Over verweesde werken, de Auteurswet en digitaliseren van collecties

verweesde werken

Bibliotheken, onderwijsinstellingen, musea maar bijvoorbeeld ook publieke omroeporga­nisaties houden zich al jaren bezig met de grootschalige digitalisering van hun collecties of archieven om digitale bibliotheken te creëren die dat culturele erfgoed beschikbaar maakt voor het grote publiek. Ook al is dat een nobel streven natuurlijk, het betekent nog steeds niet dat deze erfgoedinstellingen zo maar alles uit hun collecties kunnen digitaliseren en online ter beschikking kunnen stellen. Er rust auteursrecht op een groot deel van deze collecties en dat betekent dat instellingen verplicht toestemming moeten vragen als ze auteursrechtelijk beschermd werk uit hun verzamelingen willen reproduceren of online openbaar maken.

Tussen droom en daad staat de Auteurswet
De Koninklijke Bibliotheek is een mooi en zichtbaar voorbeeld van een erfgoedinstelling die veel initiatieven ontplooid heeft in het digitaliseren en aanbieden van historische werken uit hun collecties. Toch zijn ze beperkt in die ambitie tot de werken van voor 1870 als ze op veilig willen spelen aangezien die met een beschermingsduur van 70 jaar na het overlijden van de maker gegarandeerd niet meer auteursrechtelijk beschermd zijn. Vanzelfsprekend kunnen en willen instellingen zichzelf niet beperken in het aanbieden van digitale collecties door alleen materiaal t/m het einde van de 19e eeuw op te nemen. En dat is de reden dat voor 20ste eeuwse werken uitgebreide procedures ontwikkeld moeten worden om de auteursrechten te regelen.

Alsof dit al niet genoeg werk oplevert is het digitaliseren en beschikbaar maken van zogeheten verweesde werken een additioneel groot probleem. Verweesde werken zijn werken die weliswaar auteursrechtelijk beschermd zijn maar waarvan de rechthebbenden niet bekend zijn. Het gaat in elke collectie materiaal vaak om enorme aantallen, wat alleen maar groeit naar mate de werken ouder zijn/worden, en waarbij telkens de belangen van het digitaal beschikbaar maken afgewogen worden tegen de kosten van het traceren van -en toestemming vragen aan- de rechthebbenden. Ook al gaat dit tegen het auteursrecht in, steeds vaker prevaleert het belang om de werken te behouden in de groeiende digitale collecties van bibliotheken en erfgoedinstellingen. Zo nam eind 2012 de Koninklijke Bibliotheek al het besluit om voor haar tijdschriftenproject 1850-1940 een opt out in te stellen voor rechthebbenden: niet meer op zoek gaan naar rechthebbenden en toestemming vragen maar een bezwaarmogelijkheid geven indien rechthebbenden zich achteraf zouden melden.

Van een Europese richtlijn…
Zo ver als de Koninklijke Bibliotheek ging het Europees Parlement een maand later niet in oktober 2012 maar werd er wel een Europese richtlijn 2012/28/EU (PDF) vastgesteld die de wettelijke mogelijkheden verruimde voor publieke instellingen om juist dergelijk verweesd erfgoedmateriaal online beschikbaar te maken. Niet met een opt out regeling – want instellingen dienen nog steeds een grondig onderzoek te doen naar eventuele rechthebbenden – maar deze zoektocht werd wel afgebakend tot een aantal vastgestelde bronnen die geraadpleegd moeten worden (en die in de bijlage van de richtlijn zijn opgenomen). Zijn de rechthebbenden niet gevonden, dan kan het werk als verweesd worden bestempeld en gedigitaliseerd worden. Rechthebbenden behouden het recht om achteraf die status alsnog te beëindigen en een vergoeding voor het gebruik ervan te ontvangen.

… tot Nederlandse wetgeving
Een Europese richtlijn is niet vrijblijvend voor de Europese lidstaten. Ook Nederland is ertoe gehouden de richtlijn uiterlijk 29 oktober 2014 in Nederlands recht om te zetten en eerder deze week ging een Wetsvoorstel Wijziging van de Auteurswet en de Wet op de naburige rechten naar de Tweede Kamer toe die richtlijn 2012/28/EU implementeert in beide wetten.

