Voor wie is die Bibliotheekwet eigenlijk?

Vanaf 2015 ebooks voor iedereen bij de bibliotheek. Dat lijkt de samenvatting te zijn van het nieuws dat de Volkskrant – snel gevolgd door NU.nl – vanochtend naar buiten bracht. Een erg misleidende samenvatting die desalniettemin vrolijk verder werd verspreid via de sociale media door medewerkers die werkzaam zijn in de bibliotheek- en informatiesector.

Raad voor Cultuur
De aanleiding van dit nieuws is het advies dat de Raad voor Cultuur op verzoek (PDF) van minister Bussemaker vandaag uitbracht over het concept van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen, de voorgestelde nieuwe Bibliotheekwet. In dit advies (PDF) staat de Raad voor Cultuur stil bij de aspecten die door minister Bussemaker in de adviesvraag zijn aangegeven en brengen ze diverse interessante adviezen uit.

  • De maatschappelijke functies van de openbare bibliotheek moeten opnieuw worden vastgesteld. Daarbij dienen niet zozeer de belangen van de instituties zelf en de huidige werkprocessen centraal te staan, maar de functies die het stelsel naar verwachting in de toekomst zal vervullen. Met name maakt de Raad voor Cultuur zich zorgen over de rol van de fysieke bibliotheek en mist het een visie daarop. Ook in de Bibliotheekwet;
  • De raad begrijpt dat de Koninklijke Bibliotheek (KB) de Provinciale Service Organisaties (PSO’s) niet formeel kunnen aansturen. De raad vreest daarom dat fysieke en digitale innovatie zich langs gescheiden wegen ontwikkelen. De verwachting is dan dat de nagestreefde integratie van digitaal en fysiek vernieuwingsbeleid onvoldoende uit de verf komt. De raad stelt daarom voor dat de KB hier een aansturende rol krijgt.
  • De raad adviseert daarom de artikelen waarin wordt gesproken over verbinding tussen bibliotheken en onderwijs ook van toepassing te laten zijn op de hierboven genoemde publieke domeinen [media (lokale omroepen), erfgoedinstellingen (archieven en regionale historische informatiecentra en musea) en instellingen voor cultuureducatie en/of volwasseneneducatie];
  • De raad maakt zich zorgen over het creëren van een stelsel als 88% van de bibliotheken op dit moment  geconfronteerd wordt met bezuinigingen en er geen enkele nadruk in de Bibliotheekwet komt te liggen op belang en noodzaak voor gemeentes een lokale bibliotheekvoorziening in stand te houden. En voorziet dat juist de ontwikkeling van een digitale bibliotheekvoorziening daar nog grotere problemen in kan veroorzaken: Het is niet ondenkbaar dat gemeenten hun openbare bibliotheekvoorzieningen verder zullen afbouwen, met het argument dat de landelijke digitale bibliotheekvoorziening de burger reeds afdoende bedient. De raad adviseert u daarom in de wet aan te geven welk belang een openbare bibliotheekvoorziening voor (de inwoners) van een gemeente heeft;
  • De raad is geen voorstander van drie bestuurslagen in het openbare bibliotheekveld. Weliswaar doet de wet een poging de provinciale laag efficiënter te maken, maar de raad blijft van mening dat niet overtuigend wordt aangetoond dat een intermediaire laag tussen lokale bibliotheekorganisaties en KB werkelijk noodzakelijk is. Er is in het veld behoefte aan effectief ingerichte organisaties op lokaal niveau, maar niet aan additionele bestuursstructuren voor coördinatie en ondersteuning. De raad adviseert u daarom opnieuw de verantwoordelijkheden van de PSO’s over te dragen aan gemeenten en het Rijk.;
  • Over de digitale bibliotheek herhaalt de raad eigenlijk alleen maar de stand van zaken: Het Europese auteursrechtelijke kader laat geen ruimte voor de invoering op nationaal niveau van een wettelijke uitzondering die e-lending door openbare bibliotheken toestaat. Dit betekent dat het uitlenen van e-content zal moeten plaatsvinden op basis van contractuele afspraken tussen betrokken partijen (auteurs, uitgevers, rechtenorganisaties, distributeurs en bibliotheken). Wanneer collectieve afspraken en bekostiging niet mogelijk zijn, moeten rechten dus per boek, per individuele uitgever c.q. per rechthebbende geregeld worden. Dit kan een arbeidsintensief en kostbaar proces worden. De raad ondersteunt daarbij wel het voornemen van het Rijk om daar verantwoordelijkheid in te nemen zodat een digitale bibliotheek ook tot stand kan komen. Met de kanttekening dat deze digitale bibliotheek niet alleen voor bibliotheekleden maar ook voor niet-leden toegankelijk moet zijn;

Als ik dat advies zelf samenvat dan stuurt de raad terecht aan op veel aandacht voor de organisatie van het stelsel met minder bestuurslagen en veel samenwerking met onderwijs en publieke domeinen. Daarnaast benadrukt de raad dat er aandacht en visie moet blijven/komen voor de lokale fysieke bibliotheekvoorzieningen. Ook al is het mogelijk maken van de digitale bibliotheek een belangrijke reden voor de totstandkoming van een nieuwe Bibliotheekwet, de raad heeft daar weinig meer over te zeggen dan dat ze het een goed idee vinden.

