Betalen voor alle digitale kopieën? Een nieuwe reprorechtregeling voor bedrijven, overheid en onderwijs

copy paste met reprorecht [afbeelding]

Eén van de auteursrechtelijke heffingen die zijn wortels grondig (en wettelijk) verankerd heeft in het papieren tijdperk is de reprorechtheffing. Reprorecht is het in de Auteurswet beschreven recht van bedrijven, overheid en onderwijs om voor intern gebruik papieren kopieën te maken van korte stukken uit kranten, tijdschriften en boeken. De makers dienen hiervoor dan wel een vergoeding te krijgen en daarvoor is sinds 1985 de Stichting Reprorecht aangewezen. Deze stichting int de vergoedingen en verdeelt deze dan weer onder de rechthebbenden.

De reprorechtregeling geldt sinds 1985 voor overheidsinstellingen en scholen maar in 2003 is daar ook het bedrijfsleven bijgekomen met een eigen Regeling Reprorecht Bedrijfsleven. Voor alle drie de sectoren geldt dat de aanwezigheid van een kopieerapparaat letterlijk leidend is (geweest) voor het bestaansrecht van een reprorechtregeling. Voor het onderwijs was tot 2011 de betalen heffing zelfs gebaseerd op het kopieervolume en moesten scholen jaarlijks het aantal tikken doorgeven. Inmiddels geldt dat er grotendeels afkoopovereenkomsten zijn met brancheorganisaties en dat er jaarlijks een bedrag betaald moet worden gebaseerd op bijvoorbeeld aantallen werknemers of studenten.

Van papier naar digitaal
Met de Auteurswet kun je nog aardig uit de voeten als het gaat over hoe je met auteursrechten en vergoedingen moet omgaan met digitale werken. In de meeste gevallen heeft de Auteurswet het over een werk en staat de specifieke vorm niet centraal. Voor het reprorecht ligt dat anders en is dat volledig gebaseerd op de mogelijkheid om papieren kopieën te maken. Wat doe je als Stichting Reprorecht als de kopieerapparaten – die al getransformeerd waren naar multifunctionals waarmee je ook kunt printen en scannen – steeds minder gebruikt worden om papieren kopieën te maken. Omdat alles tegenwoordig natuurlijk digitaal gekopieerd en verspreid wordt.

Dan rek je de invulling van kopiëren en verspreiden zelf maar op en poog je een nieuw bestaansrecht te geven aan je collectieve beheersorganisatie. Stichting Reprorecht liet vorige week tegenover Webwereld weten dat er gewerkt wordt aan een nieuwe reprorechtregeling die ook gaat gelden voor alle gemaakte digitale kopieën in bedrijf, school of overheidsinstelling. Hieronder zouden dan ook alle documenten komen te vallen die op een intranet gezet worden en zelfs die digitale kopietjes die als attachment worden gemaild.

Stichting Reprorecht haast zich met benadrukken dat de nieuwe regeling optioneel gaat worden – logisch want er is geen wettelijke grondslag voor het betalen van vergoedingen voor digitaal kopiëren – en dat het een onderdeel wordt van de al bestaande tarieven.  In het artikel op Webwereld maakt hoogleraar auteursrecht Dirk Visser terecht al korte metten met de achterliggende onderbouwing van Stichting Reprorecht. Waar je bij boeken, tijdschriften en kranten nog met enige mate van zekerheid kunt stellen dat alle gemaakte kopietjes tenminste ook van auteursrechtelijk beschermd materiaal worden gemaakt, kun je dat met digitale content zelfs niet met een natte vinger inschatten. Veel van wat er digitaal verspreid wordt zal eigen content zijn, of een type content waar geen vergoeding over betaald hoeft te worden (powerpoints, afbeeldingen enz) dan wel content die wel beschermd is maar waar een licentie voor aanwezig is.

Kijk maar naar het hoger onderwijs
In het hoger onderwijs is het al complex genoeg met afkoopregelingen voor gebruik van boeken, tijdschriften en kranten. Een andere collectieve beheersorganisatie, Stichting PRO, is de aangewezen partij voor het innen van de vergoedingen voor gebruik van bovenstaand materiaal in het onderwijs zelf. Middels de readerregeling was dit in het papieren tijdperk geregeld voor readers en syllabi. Ook Stichting PRO worstelde met de gang naar het digitale gebruik waardoor er een complexe en lastig werkbare procedure is ontstaan voor het aanmelden en gebruik van korte stukken uit boeken, tijdschriften of kranten in de digitale leeromgevingen.

Hoger onderwijsinstellingen betalen nu ook al de reprorechtfacturen naar aanleiding van de bestaande reprorechtregeling. In een nieuwe regeling wordt het dan ook buiten de digitale leeromgevingen een groot mijnenveld van onduidelijkheden. Digitale content waarvoor betaald is en waar toestemming via een licentie is verleend voor intern gebruik. Vrij te gebruiken content, al dan niet open access of onder een Creative Commons licentie. Alle content die men zelf geschreven heeft. Ik schat toch echt wel in dat de overgrote meerderheid van gemailde bestanden en bestanden die op het intranet geplaatst worden bestaat uit memo’s, documenten, handleidingen en procedures van de eigen medewerkers.

