Privacy in sociale netwerken en dating sites: case study Badoo

Deze blogpost is geschreven door Barry Cooke. Barry werkt al 15 jaar in de zoek- en sociale media sector voor een aantal gerenommeerde brand namen en is op dit moment de production director voor digitaal marketing agentschap QDOS Digital Media. Barry is de manager voor de Badoo datingsite en kan bereikt worden op barry[at]qdosdigitalmedia.co.uk

Er is de afgelopen vijf jaar veel te doen geweest over de manier waarop we onze persoonlijke gegevens op internet delen. De explosieve groei van sociale netwerken werpt zowel oude als nieuwe vragen op over het privacybeleid en de veiligheid van onze dierbare persoonlijke informatie. Iedereen die is opgegroeid vanaf de late jaren negentig weet dat je niet je creditcardgegevens moet afstaan in een chatroom. Toch wordt er ineens van alle kanten druk uitgeoefend om elk detail van je leven te delen met je ‘vrienden’, die in de honderden kunnen oplopen.

Een studie uit 2009 van de Universiteit van Cambridge, getiteld ’The Privacy Jungle’, is volgens de onderzoekers “de eerste grondige analyse van de markt van online sociale netwerken en hun privacybeleid“.  Soren Preibusch en Joseph Bonneau onderzochten in deze studie 45 verschillende sociale netwerksites en probeerden in kaart te brengen hoe de richtlijnen voor gegevensbescherming worden nageleefd. LinkedIn en Bebo kwamen goed uit deze test, Facebook en MySpace gemiddeld. Een van de slechtst scorende was de relatief nieuwe sociale netwerksite Badoo. Die maakte de afgelopen jaren een enorme groei door in Zuid-Europa en Zuid-Amerika en is inmiddels een van de grootste sociale netwerksites ter wereld met bijna 160 miljoen geregistreerde gebruikers.

Er staat veel op het spel aangezien de site ook de Britse en Noord-Amerikaanse markt wil veroveren. Badoo heeft dus geen behoefte aan slechte publiciteit over de privacy van gebruikers en daarom heeft de site zijn privacybeleid aangescherpt. Badoo is zelfs zover gegaan om de heer Preibusch nogmaals uit te nodigen voor een kopje thee en een herbeoordeling van de situatie. Het mag duidelijk zijn dat het bedrijf veel te verliezen heeft vanwege de gebruikersvoorwaarden, hoewel de meerderheid van de mensen die nooit lezen.

De aangepaste gebruikersvoorwaarden zijn voor meerdere uitleg vatbaar, maar je kunt niets verweten worden als ze je niet opvallen. Het document is geschreven in helder Engels en in een overzichtelijke vraag en antwoord-vorm die gebruikers aanmoedigt Badoo te vertrouwen met hun gevoelige informatie. Hoewel het is geschreven voor leken komen alle onderwerpen aan bod: het gebruik van cookies, data-opslag, e-mailmarketing, creditcardgegevens (met betrekking tot premium diensten), de verkoop van informatie aan andere partijen en het verbinden van je Badoo-account met accounts van andere sites, zoals Facebook.

Badoo zegt zich niet schuldig te maken aan het verkopen van persoonlijke gegevens aan andere bedrijven met een winstoogmerk of marktdoeleinden. Tegelijkertijd geeft het bedrijf toe dat ze data vrijgeeft om de markt in kaart te brengen voor demografische profilering en om gerichter te kunnen adverteren. DATA (bewust in hoofdletters) hebben nu eenmaal een onvermijdelijke aantrekkingskracht op internetbedrijven. Ze kunnen ze niet negeren, hoewel het ethisch onverantwoord is om iemands naam, adres en telefoonnummer te verkopen aan een ander bedrijf. Inderdaad, zonder dit soort gegevens zouden sites als Facebook geen lang leven beschoren zijn.

Het machtige Facebook is natuurlijk een grotere bedreiging voor onze veiligheid dan het relatief kleine Badoo. Iedereen zal dat beamen. Als je in de afgelopen vijf jaar een Facebook-account had dan kon je niet om de berichten heen van part-time samenzweringen-theoretici en amateur vrijheidsstrijders. Zij beschuldigden Facebook van het links en rechts schaamteloos vrijgeven van profielgegevens van hun gebruikers. Het is waar dat Facebook een veel groter belang heeft bij het bijhouden van ons surfgedrag dan Badoo aangezien Facebook zijn inkomsten voornamelijk uit reclame haalt. De USP (Unique Selling Point) van een Facebook marketingcampagne is namelijk dat het gericht wordt op locatie, leeftijd, geslacht, gezinssituatie, religie, hobby’s of welke andere categorie dan ook.

Het privacybeleid van Facebook, niet bepaald een waterdicht document, is meer ontmoedigend dan dat van Badoo en is onderverdeeld in verschillende sub-secties. Dat moet ook, gezien de enorme hoeveelheid van (variabelen) spelers, van apps van derden tot en met de mogelijkheid van bedrijven om ‘Gesponsorde Verslagen’ op je tijdlijn te plaatsen, die jouw naam gebruiken om hun product aan jouw vrienden te promoten. Facebook is een enorm platform. Om het compleet te ervaren, zoals het spelen van games en de interactie met verschillende apps, moet een gebruiker elke week instemmen met verschillende Algemene Voorwaarden. Zelfs Twitter heeft onlangs besloten om accounts te promoten aan hun gebruikers op basis van hun surfgedrag, hoewel dat een site is met een minimum aan bedrijfsreclame en ze weinig informatie van hun gebruikers vragen. Ook zij hebben zich verbonden aan de Do Not Track optie, een opt-out systeem voor gebruikers die niet willen dat Twitter gegevens verzamelt over surfgedrag en dat doorspeelt aan derden.

Kostbare persoonlijke informatie is van jou, maar dat staat op gespannen voet met bedrijven die deze informatie willen gebruiken voor financieel gewin. Maar dit verhaal heeft ook een keerzijde; een goed sociaal netwerk heeft veel gebruikers nodig. Bij veel gebruikers is er veel serverruimte nodig en zullen er allerlei bugs opduiken die moeten worden verholpen door webbeheerders en programmeurs. Het kost dus geld om sociale netwerken draaiende te houden en iemand zal dat moeten financieren. De gebruikers voelen zich niet geroepen. Adverteerders wel, maar alleen als ze denken er een slaatje uit te kunnen slaan. Dus wees gewaarschuwd: als het gratis is, dan ben JIJ het product.

#

Raymond Snijders

Sinds 1995 houdt Raymond zich bezig met de combinatie van ICT, bibliotheken en onderwijs vanuit het perspectief van (vooral) de bibliotheek en informatievoorziening. Thans is hij werkzaam bij de Hogeschool Windesheim als senior informatiebemiddelaar en houdt hij zich bezig met de digitale bibliotheek, contentlicenties, ebooks en auteursrecht. Over deze onderwerpen en de impact die ze (kunnen) hebben op het onderwijs en bibliotheken blogt hij sinds 2006 op zijn Vakblog. In 2013 won hij de Victorine van Schaickprijs voor zijn blog.

Comment (1) Write a comment

Leave a Reply

Required fields are marked *.


This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top