De memorie van toelichting vat het wetsvoorstel netjes samen op pagina 3:

Kern van het wetsvoorstel vormen de artikelen 16o en 17 Auteurswet en artikel 10, onderdeel l, Wet op de naburige rechten waarin overeenkomstig artikel 6 van de richtlijn wordt voorzien in een nieuwe exceptie op het auteursrecht respectievelijk het naburig recht op grond waarvan bepaalde (erfgoed-)organisaties verweesde werken online toegankelijk mogen maken. […]

Artikel 16p implementeert artikel 3 van de richtlijn en bevat de wettelijke grondslag voor het opstellen van een algemene maatregel van bestuur, waarin de bronnen zijn opgenomen die in Nederland moeten worden geraadpleegd alvorens gesproken kan worden van zorgvuldig onderzoek naar de rechthebbende. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden voorts nadere regels gegeven over de gegevens die de erfgoed-organisatie moet doorgegeven aan een nader te bepalen overheidsinstantie opdat het verweesde werk kan worden geregistreerd in een Europese centrale databank verweesde werken.

Artikel 16q implementeert artikel 5 van de richtlijn waarin is bepaald dat het gebruik op grond van de beperking dient te eindigen, zodra de rechthebbende alsnog gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid om de status van verweesd werk te beëindigen. Tevens bepaalt dit artikel dat rechthebbenden die zich naderhand melden recht hebben op een billijke compensatie voor het gebruik dat van hun werken is gemaakt. Het gebruik kan vervolgens uiteraard wel worden voortgezet op basis van toestemming van de rechthebbende.

Artikel 16o regelt welke categorieën werken als verweesd werk kunnen worden aangemerkt, welke organisaties die werken op grond van de richtlijn mogen gebruiken en op welke wijze die organisaties de verweesde werken mogen gebruiken. Bij de organisaties worden ook onderwijsinstellingen meegerekend en het wetsvoorstel regelt ook meteen dat deze instellingen nu eveneens vermeld worden bij de overige artikelen in de Auteurswet die voor erfgoedinstellingen van toepassing zijn (artikelen 15h over raadpleging van werken via een terminal en 16n die de preserverings- of restauratie uitzondering bevat). In lid 3 van artikel 16o worden ook nog enkele andere hindernissen bij digitalisering uit de weg geruimd: niet gepubliceerde werken kunnen openbaar gemaakt worden als de aanname gedaan kan worden dat de rechthebbende geen bezwaar zou hebben gehad, wat op bijv. dagboeken uit nalatenschappen van toepassing is. En gedeeltelijk verweesde werken – als er wel één of meer rechthebbenden opgespoord zijn maar niet alle rechthebbenden gevonden zijn – kunnen in tegenstelling tot voorheen nu gedigitaliseerd en openbaar gemaakt worden mits de wel opgespoorde rechthebbende(n) daar toestemming voor geven.

Artikel 16p regelt wat een instelling moet doen voordat de status van verweesd aan een werk toegekend kan worden, waar de zoekinspanningen moeten worden uitgevoerd, welke informatie na afloop van het onderzoek moeten worden bijgehouden en welke informatie moet worden doorgegeven aan de overheid. De bronnenlijst zal in een algemene maatregel van bestuur worden opgesteld en bijgehouden. Belangrijke toevoeging (en consequentie van een registratie van de verweesde werken in een Europese centrale databank) is de wederzijdse erkenning van de status als verweesd werk: als er eenmaal onderzoek is gedaan hoeft dat door een andere erfgoedinstelling niet nog een keer gedaan te worden voor hetzelfde werk.

Het schoolvoorbeeld van werken waar het bijzonder lastig en arbeidsintensief is om de auteursrechten te regelen zijn tv-uitzendingen van omroepen. Daar zijn vele rechthebbenden bij betrokken die allen toestemming moeten geven voordat een uitzending online beschikbaar kan worden gemaakt. In de richtlijn wordt specifiek het belang aangegeven om verweesde tv-uitzendingen van Europese publieke omroeporganisaties beschikbaar te kunnen maken. Dit is in het wetsvoorstel in artikel 17 geïmplementeerd en het regelt de exceptie inzake verweesde werken met betrekking tot publieke media-instellingen. In Nederland gaat het dan om de publieke media-instellingen die op grond van de Mediawet 2008 bij of krachtens de wet zijn ingesteld, erkend of aangewezen. Dit zijn op landelijke niveau de NPO, NOS, NTR en STER (tot 1-1-2016), de door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap erkende omroepverenigingen, de kerkgenootschappen en genootschappen op geestelijke grondslag. Op regionaal en lokaal niveau betreft het de door het Commissariaat voor de Media aangewezen media-instellingen. In het wetsvoorstel is er echter een einddatum ingebouwd: er kan slechts gebruik gemaakt worden van de beperking voor zover het producties betreft die tot stand zijn gekomen voor 1 januari 2003. De achterliggende overweging hierbij is dat media-instellingen zelf prima afspraken kunnen maken met de makers van de producties en dat de instellingen dus zelf een verantwoordelijkheid dienen te nemen om te voorkomen dat er verweesde werken (blijven) ontstaan.