Nee, dat er vergoedingen betaald moeten worden voor het gebruik van auteursrechtelijk beschermd materiaal is niet meer dan redelijk. De overzichtelijkheid die er in het papieren tijdperk was is echter volledig verdwenen en inmiddels leven we in een wereld waar digitale content in alle soorten en smaken gebruikt, gekopieerd en verspreid wordt. Om dat allemaal onder één noemer, afkoopsom of regeling te gooien doet geen recht aan die werkelijkheid. Maar ook geen recht aan de makers van werken.

En daar zou het nou net wel over moeten gaan.

@ foto: avatar-1 via photopin cc
#

Raymond Snijders

Sinds 1995 houdt Raymond zich bezig met de combinatie van ICT, bibliotheken en onderwijs vanuit het perspectief van (vooral) de bibliotheek en informatievoorziening. Thans is hij werkzaam bij de Hogeschool Windesheim als senior informatiebemiddelaar en houdt hij zich bezig met de digitale bibliotheek, contentlicenties, ebooks en auteursrecht. Over deze onderwerpen en de impact die ze (kunnen) hebben op het onderwijs en bibliotheken blogt hij sinds 2006 op zijn Vakblog. In 2013 won hij de Victorine van Schaickprijs voor zijn blog.

Comments (7) Write a comment

  1. Het is van belang de licentievoorwaarden goed te lezen.
    Die geven informatie over het doel van de heffing.

    Artikel 6 stelt:

    6. Inbreuk:

    Indien Licentienemer handelt buiten de grenzen van deze voorwaarden komt de licentie onmiddellijk te vervallen. Licentienemer is alsdan schadeplichtig ten opzichte van Stichting Reprorecht en/of de betreffende auteursrechthebbenden. Verval van de licentie op grond van dit artikel leidt niet tot restitutie van reeds betaalde gelden.

    Heel simpel: een keer iets fout doen en het geld als het recht vervalt onmiddelijk en onherroepelijk.

    Gaan we nu kijken wat je allemaal fout kunt doen:

    Artikel 7 stelt:

    b. Stichting Reprorecht vrijwaart licentienemer voor alle aanspraken van auteursrechthebbenden ten aanzien van de toegestane vormen van gebruik zoals genoemd in deze voorwaarden,op voorwaarde dat Licentienemer aantoont
    dat hij volledig volgens deze Licentievoorwaarden gehandeld heeft.

    Of te wel:
    De licentienemer dient een volledige administratie bij te houden van alles wat hij gedaan heeft (omdat het anders onmogelijk is om aan te tonen dat hij zich volledig aan de voorwaarden heeft gehouden). Als men geen volledig sluitende administratie kan overleggen (van alle fotokopieerapparaten en computers en printers en andere electronische middelen waarmee men electronische kopieen kan maken en behandelen) moet dus een volledig archief bijgehouden worden (en dat mag niet in de cloud, zie hieronder) heeft men geen enkele bescherming.
    Verder is het aantal kopieen beperkt en moet men dus zelf bijhouden of men erboven uitkomt.
    Komt men erbovenuit dan heeft men niets geregeld en vervalt ook de licentie onmiddelijk.

    Ik denk dat 99% of meer van alle licentienemers niet aan deze voorwaarde voldoet.
    Die betalen wel de heffing maar hebben, als puntje bij paaltje komt slechts het recht op betalen en dat is een plicht.

    Een beperkt aantal handelingen met digitale kopieen is toegestaan. Iedere handeling daarbuiten leidt onmiddelijk tot verval van de licentie.

    Artikel 3a geeft een limitatieve opsomming; wat er niet staat mag men niet doen:
    i. Scannen.
    ii. Printen.
    iii. E-mailen als bijlage.
    iv. Opslaan op de harde schijf van Licentienemer.
    v. Op intranet plaatsen voor een periode van maximaal 30 dagen.

    Men mag geen kopie:

    faxen (heel gebruikelijk)
    opslaan in de cloud (dat is namelijk niet op de harde schijf van de licentienemer) (heel gebruikelijk)
    maken van een foto (dat is niet scannen) met mobiel of tablet (heel gebruikelijk).
    verzenden op andere wijze dan als bijlage bij de e-mail (whatsapp, dropbox, directe beveiligde verbinding) (heel gebruikelijk)
    Opslaan op enig ander medium dan de harde schijf (usb stick, CD rom of wat dan ook anders dan een harde schijf) (heel gebruikelijk)
    Opslaan van een back-up op externe wijze (heel gebruikelijk en soms verplicht om, ook als het eigen systeem crasht, toch door te kunnen werken).

