convenant e-lending ebooks bibliotheek

Over het uitlenen van ebooks, leenrecht en het convenant e-lending

Op 3 oktober 2018 ondertekenden de Auteursbond, GAU, Stichting Lira, Stichting Pictoright, KB, VOB en het ministerie van OCW een convenant waarin nadere afspraken over vergoeding en beschikbaarheid van ebooks via de Online Bibliotheek zijn gemaakt. Waarom was het nodig zo’n convenant op te stellen? Wat houden de afspraken precies in en gaat het ook echt zorgen voor een groter aanbod van actuele titels in de bibliotheek?

Begin oktober kwam, min of meer onverwachts, het nieuws naar buiten dat er afspraken gemaakt waren tussen het ministerie van OCW en zo’n beetje alle mogelijke partijen die in Nederland iets met boeken/ebooks te maken hebben. Het haalde zelfs de diverse journaals waarbij de centrale boodschap ‘er komen meer (actuele) ebooks voor uitlenen beschikbaar’ centraal stond.

Dat is natuurlijk goed nieuws voor iedereen die lid is van de bibliotheek. Helemaal als je de afgelopen 5 jaar door het aanbod van de Online Bibliotheek hebt gekeken op zoek naar een leuk ebook om te lenen want daarin trof je maar bijster weinig recente titels aan. En dus is het convenant e-lending een fijne stap in de goede richting om nu dan toch eens eindelijk ook die bestsellers in digitale vorm te kunnen lenen in plaats van achteraan te sluiten in de lange rij van reserveringen voor het papieren exemplaar. Toch?

Waarom een convenant e-lending?

De in het convenant gemaakte afspraken zullen absoluut gaan leiden tot een verbetering van het aanbod van ebooks, daar ben ik van overtuigd. Maar waar ik nog zekerder van ben is dat het nooit aan de verwachtingen van iedereen kan gaan voldoen. En dat komt omdat bibliotheekgebruikers het rare verschil tussen wat een bibliotheek kan aanschaffen aan papieren exemplaren om uit te lenen en hoe een bibliotheek aan uit te lenen ebooks komt, niet snapt.

Dat hoeven ze natuurlijk ook niet te snappen als gebruikers maar dat belangrijke verschil in aanschafmethodes zorgt er wel voor dat de bibliotheek niet zo maar alle titels digitaal kan aanschaffen zoals ze dat wel kunnen met papieren titels. Als je gewend bent dat je alle nieuwe titels gewoon in fysieke vorm kunt lenen (reserveren) bij de bibliotheek dan moet je wel duidelijk uitgelegd worden dat het zo niet werkt voor de digitale titels. Zodat je als bibliotheek niet de onrealistische en onhaalbare verwachting creëert bij je leden dat alle 40.000+ ebooks in Nederland geleend kunnen worden. Raar genoeg zie ik bij persberichten van de VOB nooit de achtergronden en uitleg staan die kunnen toelichten wat je kunt verwachten van de digitale dienstverlening.

Of in dit geval waarom het niet zo gemakkelijk is om alle ebooks aan te bieden en waarom er een convenant nodig is met al die partijen. Om te begrijpen waarom er een convenant e-lending gemaakt moest worden, is het toch goed om te kijken hoe het nou precies zit met die aanschafmethodes van fysieke en digitale boeken voor bibliotheken. Beter gezegd, op basis van welke afspraken bibliotheken fysieke en digitale boeken mogen aanschaffen.

Papieren boeken zijn gemakkelijk (nou ja)

Als iemand een exemplaar van een papieren boek aanschaft dan is die persoon ook de eigenaar van dat exemplaar. Dat exemplaar kan je doorverkopen, weggeven of uitlenen aan een ander zonder dat de auteur of uitgever daar bezwaar tegen kan maken. Het distributierecht – het auteursrecht van een rechthebbende om te bepalen hoe een exemplaar verspreid mag worden – komt namelijk te vervallen zodra het exemplaar verkocht door de rechthebbende of met diens toestemming (door een uitgever).

Dat ‘uitgeputte’ distributierecht zorgt er voor dat jij een gekocht exemplaar van een boek kunt uitlenen aan je vrienden, buren, familie of wie dan ook. Maar een bibliotheek kan niet zo maar op grote schaal hetzelfde gaan doen omdat het dan wel gaat botsen met de verkoop van diezelfde titels. Immers, als je alle boeken die in de boekwinkels liggen gratis kunt lenen bij de bibliotheek, dan hebben de auteurs en uitgevers daar last van.

