Foto’s, afbeeldingen en tekeningen in het onderwijs gebruiken. Hoe regel je dat nou netjes?

foto's afbeeldingen en tekeningen in het onderwijs
Bij het gebruik van andermans werken in het onderwijs ligt de nadruk meestal op artikelen en (delen uit) boeken die door docenten in readers, syllabi en in de digitale leeromgevingen als onderwijsmateriaal worden gebruikt. Dat is historisch zo gegroeid omdat ‘in het papieren tijdperk’ het onderwijsmateriaal nu eenmaal niet multimediaal was en bijna exclusief bestond uit overgenomen artikelen en hoofdstukken uit boeken. Als je dan naar het (auteursrechtelijk) correct gebruiken van dit materiaal kijkt, dan had – en heb – je het over de readerovereenkomst waarin het hoger onderwijs sinds halverwege jaren 80 afspraken maakt met de rechthebbenden. En aangezien er net een nieuwe readerovereenkomst (voor het hbo) van kracht is geworden zou je kunnen denken dat daarmee alles geregeld is.

Maar er worden veel meer soorten werken in het onderwijs gebruikt, zeker nu de focus al lang niet meer alleen op teksten ligt. In Powerpoints, in digitale readers en in de digitale leeromgeving worden veel foto’s, afbeeldingen en tekeningen gebruikt. Meestal ter illustratie bij een tekst om een argument of verhaal te ondersteunen. Om het onderwijsmateriaal kwalitatief beter te maken. Mits een docent zorgvuldig dat beeldmateriaal selecteert natuurlijk.

Maar wat is zorgvuldig in het onderwijs?

Zorgvuldig betekent aan één kant dat de foto, afbeelding of tekening moet passen bij wat er aan onderwijs gegeven wordt. Het moet functioneel zijn, iets toevoegen en natuurlijk bedoeld zijn ter toelichting bij het onderwijs, niet om iets op te leuken. Aan de andere kant betekent zorgvuldig ook dat er, net als bij artikelen en hoofdstukken uit boeken, gelet moet worden op de auteursrechtelijke aspecten. Want ook foto’s, afbeeldingen en tekeningen zijn gewoon auteursrechtelijk beschermde werken. Met alle soms gecompliceerde gevolgen van dien.

Foto’s, afbeeldingen en tekeningen in de Auteurswet

De overeenkomsten tussen het auteursrechtelijk gebruik van beeldmateriaal en dat van teksten zijn groot. Dat is niet vreemd want de Auteurswet maakt geen onderscheid tussen de twee:

  • Teksten kun je conform de citaatexceptie (het citaatrecht) citeren mits er aan een aantal voorwaarden voldaan wordt maar dat geldt ook voor beeldmateriaal. Of je nou tekst citeert of een beeldcitaat gebruikt, voor beide gelden dezelfde regels;
  • Neem je teksten over voor eigen oefening, studie of gebruik? Dat mag onder de thuiskopie-exceptie zolang je het dus maar niet openbaar maakt. Het is niet anders voor foto’s, afbeeldingen of tekeningen;
  • De onderwijsexceptie maakt het mogelijk dat onder voorwaarden korte werken zonder toestemming gebruikt mogen worden ‘ter toelichting bij het onderwijs’. Bij de uitwerking ervan wordt bijna altijd uitgegaan van teksten maar lid 2 van dat artikel voegt daar iets aan toe. Een drietal categorieën van werken mogen onder diezelfde voorwaarden zelfs volledig overgenomen worden: schilder- en bouwwerken, foto’s en tekeningen/modellen. Foto’s, afbeeldingen en tekeningen mogen dus eveneens onder de onderwijs-exceptie gebruikt worden.

Maar hoe werkt dat nou in de praktijk?

Fijn dat de Auteurswet meerdere opties geeft voor het onderwijs om beeldmateriaal te gebruiken maar de praktijk is een stuk weerbarstiger. Minstens zo weerbarstig als met teksten want wanneer is iets nou wel of niet een correct citaat? Die definities zijn expres generiek geformuleerd in de Auteurswet maar dat maakt het ook meteen lastig om goed toe te passen.

Daarnaast kunnen docenten zich niet beroepen op de thuiskopie-exceptie als ze het onderwijsmateriaal breder beschikbaar willen maken (en dat is toch echt meestal de bedoeling). En welke opties de onderwijs-exceptie geeft, dat is ook niet duidelijk.

Sterker nog, in de readerovereenkomst zijn de afspraken rondom het gebruik van beeldmateriaal in het onderwijs min of meer verstopt in de toelichting:

Ook voor foto’s en tekeningen geldt krachtens artikel 16 lid 2 Auteurswet dat deze als kort werk voor hetzelfde doel en onder dezelfde voorwaarden geheel mogen worden overgenomen. Op grond van artikel 16 lid 3 Auteurswet geldt daarbij dat voor het overnemen in een reader van dezelfde maker (fotograaf, tekenaar of beeldend kunstenaar) niet meer mag worden overgenomen dan enkele van zijn werken. Om vast te stellen of een overname een kort gedeelte is, worden de foto’s en tekeningen tevens meegenomen in de berekening van het aantal woorden, foto of tekening wordt geacht de omvang te hebben van 200 woorden, respectievelijk een halve pagina. Net zoals bij grafieken geldt dat, in geval uitsluitend foto’s of tekeningen uit een uitgave worden overgenomen, iedere overgenomen foto of tekening wordt berekend als 200 woorden, respectievelijk een halve pagina.

