Auteursrechten en video: waar moet je op letten bij het videoportaal van je eigen instelling?

Er valt veel te zeggen over de auteursrechtelijke aspecten van het gebruik van video in het onderwijs. Maar dat wordt veel concreter als docenten zelf de mogelijkheid krijgen om video’s – ten behoeve van het onderwijs – te kunnen plaatsen op een videoportaal van de eigen onderwijsinstelling. Ineens maken ze zelf videowerken openbaar en dat is toch heel wat anders dan andermans video’s in de lessen gebruiken. Naar aanleiding van de introductie van een videoportaal voor de docenten van Windesheim, hield ik een korte presentatie over wat dit nou precies inhoudt qua auteursrecht voor docenten die hiermee aan de slag willen gaan. De inhoud ervan heb ik hieronder uitgewerkt omdat een Powerpoint-presentatie nou eenmaal geen recht doet aan het verhaal zelf.

Wat is auteursrecht (en waarom is dat relevant voor het onderwijs)?

Artikel 1 van de Auteurswet stelt dat auteursrecht het uitsluitend recht is van de maker van een werk van letterkunde, wetenschap of kunst, of van diens rechtverkrijgenden, om dit openbaar te maken en te verveelvoudigen, behoudens de beperkingen, bij de wet gesteld.

Iets eenvoudiger gezegd betekent het dat als je een werk maakt – en een video is een werk – alleen jij het recht hebt om dat openbaar te maken en te kopiëren. Ben jij niet de rechthebbende? Dan heb je toestemming van die persoon nodig om andermans werken te mogen gebruiken.

Voor het onderwijs betekent het dat je voor bijna al het onderwijsmateriaal dat je ontwikkelt of gebruikt, te maken hebt met auteursrecht. Tenzij je iets volledig zelf schrijft of opneemt, maak je veelal gebruik van delen van andermans werken en moet daar in beginsel toestemming voor zijn om dat te mogen gebruiken.

Van wie is de video en aan wie moet je die toestemming vragen dan?

De Auteurswet wijst degene die de intellectuele of creatieve prestatie levert aan als maker (en daarmee de rechthebbende) van een werk. Bij artikelen of boeken zijn dat natuurlijk de auteurs hoewel die hun rechten ook (deels) overgedragen kunnen hebben aan een uitgever. Bij video en film is dat vaak iets complexer omdat dit een samenspel is van rechten van tekstschrijvers, producenten, regisseurs en acteurs. Het is dan niet altijd duidelijk bij wie je moet zijn om toestemming te vragen. Daarbij heb je vaak ook nog te maken met muziekrechten en, in het geval van zelf gemaakte onderwijsvideo’s, privacy-aspecten van de personen die in beeld komen.

Hoezo openbaar maken? Ik zet alleen maar een video op het videoportaal!

Openbaar maken is het verspreiden, delen, uploaden, vertonen, voordragen, verhuren, uitlenen of uitzenden van een werk. Dat moet wel naar een breed publiek toe – je kunt niet iets openbaar maken in je huiskamer of leslokaal – maar een video uploaden naar een videoserver valt absoluut binnen de definitie van een openbaarmaking. Ook als die video alleen binnen de instelling te bekijken is want je hebt het dan nog steeds over (tien)duizenden studenten die deze video’s kunnen bekijken. Overigens is zelfs het uploaden van een video in de digitale leeromgeving al een openbaarmaking dus dat ‘brede publiek’ hoeft helemaal niet zo groot te zijn.

Openbaar maken doe je ook (nog steeds) als je een video downloadt – en weer uploadt – die je elders op internet gevonden hebt, zoals op YouTube, Vimeo, Uitzending Gemist of welk platform dan ook. Het feit dat ze vrij toegankelijk op internet staan betekent niet dat ze vrij te gebruiken zijn. Het blijven auteursrechtelijk beschermde werken waarvoor je nog steeds toestemming nodig hebt als je ze voor eigen doeleinden wilt gebruiken.