    Ik denk dat iedereen hiertegen zondigt en vaak kan men niet anders omdat een andere (soms zelfs overheidsinstantie) nu eenmaal bepaalde handelingen vereisen.
    De licentie is echt heel duidelijk: doet men een keer iets fout, dan vervalt de licentie, en de licentienemer heeft te bewijzen dat hij nooit ook maar iets fout heeft gedaan.

    Verder stelt artikel 4e:

    e. Deze licentie is beperkt tot gebruik binnen de onderneming, binnen Nederland. Deze licentie biedt geen toestemming tot verspreiding van werken aan derden, zoals klanten en andere relaties.

    Het verspreiden van een (een enkele is voldoende) kopie in welke vorm dan ook (papier of electronisch) aan een klant of potentiele klant leidt tot onmiddelijk verval van de licentie.

    Ik denk dat de meeste mensen dat niet door hebben, zeker als het om het verstrekken van een enkele kopie gaat.

    Zo las ik op de site van Gebra:

    “De vaste klant die een mooie pannenset koopt, kunt u dan zonder probleem een kopietje meegeven van een recept uit het nieuwste kookboek van Jamie Oliver. U mag dat recept ook mailen of op intranet plaatsen.”

    Dat mag dus JUIST NIET, want artikel 4e stelt ondubbelzinnig:

    “Deze licentie biedt GEEN toestemming tot verspreiding van werken aan derden, zoals klanten en andere relaties.”

    Het is dus onjuist te stellen dat het maken van digitale kopieen “gedekt” zou zijn door de licentie. Dat is niet zo.

    Dat is vrijwel nooit het geval. De licentievoorwaarden zijn zo opgesteld zijn dat men altijd wel iets fout doet, wat leidt tot onmiddelijk verval van de licentie en daarmee verval vanb de “dekking” (trouwens ook van de dekking op papieren kopieen, want de licentie vervalt in zijn geheel door om het even welke “foute handeling” dan ook.

    De licentievoorwaarden zijn recent opgesteld en toen waren opslaan in de cloud en het maken van een externe back-up en de andere handelingen al welbekend. Dat kan niet anders dan betekenen dat met opzet de meeste “normale” handelingen met digitale kopieen zijn uitgesloten.

    Men heeft geen enkele keuze:
    Men moet betalen en akkoord gaan met de licentievoorwaarden waaraan geen letter veranderd kan worden.
    Doet men dat niet, dan is men verplicht aan te tonen door middel van een volledige en controleerbare administratie dat men nooit een kopietje gemaakt heeft, maakt of zal maken waarvoor mogelijkerwijs een auteursrecht geschonden is.

    Ik denk dat, als puntje bij paaltje komt, niemand aan de licentievoorwaarden voldoet, en dus iedere licentie zonder meer vervallen kan worden verklaart. Artikel 7b zal dus nooit met succes kunnen worden ingeroepen.

    Ga zelf maar eens na of je nooit iets faxt, nooit iets op een USB stick zet, nooit een externe back-up maakt, nooit iets opstuurt anders dan als bijlage bij een e-mail, nooit iets in de cloud gooit, nooit iets op facebook zet, nooit een foto met mobiel of tablet maakt, altijd je administratie perfect bijhoudt van alle kopieen (O ja, je moet ook nog controleren voordat je een kopie maakt of het niet onder de “opt-out” valt).

    Als je dat allemaal altijd perfect doet en er ook zeker van bent dat alle medewerkers van je bedrijf dat altijd perfect doen, dan kan je stellen dat het maken van digitale kopieen gedekt is door de licentie.
    Als je dat allemaal 100% kunt garanderen, dan is er iets heel erg mis met je en/of je bedrijf.

    Reply

  2. Mmm. Begrijp ik goed dat als een bedrijf een e-book koopt, het onder de werknemers van het bedrijf onbeperkt gedeeld kan worden mits de reprorecht bijdrage is betaald?

    Reply

    • Nee, absoluut niet. Reprorecht biedt in essentie alleen de mogelijkheid om legaal fysieke kopiëen te maken via printer/kopieerapparaten en die in je bedrijf verder te delen. De Stichting Reprorecht probeert weliswaar in een recentere regeling het gebruik op te rekken naar digitaal gebruik maar zoals een andere hierboven al uitgebreid constateerde zitten daar zoveel mitsen en maren aan dat je nauwelijks wat overhoudt.

      Een ebook kopiëren valt volledig buiten die regeling, het was en is hoe dan ook nooit van toepassing op een compleet fysiek boek (laat staan een ebook) en zal in de praktijk ook nog onrechtmatig zijn door licentie-overeenkomsten en algemene voorwaarden van de ebookstores waar je dat ebook koopt. Tel daarbij op dat je ook nog eens een volledige administratie van elke kopieerhandeling dient bij te houden – die zal leiden tot flink wat trammalant als ze dit constateren – en dan mag je rustig van me aannemen dat het kopieren en verspreiden van ebooks niet toegestaan is onder het reprorecht :)

      Reply

Leave a Reply

Required fields are marked *.


This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top