Aangezien de grens van een overname op 10.000 is gesteld voor teksten, zou je dit kunnen interpreteren als de mogelijkheid om net zo veel foto’s (die voor 200 woorden meetellen) toe te voegen aan je onderwijsmateriaal tot je – samen met de tekst – aan die limiet van 10.000 woorden komt. Maar ja, bij foto’s en afbeeldingen is juist geen sprake van een gedeeltelijke/korte overname dus waarom geldt die beperking alsnog? En wat moet je met die andere beperking van ‘niet meer mag worden overgenomen dan enkele van zijn werken’ als het om dezelfde maker gaat (die afkomstig is uit lid 3 van de onderwijs-exceptie?)

Maar er speelt nog iets anders bij beeldmateriaal. Meer dan bij teksten heerst er een hardnekkig misverstand bij mensen dat foto’s en plaatjes vrijelijk gebruikt mogen worden als je ze van internet haalt. Dat strekt zich ook uit tot docenten die denken dat je beeldmateriaal van het internet zonder problemen mag gebruiken in het onderwijs. Het is de reden waarom ik zelf docenten probeer te verwijzen naar foto’s met een Creative Commons licentie via sites als Unsplash, Pixabay, Skitterphoto of Pexels en naar beelddatabanken waar we als instelling de gebruiksrechten geregeld hebben zodat die foto’s in het onderwijs gebruikt mogen worden. Op die manier is alles netjes geregeld zonder dat je afhankelijk bent van het citaatrecht of de onderwijsexceptie.

Het is echter bijna niet meer uit te leggen

Een docent die enkele foto’s wil toevoegen aan een Powerpoint-presentatie, leeswijzer of syllabus raakt al snel het overzicht kwijt. Wat mag wel en niet? Wat moet die docent doen om dat volgens de regels te doen zonder dat het nodig is om een auteursrechtendeskundige te worden?

Het moet vereenvoudigd worden aan de ‘voorkant’ om antwoord te kunnen geven op die simpele vraag. Net zoals de readerovereenkomst een praktische uitwerking is van de onderwijsexceptie voor teksten – korte overnames tot 8000 woorden bij artikelen en tot 10.000 woorden bij boeken zijn toegestaan – zo moet dat ook voor beeldmateriaal gaan gelden. En dan niet zoals nu in vage bewoordingen in de toelichting maar met een eigen praktische uitwerking die handvaten meegeeft zodat er recht gedaan wordt aan de rechthebbenden maar ook het onderwijs er wat mee kan.

Om de tafel met Pictoright

Als je het hebt over de readerovereenkomst dan heb je te maken met auteursrechtenorganisatie Stichting PRO. Omdat er in artikelen en boeken natuurlijk ook foto’s, afbeeldingen en tekeningen gebruikt worden, is er in de readerovereenkomst dus iets over opgenomen in samenwerking met een andere auteursrechtenorganisatie die de beeldmakers vertegenwoordigt: Pictoright.

Wil je nu echter alsnog een betere, meer praktische en vooral concretere uitwerking van de onderwijsexceptie voor beeldmateriaal? Dan zul je dus met zowel Stichting PRO als Pictoright moeten gaan overleggen. Geen woorden maar daden :)

En dat is precies wat het Netwerk Auteursrechten Informatiepunten van het hbo (NAI-hbo) gaat doen. Samen met de beide auteursrechtenorganisatie gaan we tot een betere en concretere uitwerking voor het gebruik van beeldmateriaal in het onderwijs komen binnen de onderwijsexceptie. Zodat we aan docenten precies kunnen vertellen hoeveel foto’s ze in een Powerpoint-presentatie kunnen gebruiken en hoe de naamsvermelding dan geregeld moet worden. Zodat we precies aan docenten kunnen uitleggen hoeveel foto’s van dezelfde maker/fotograaf ze mogen gebruiken. En zodat we precies aan docenten kunnen uitleggen in welke situaties ze beter beeldmateriaal met een Creative Commons-licentie of foto’s uit een beelddatabank kunnen gebruiken.

Auteursrecht is uiteindelijk net zo complex als dat je het zelf maakt.

#

Raymond Snijders

Sinds 1995 houdt Raymond zich bezig met de combinatie van ICT, bibliotheken en onderwijs vanuit het perspectief van (vooral) de bibliotheek en informatievoorziening. Thans is hij werkzaam bij de Hogeschool Windesheim als senior informatiebemiddelaar en houdt hij zich bezig met de digitale bibliotheek, contentlicenties, ebooks en auteursrecht. Over deze onderwerpen en de impact die ze (kunnen) hebben op het onderwijs en bibliotheken blogt hij sinds 2006 op zijn Vakblog. In 2013 won hij de Victorine van Schaickprijs voor zijn blog.

Comments (9) Write a comment

    • Screenshots worden (als het goed is) per definitie gebruikt om een boodschap te illustreren en hoewel het auteursrecht bij de maker ligt van wat er afgebeeld wordt in dat screenshot, valt het gebruik prima te verantwoorden onder het citaatrecht.

      In beginsel valt het gebruik van screenshots ook onder de afbeeldingen die binnen de readerovereenkomst (en dus Pictoright) geregeld is maar dat wordt zeker niet zo benoemd en er vindt ook zeker geen afdracht aan de rechthebbende op plaats door Pictoright. Zo lang er geen expliciet uitspraak ligt dat screenshots *niet* onder het citaatrecht vallen, durf ik daar ook wel op te vertrouwen.

      Ik ben enkele jaren geleden al iets uitgebreider ingegaan op de auteursrechtkant van screenshots, mocht je nieuwsgierig zijn :) https://rsnijders.info/vakblog/2012/11/25/over-screenshots-en-auteursrecht/

      Reply

Leave a Reply

Required fields are marked *.


This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top