Het zou echter niet wenselijk zijn als auteurs of uitgevers het lenen van boeken zouden kunnen verbieden en dat is de reden dat er in de Auteurswet een bepaling is opgenomen (artikel 15c) dat de grondslag vormt voor de mogelijkheid voor bibliotheken om boeken uit te lenen: het leenrecht. Dit regelt dat bibliotheken zonder toestemming van rechthebbenden boeken mogen uitlenen maar dat er een vergoeding betaald wordt voor elke uitlening aan de auteurs, vertalers en illustratoren. Deze uitzondering in de Auteurswet is dus de reden dat bibliotheken alle papieren boeken kunnen inkopen die ze willen om ze vervolgens uit te lenen aan hun leden.

Digitaal werkt anders. Heel anders.

De afgelopen tien jaar zijn er veel rechtszaken en uitspraken van het Europese Hof van Justitie geweest over de status van digitale diensten en producten in de Europese wetgeving. En hoe raar het misschien ook zal klinken, digitale boeken worden heel anders behandeld in de wetgeving dan papieren boeken. Ebooks vallen onder de categorie digitale diensten en daar geldt het hele verhaal over de uitputting van het distributierecht per definitie niet voor.

Oftewel, een rechthebbende verliest niet het recht om te bepalen wat er met een ebook gebeurt nadat een exemplaar legitiem verkocht is.

Aangezien de uitputting van dit distributierecht ook de basis vormt van de uitzondering in de Auteurswet die het leenrecht regelt volgt daaruit ook de conclusie dat je ebooks niet onder het leenrecht kunt laten vallen. In februari 2013 werd deze teleurstellende conclusie door minister Bussemaker naar buiten gebracht in de aanloop naar de nieuwe Bibliotheekwet. Zij concludeerde, met een uitgebreid onderzoeksrapport als onderbouwing, dat er geen wettelijke grondslag is voor het uitlenen van ebooks door openbare bibliotheken. Bibliotheken moesten dus expliciet afspraken gaan maken met (alle) uitgevers om dit wel te doen.

En dat is precies wat de bibliotheken deden en in januari 2014 werd het huidige ebookplatform geïntroduceerd. Met duizenden titels waarover afspraken gemaakt waren met, en vergoedingen betaald werden aan uitgevers in plaats van auteurs, vertalers en illustratoren.

Op naar het Europese Hof van Justitie

rechtszaken header werkstukkenDe Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) zag echter in het zogenaamde UsedSoft/Oracle arrest een aanknopingspunt om een juridische discussie te starten over het wel kunnen uitlenen van ebooks onder het leenrecht. Dit UsedSoft/Oracle arrest ging over het kunnen overdragen van het eigenaarschap van een softwarelicentie en maakte het onder specifieke voorwaarden, mogelijk om het gebruiksrecht/licentie van gedownloade software over te dragen aan een ander. Als je een licentie op een exemplaar van software kunt overdragen, dan zou dat ook moeten kunnen met de licentie op een exemplaar van een digitaal boek.

De Nederlandse Auteurswet bood geen soelaas en daarom zat er niets anders op dan het Europese Hof van Justitie te verzoeken om opnieuw naar de Europese auteursrechtrichtlijn (2001/29) en de Europese richtlijn over het verhuurrecht en leenrecht (2006/115) te kijken vanuit de vraag of het uitlenen van ebooks hier nu wel of niet onder valt.

Via de Haagse rechtbank werden een aantal vragen aan het Europese Hof gesteld en hoewel het Europese Hof het zo strikt en nauw mogelijk formuleerde kwam daar wel een min of meer positief antwoord uit in november 2016. Het Hof oordeelde dat het uitlenen van ebooks is toegestaan onder het leenrecht als dit gebeurt op basis van het one copy, one user model en daarbij de auteurs gecompenseerd worden.

Ja en wat nu?

De uitspraak van het Europese Hof van Justitie bood interessante mogelijkheden maar dat leverde wel meteen een groot aantal nieuwe discussies en problemen op. De hele dienstverlening en infrastructuur van het uitlenen van ebooks was gebaseerd op een one copy, multiple user model. De bibliotheek kocht 1 digitaal exemplaar in van de uitgever en die kan aan een oneindig aantal gebruikers worden uitgeleend waarbij er een vergoeding voor elke uitlening aan de uitgever wordt betaald.