De tijd gaat … nu… in
Het wetsvoorstel zal nu geagendeerd en behandeld moeten worden in de Tweede Kamer. Dat zal hoogstwaarschijnlijk niet leiden tot hele grote wijzigingen aangezien het grootste deel rechtstreeks uit de richtlijn overgenomen is (en dient te worden). En de deadline ligt al vast gezien de termijn van twee jaar, waardoor de wetswijziging gepubliceerd zal moeten worden in het Staatsblad van 28 oktober 2014.

Het is in elk geval een mooie stap vooruit in het kunnen digitaliseren en online beschikbaar van het culturele erfgoed door de diverse erfgoedinstellingen. Auteursrechtwetgeving gaat ook gewoon met de tijd mee, ook al zullen bibliotheken, onderwijsinstellingen, musea en archieven het waarschijnlijk altijd wel een vervelende hindernis blijven vinden in hun streven om alles te digitaliseren. Ook de Koninklijke Bibliotheek zal de opt out regeling los moeten laten en in de toekomst weer grondig onderzoek moeten doen om rechthebbenden van verweesde werken op te sporen. Dat zal echter wel aanzienlijk beter afgebakend zijn voor een betere balans tussen de belangen van rechthebbenden en de belangen van de Koninklijke Bibliotheek zelf.

@ foto: Thomas Hawk via Flickr Creative Commons
Update 16-9-2014: De “Wijziging van de Auteurswet en de Wet op de naburige rechten in verband met de implementatie van de Richtlijn nr. 2012/28/EU inzake bepaalde toegestane gebruikswijzen van verweesde werken; Gewijzigd voorstel van wet” (PDF) is op 16 september 2014 gepubliceerd door de Eerste Kamer der Staten-Generaal.

#

Raymond Snijders

Sinds 1995 houdt Raymond zich bezig met de combinatie van ICT, bibliotheken en onderwijs vanuit het perspectief van (vooral) de bibliotheek en informatievoorziening. Thans is hij werkzaam bij de Hogeschool Windesheim als senior informatiebemiddelaar en houdt hij zich bezig met de digitale bibliotheek, contentlicenties, ebooks en auteursrecht. Over deze onderwerpen en de impact die ze (kunnen) hebben op het onderwijs en bibliotheken blogt hij sinds 2006 op zijn Vakblog. In 2013 won hij de Victorine van Schaickprijs voor zijn blog.

Comments (14) Write a comment

  1. Het is een minieme stap vooruit. Het publiceren van verweesde werken met een disclaimer is allang een gangbare praktijk en heeft zelden tot problemen geleid. Dat daar nu een wettelijke basis voor komt is mooi maar verandert weinig of niets aan de praktijk.

    Reply

  2. Pingback: Tweetweekoverzicht: Kobo en Bol, de troonrede, een nieuwe Kindle en meer - Vakblog

  3. Pingback: Tweetweekoverzicht: Yahoo, iPads van de zaak, LeesID, Grooveshark, Feedly en minder gedoe met cookies - Vakblog

  4. Pingback: Auteursrecht en de bibliotheek: over het bibliotheekprivilege in de Auteurswet - Vakblog

  5. Pingback: Legaal gearchiveerd: speel MS-DOS spellen in je browser bij The Internet Archive - Vakblog

  6. Pingback: Auteursrechten in de onderwijspraktijk: een presentatie voor het NAI-hbo - Vakblog

  7. Pingback: Conclusie van Advocaat-Generaal Europees Hof van Justitie: Franse wet over niet meer leverbare boeken is niet te verenigen met de Europese auteursrechtrichtlijn - Vakblog

Leave a Reply

Required fields are marked *.


This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top