Al die platformen bieden wel de mogelijkheid om te kunnen linken naar een video die daar staat. Dat kan vaak ook als embedded link waardoor de video wordt getoond op de plek waar jij de link hebt staan (zoals de Powerpoint-presentatie bovenaan die bij Slideshare geupload is). Linken is geen openbaarmaking en mag dus zonder toestemming gedaan worden.

Waar moet je nou op letten?

Je kunt met veel unieke auteursrechtelijke situaties te maken krijgen. Zo kunnen auteursrechten een rol spelen in de vorm van het portretrecht van personen die op de video te zien zijn, bij het gebruik van beelden of video die je zelf elders vandaan hebt gehaald maar ook bij de achtergrondmuziek die je eventueel gebruikt.

Bij YouTube wordt hier geautomatiseerd op gecontroleerd met hun Content ID systeem en bij Vimeo via hun Copyright Match systeem maar dat is bij eigen videoportalen allemaal niet aan de orde. Dat betekent dat je nog meer dan bij YouTube en Vimeo een eigen verantwoordelijkheid hebt als het gaat om de rechten van anderen.

Dat lijkt echter gecompliceerder dan het feitelijk is want uiteindelijk heb je maar twee scenario’s:

1. Je hebt zelf de video (laten) maken en jij bent de rechthebbende.

Dat geeft jou dus het recht om de video te uploaden en beschikbaar te maken aan anderen. Hierbij moet je wel opletten dat je ook echt de rechthebbende bent van alles wat er in die video voorkomt. Gebruik je foto’s, muziek of fragmenten uit andere video’s in je eigen videoproductie? Dan moet je daar dus toestemming voor hebben om het zelf te gebruiken in jouw video. Die toestemming moet ook nog eens ruim genoeg zijn dat je de gemaakte video openbaar maakt.

  • Zijn er studenten of andere mensen in beeld die bezwaren zouden kunnen hebben als de video door iedereen binnen of buiten de onderwijsinstelling te zien zou zijn? Informeer mensen die je opneemt van te voren zodat niemand onaangenaam verrast wordt en zich eventueel beroept op hun portretrecht om publicatie van de video te voorkomen;
  • Heb je gebruik gemaakt van fragmenten uit andere video’s? Dan kan dat dus waarschijnlijk onder het citaatrecht (een beeldcitaat) mits je je wel aan de voorwaarden van een citaat voldoet. Zo moet het citaat ter ondersteuning zijn van de inhoud, moet de omvang van het citaat in verhouding staan tot het doel (bij video mag je slechts korte fragmenten gebruiken) en moet er, bijv. in de aftiteling, te zien zijn wat de gebruikte bron was. Het is wel verstandig om voorzichtig te zijn met wat je precies citeert. Vooral als er commerciële belangen spelen (je gebruikt fragmenten of foto’s die ook door een filmmaatschappij of fotograaf verkocht worden), kan het al snel een vervelende discussie opleveren omdat de rechthebbende per se niet wil dat je er gebruik van maakt. Aangezien de criteria van een citaat generiek omschreven zijn in de wet kan zo’n discussie alleen maar door een rechter beëindigd worden die een oordeel velt over die specifieke casus;
  • Maak je gebruik van foto’s en afbeeldingen in je video? Denk dan aan het grote aanbod van foto’s met een Creative Commons licentie, waarbij alle voorkomende CC-licenties toestemming geven voor hergebruik in het onderwijs. Daarnaast zijn er beeldbanken zoals ImageQuest die door een instelling beschikbaar gesteld worden aan docenten en studenten met miljoenen foto’s die voor educatieve doeleinden hergebruikt mogen worden in videoproducties.
  • Staat er muziek onder gemonteerd of is er muziek te horen in de video? Zorg er dan voor dat dit muziek is die je ook mag gebruiken en gebruik geen commerciële top 40 muziek. Er zijn vele sites te vinden waar je vrij te gebruiken muziek kunt vinden of muziek die je onder een Creative Commons licentie kunt gebruiken. Een paar nuttige sites zijn:

2. Je gebruikt een video die door een ander is geproduceerd.

  • Als je een video hebt geript van een dvd, Uitzending Gemist of YouTube om die vervolgens zelf weer te uploaden naar het eigen videoportaal (of YouTube), dan maak je simpelweg inbreuk op het auteursrecht. Doe dit dus niet;
  • Wil je toch andermans video’s uploaden? Zorg dan dat je (schriftelijk) toestemming hebt van de oorspronkelijke maker van die video om dat te doen. Hierbij moet duidelijk omschreven zijn voor welk doel die toestemming geldt;
  • Geen toestemming? Kijk dan of je vanuit een presentatie of in de digitale leeromgeving kunt linken naar de video. In het geval van tv-uitzendingen van de publieke omroepen kun je, behalve naar Uitzending Gemist, ook linken naar de afleveringen in Academia. Dit is een (betaalde) databank met gedigitaliseerde uitzendingen van de publieke omroepen die permanent beschikbaar zijn daar. Veel onderwijsinstellingen hebben een licentie op deze databank.

#

Raymond Snijders

Sinds 1995 houdt Raymond zich bezig met de combinatie van ICT, bibliotheken en onderwijs vanuit het perspectief van (vooral) de bibliotheek en informatievoorziening. Thans is hij werkzaam bij de Hogeschool Windesheim als senior informatiebemiddelaar en houdt hij zich bezig met de digitale bibliotheek, contentlicenties, ebooks en auteursrecht. Over deze onderwerpen en de impact die ze (kunnen) hebben op het onderwijs en bibliotheken blogt hij sinds 2006 op zijn Vakblog. In 2013 won hij de Victorine van Schaickprijs voor zijn blog.

Comments (10) Write a comment

  1. Misschien hier al aan de orde geweest, maar hoe zit het met het op een website openbaar maken van een brief van een verre voorouder van me die ikzelf in het Nationaal Archief heb gefotografeerd? In het verleden moest je bij NA per stuk dat je fotografeerde een papiertje invullen waarbij je je akkoord verklaarde met zowel bronvermelding in een voorgescheven format als betaling van publicatierecht indien je tot publicatie over zou gaan. Tegenwoordig hoef je zoiets niet meer te tekenen, ligt er wel op de balie nog een kaartje waarop onder andere staat dat je zelf verantwoordelijk bent voor eventuele juridische gevolgen wanneer het materiaal gebruikt wordt voor publicatiedoeleinden. Het Internet wemelt inmiddels van de amateurfoto’s van archiefstukken zonder bronvermelding of afdracht aan NA.

    Reply

    • Dit specifieke voorval heb ik nooit bij de hand gehad maar het is in beginsel ‘standaard’ auteursrecht. Dit betekent dat een dergelijke brief vrij is van auteursrecht, zeventig jaar na het overlijden van je voorouder. Als zo’n brief onderdeel uitmaakt van een collectie van het Nationaal Archief kunnen daar echter wel andere afspraken en regels bij komen als onderdeel van de voorwaarden om die collectie te mogen tonen. Het betekent maar zelden dat het Nationaal Archief zelf de auteursrechten verwerft van dergelijke documenten want die zijn immers al verlopen. Het papiertje wat je vroeger moest invullen heeft ongetwijfeld meer te maken met hun eigen voorwaarden als je documenten uit hun collectie wilt gebruiken in officiële publicaties dan met auteursrechtelijke vergoedingen en dat zal ook de reden zijn dat ze dat, in het tijdperk van internet waar je veel laagdrempeliger foto’s publiceert, afgeschaft hebben.

      Oftewel, tenzij duidelijk een auteursrechtelijke claim aangegeven wordt bij zo’n brief, mag je die fotograferen en publiceren op je eigen site. Van (verre) voorouders mag je aannemen dat ze minstens 70 jaar niet meer onder ons zijn :)

      Reply

  2. Wat een helder stuk. Daar ga ik op meer manieren naar linken binnen de #NHTV.

    Reply

  3. Pingback: Over downloaden van YouTube video’s (met Creative Commons licentie) - Vakblog

Leave a Reply

Required fields are marked *.


This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top