Dat model werkt veel beter dan het one copy, one user model dat al in vele andere landen wordt gebruikt waarbij bibliotheken geen vergoeding betalen per uitlening maar net zo veel digitale exemplaren moeten inkopen als er gelijktijdige leners mogen zijn. En waarbij je dus uitgeleende ebooks krijgt die je moet reserveren als ze populair zijn of als de bibliotheek er niet genoeg van kon inkopen.

Dus moest er door alle betrokken partijen een oplossing gezocht worden waarbij het one copy, multiple user model gehandhaafd kon blijven op basis van afspraken met de uitgevers en waarbij er dus eigenlijk expliciet geen gebruik gemaakt zou gaan worden van de juridische mogelijkheden die de uitspraak van het Europese Hof nu bood (want die bedreigden de boekenmarkt volgens de uitgevers). Maar wel op een zodanige manier dat ook de auteurs, vertalers en illustratoren een vergoeding krijgen voor het uitlenen van de digitale versies van hun boeken.

Een win-win-win oplossing als het ware. Een oplossing waarbij de bibliotheken profiteren van een groter aanbod, waarbij de verkoop van titels door uitgevers gedurende een bepaalde periode beschermd worden en waarbij behalve de uitgevers ook de auteurs, vertalers en illustratoren een vergoeding krijgen voor hun werken.

Convenant e-lending

Je raadt het vast al. Het convenant e-lending is die win-win-win oplossing die bijna twee jaar na de uitspraak van de Europese rechter de koers uitstippelt voor het uitlenen van ebooks door de openbare bibliotheken.

Het was even wachten tot de volledige tekst van het convenant beschikbaar was maar gisteren werd de tekst gepubliceerd in de Staatscourant (pdf). Artikel 1 beschrijft het hoofddoel – zoals het ook in de media gebracht is – kort en bondig:

Met het sluiten van dit convenant beogen partijen het bereiken van het volgende doel: het binnen een zo kort mogelijke termijn na eerste publicatie ter beschikking krijgen van een zo breed mogelijk aanbod van e-boeken voor het uitlenen door de landelijke digitale openbare bibliotheek, conform het ‘one copy multiple user’-model, met een passende uitleenvergoeding voor de auteurs, vertalers, beeldmakers en uitgevers in ruil voor het uitlenen, met transparantie over het aantal uitleningen.

Maar wat er dus onder zit zijn de afspraken waar de laatste twee jaar over gesproken en onderhandeld zijn. En die moeten zorgen voor de win-win-win situatie. Alle partijen geven en krijgen wat in deze set aan afspraken. De uitgevers doen een inspanningsverplichting (geen resultaatverplichting!) om ‘zo spoedig mogelijk na het op de markt brengen van een door hen uitgegeven e-boek’ een afspraak over het uitlenen ervan met de KB te maken (artikel 2 van het convenant).

De KB (en de bibliotheken) betaalt een vergoeding per uitlening en neemt genoegen met een embargoperiode van 6 tot 12 maanden als zijnde de definitie van ‘zo spoedig mogelijk’. En die vergoeding wordt nu gesplitst want 50% van de vergoeding gaat naar de uitgevers en 50% gaat – via Stichting Lira en Stichting Pictoright – naar de auteurs, vertalers en beeldmakers (artikel 3).

In ruil voor deze set aan afspraken stemmen alle partijen in om af te zien van de juridische mogelijkheid om ebooks onder het leenrecht uit te lenen. De achtste overweging in de inleiding stelt dat “partijen realiseren zich dat er verschil van mening bestaat over de (gewenste) verblijfplaats van de rechten van makers, maar stemmen er gezamenlijk mee in dat voor wat betreft de uitvoering van dit convenant slechts de uitgevers toestemming kunnen geven aan en afspraken maken met de KB voor het uitlenen van e-boeken”.

De rest van het convenant bevatten afspraken over de levering van uitleencijfers op titelniveau door de KB aan Lira, Pictoright en de openbare bibliotheken (artikel 4), de (extra) financiële bijdrage door het ministerie de komende jaren om auteurs, vertalers en beeldmakers te compenseren (artikel 5) en de formele afspraken rondom looptijd, evaluatie, ontbinding, geschillen en ongeldigheidsverklaring (artikelen 6, 7 en 8).

