Het scannen van visitekaartjes is overigens een betaalde Premium functie van Evernote maar je kunt er met een gratis account 1 jaar onbeperkt gebruik van maken als je Evernote en LinkedIn aan elkaar koppelt.

@foto via Pixabay met CC0 verklaring

#

Pagina 68 of 349« Eerste...153045...676869...7590105...Laatste »
  • © 2006- 2016 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top