Hoezo grootschalig uitlenen van ebooks?
Heel bijzonder eigenlijk dat het dan toch ineens weer over ebooks gaat in de media. Natuurlijk, het is een onderwerp dat bijna permanent de aandacht trekt als het gaat om de toekomst van de openbare bibliotheken maar het verbaast me dat de bibliotheeksector zelf alle ontwikkelingen rondom de Bibliotheekwet niet duidt en toelicht vanuit hun perspectief. Het blijft stil vanuit de VOB, SIOB, KB, BNL, DBNL, ongeacht welk aspect van het bibliotheekwerk en de Bibliotheekwet in het nieuws komt. Het blijft zelfs zo angstvallig stil als het over uitlenen van ebooks gaat dat iedereen zijn eigen conclusies maar meteen trekt. Iemand ondersteunt het wetsvoorstel? Oh, dan komen die ebooks er wel in 2015.

Eenmaal andermaal, iemand nog een reactie?
Behalve de Raad voor Cultuur – wiens mening gevraagd werd – zijn er vorige maand tijdens de internetconsultatie voor de nieuwe wet nog 168 anderen die hun mening hierover gegeven hebben. De reactie die het meest in het oog sprong was een uitgebreide brief van het Nederlands Uitgeversverbond (NUV) die met een stortvloed aan argumenten het speelveld van de bibliotheken leek te willen inperken. Zorgen over tarieven, intellectueel eigendom, mogelijke marktverstoring, de ‘gevaren’ van collectieve inkoop, de rol van de Koninklijke Bibliotheek en dat bibliotheken vooral zelf geen context moeten willen aanbrengen aan ‘hun’ materialen wekken bij mij vooral de indruk dat uitgevers hun eigen belangen veilig willen stellen maar ook hierop volgt slechts een oorverdovend stilzwijgen vanuit de bibliotheeksector. Ook bij het artikel op de site van Bibliotheekblad blijft het uiteindelijk bij het uiteen zetten van de argumenten van de NUV zonder dat je het tegengeluid van de partijen hoort die toch het meeste belang zouden moeten hebben bij de Bibliotheekwet.

Dus voor wie is die Bibliotheekwet nu?
Gelukkig vindt de overheid het noodzakelijk om de maatschappelijke functies van openbare bibliotheken in een eigen wet vast te leggen tezamen met de organisatie van dit stelsel en de complexe materie van een landelijke digitale bibliotheek. Ik kan er alleen maar niet achter komen waarom de partijen die onderdeel uitmaken van dit stelsel niet met een uitgebreide voorlichtingscampagne zijn gekomen en proactief & zichtbaar meepraten in de discussies die gaande zijn. Nu is het de Raad voor Cultuur met enkele rake opmerkingen over het in stand houden van lokale bibliotheekvoorzieningen die toch echt uit de bibliotheeksector zelf hadden moeten komen. Alle media-aandacht gaat naar de ‘zorgen’ die uitgevers hebben en die duidelijk willen maken dat bibliotheken hun plaats moeten kennen. Zonder dat daar een stellingname tegenover wordt gezet dat het een wet voor bibliotheken is en geen wet voor uitgevers.

Als de bibliotheeksector zelf niet duidelijk maakt wat hun visie is, hoe ze maatschappelijk relevant kunnen blijven en niet strijdt voor hun belangen, hoe kun je dan van anderen verwachten dat ze die belangen respecteren?

Wil je die Bibliotheekwet dan uberhaupt wel? Of hoopt de gehele bibliotheeksector dat die wet alle problemen rondom de digitale bibliotheek en een ebookdienstverlening ‘van bovenaf’ oplost zodat we er zelf niet mee aan de slag hoeven?

#

Raymond Snijders

Sinds 1995 houdt Raymond zich bezig met de combinatie van ICT, bibliotheken en onderwijs vanuit het perspectief van (vooral) de bibliotheek en informatievoorziening. Thans is hij werkzaam bij de Hogeschool Windesheim als senior informatiebemiddelaar en houdt hij zich bezig met de digitale bibliotheek, contentlicenties, ebooks en auteursrecht. Over deze onderwerpen en de impact die ze (kunnen) hebben op het onderwijs en bibliotheken blogt hij sinds 2006 op zijn Vakblog. In 2013 won hij de Victorine van Schaickprijs voor zijn blog.

Comments (12) Write a comment

  1. Pingback: Bibliotheekwet: van concept naar wetsvoorstel | Vakblog

Leave a Reply

Required fields are marked *.


This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top