Van goede bedoelingen naar resultaten

Het zal nog moeten blijken of het convenant e-lending ook daadwerkelijk de beoogde win-win-win oplossing is. De hele voorzichtige formulering van artikel 2 – waarin de Groep Algemene Uitgevers (GAU) toezegt zich ten zeerste in te gaan spannen om haar leden aan te sporen ebooks binnen zes tot twaalf maanden voor uitlening beschikbaar te maken via de KB – laat ruimte voor alle mogelijke scenario’s. Inclusief het scenario dat uitgevers in de praktijk helemaal niet zo happig zullen zijn het advies van de GAU op te volgen.

Of het scenario dat uitgevers hoogstens een versie willen aanleveren die alleen in de bibliotheek app gelezen kan worden en niet op ereaders.

Het is dus zeker niet zo dat dit convenant e-lending de door vele gebruikers (en personeel) gewenste ultieme ebookdienstverlening gaat opleveren waarbij je, na verloop van tijd, alle in Nederland uitgegeven digitale titels kunt lenen bij de bibliotheek voor in de leesapp en op de ereader.

Maar het is wel een prachtige – en praktische – stap in de goede richting waarbij uitgevers en bibliotheken met elkaars belangen rekening houden en waarbij auteurs, vertalers en illustratoren nu ook eindelijk gegarandeerd de vergoeding gaan krijgen waar ze recht op hebben.

Hopelijk leidt het daarnaast ook echt naar een groter aanbod van (redelijk) recente titels die behalve in de app ook nog eens op een ereader geleend en gelezen kunnen worden.

Meer lezen hierover op Vakblog? Over leenrecht en het uitlenen van ebooks door bibliotheken (februari 2013) // Europese Hof van Justitie: Bibliotheken kunnen ebooks uitlenen onder het leenrecht (maar wel onder bepaalde voorwaarden) (november 2016) // Over bezit en eigenaarschap van ebooks (en wat dat te maken heeft met het kunnen uitlenen van ebooks door bibliotheken) (november 2016)

#

Raymond Snijders

Sinds 1995 houdt Raymond zich bezig met de combinatie van ICT, bibliotheken en onderwijs vanuit het perspectief van (vooral) de bibliotheek en informatievoorziening. Thans is hij werkzaam bij de Hogeschool Windesheim als senior informatiebemiddelaar en houdt hij zich bezig met de digitale bibliotheek, contentlicenties, ebooks en auteursrecht. Over deze onderwerpen en de impact die ze (kunnen) hebben op het onderwijs en bibliotheken blogt hij sinds 2006 op zijn Vakblog. In 2013 won hij de Victorine van Schaickprijs voor zijn blog.

Comments (8) Write a comment

  1. Mooie en heldere samenvatting van de afgelopen e-book uitleen jaren. Het valt allemaal niet mee: de relatie e-books en bibliotheken. Het gaat langzaam echter de bibliotheken zijn aardig op weg. Ken de situatie in andere EU-landen?
    Bedankt voor dit verhaal

    Reply

  2. En nu ben ik benieuwd naar wat de situatie wordt/is voor bibliotheken, die niet onder de openbare bibliotheken vallen (bijv. speciale bibliotheken). Is daar iets over bekend?

    Reply

    • @Jonna Voor onderwijsbibliotheken, bedrijfsbibliotheken en andere speciale bibliotheken gelden deze afspraken uberhaupt niet. De leenrechtexceptie werkt op een andere manier (zo zijn onderwijsbibliotheken vrijgesteld van het betalen van een leenrechtvergoeding) en werken speciale bibliotheken sowieso al met licenties met uitgevers voor het aanbieden van ebooks via de platformen van de uitgevers zelf.

      In beginsel zouden de speciale bibliotheken met een eigen platform kunnen komen waar ze, net als de openbare bibliotheken, ebooks op wilen aanbieden naar hun eigen leden/klanten. En vervolgens gebruik maken van de uitspraak van het Europese Hof om dat zonder toestemming van uitgevers te kunnen doen maar daar horen dan (enorm veel) nieuwe afspraken bij die dan alsnog gemaakt moeten worden. Oftewel, dit convenant e-lending heeft geen enkele relatie tot de situatie voor niet-openbare bibliotheken.

      Reply

Leave a Reply

Required fields are marked *.


This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

  • © 2006- 2018 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top