Buitenlandse kranten online via de KB lezen met PressDisplay

Ruim een week geleden meldde de KB met weinig bombarie dat leden van de KB vanaf dat moment toegang hadden tot PressDisplay. PressDisplay is een site/platform dat al vele jaren bestaat en waar dagelijks inmiddels ruim 2000 kranten online beschikbaar zijn uit bijna 100 landen. Met een archief van 90 dagen om nog terug te kunnen zoeken in oudere kranten.

pressdisplay
Voor het Nederlandse nieuws hoef je PressDisplay niet echt te gebruiken, ook al toont de startpagina van de voor de KB op maat gemaakte Library.PressDisplay versie wel Nederlandstalig nieuws. Hoewel in het verleden het AD en de Volkskrant opgenomen waren ben je tegenwoordig voor het dagelijkse Nederlandse nieuws aangewezen op drie Metro edities, aangevuld door een aantal Belgische kranten.

Maar goed, de kracht van PressDisplay is vooral dat er zoveel buitenlandse kranten in zitten. Die kranten zelf worden weergegeven in hun oorspronkelijke papieren layout waarbij je kunt inzoomen op elk individueel artikel (of advertentie) om dat op je scherm beter te kunnen lezen. De grotere internationale kranten ontbreken wel veelal aangezien deze zelf bijna altijd een eigen (betaalde) site hebben voor hun krant maar dat doet niet heel veel af aan het nut van PressDisplay.

Want met een enkele zoekactie kun je alle 2200+ kranten doorzoeken op nieuws waar je in geïnteresseerd bent om verschillende perspectieven erop te krijgen (mits je wel rekening houdt met het gegeven dat de kranten in 54 talen zijn). Ook is het een mooie manier om nieuws en ontwikkelingen in een specifiek land te kunnen volgen waar de Nederlandse media niet of slechts beperkt over bericht.

Kleine minpunten zijn wel dat je de kranten alleen online op een redelijk grote monitor kunt lezen. Deeplinken naar een specifieke krant is niet mogelijk en hoewel er een optie voor een RSS feed is bij elke krant, kreeg ik die feeds niet toegevoegd aan een feedreader. Er bestaat een iPad app voor PressDisplay maar die werkt dan weer niet samen met het institutionele (Library) abonnement. Desalniettemin is PressDisplay een mooie aanwinst en de moeite waard om gebruikt te worden. Zeker als je lid bent van de Koninklijke Bibliotheek.

#

Inholland streeft naar een digitale hogeschoolbibliotheek voor 2015. Maar wie zit daar op te wachten?

Ik had vorige week al vernomen dat de intentie er was van Inholland hogeschool om voor 2015 over te gaan naar een volledig digitale bibliotheek en dus afscheid te nemen van alle fysieke componenten die traditioneel bij een hogeschoolbibliotheek horen. Ik zou willen zeggen dat het een nieuw idee is maar enkele jaren geleden  was dat idee ook al bij mijn hogeschool gelanceerd. Met ongetwijfeld de gedachte in het achterhoofd dat het anno 2010 toch niet zo kan zijn dat je als bibliotheek uberhaupt nog afhankelijk bent van die fysieke collectie, studie- en werkplekken en uitleenapparatuur. Dat kan toch zeker allemaal wel digitaal? En bovenal, een stuk goedkoper? Vierkante meters zijn immers duur.

De feiten weerlegden deze gedachten gelukkig al snel. Een hogeschoolbibliotheek is gedienstig aan het onderwijs en niet (alleen) aan bezuinigingsvoorstellen. En dat onderwijs wil niet altijd digitale informatievoorziening. Als ze voor dat vakgebied uberhaupt al keuzes hebben overigens want de praktijk is dat het nog extreem karig gesteld is met het digitale aanbod van studieboeken en Nederlandstalige vaktijdschriften. Op het ene vakgebied zijn uitgevers er verder mee dan de andere.

Maar digitaal betekent niet automatisch toegankelijk en inzetbaar
Digitaal is een toverwoord geworden. Er hangen zo veel onuitgesproken verwachtingen aan dat er met een roze bril naar gekeken wordt. Daardoor valt het misschien niet goed op dat een groot deel van het digitale aanbod nauwelijks of zelfs helemaal niet te gebruiken is door een (hogeschool)bibliotheek. Of het onderwijs. Lesmethoden zijn beperkt digitaal beschikbaar en waar ze het wel zijn voorziet die constructie niet in het breed aanbieden van die content aan een instelling maar is die gericht op individuele afname door studenten. Nederlandstalige (vak) tijdschriften zijn bijna niet full-text digitaal beschikbaar voor breed gebruik. Dit blijft beperkt tot individuele abonnees.

De ontwikkelingen rondom e-studieboeken komen nu pas een beetje op gang. Uitgevers zijn zoekende maar ook hier heb je te maken met het onderwijs die eigenlijk nog moet beginnen met nadenken over en formuleren van wat ze nodig hebben. En in welke vorm. En met welke randvoorwaarden voor de toegang. Ontwikkelingen die nog vele jaren nodig hebben voordat ze leiden tot een breed, representatief en bovenal bruikbaar aanbod waar je als bibliotheek gebruik van kunt maken richting het onderwijs.

Terug naar Inholland
Wat precies de achterliggende redenen zijn voor Inholland om te kiezen voor een volledig digitale bibliotheekvoorziening op korte termijn, daar kan ik alleen maar naar speculeren. Feit is dat gisteren Doekle Terpstra, de voorzitter van het college van bestuur van Inholland, via Twitter bevestigde dat het niet bij een voornemen blijft maar het als besluit genomen is.

Het lijkt me inderdaad een hele stevige opdracht. Prachtige innovatie? Sorry maar zoals alle vernieuwingen niet perse verbeteringen zijn, zo zijn digitaliseringstrajecten niet perse innovaties. Misschien zijn ze dat per definitie niet zelfs.

Bert Zeeman, van de Universiteit van Amsterdam, durfde zelfs de weddenschap met zijn lezers aan te gaan over het behalen van dit doel voor 2015. De vragen en overpeinzingen die hij daar bij heeft zijn stuk voor stuk al valide. Ik las diverse reacties die in verschillende mates van voorzichtigheid niet veel vertrouwen uitspraken over de kans van slagen. Het is bijna onmogelijk voor te stellen hoe je de kwaliteit van de informatievoorziening vanuit je hogeschoolbibliotheek in stand kunt houden als je genoodzaakt bent om niet te kijken naar de inhoud van die informatie maar puur en alleen naar de vorm. Een vorm waar de overgrote meerderheid van uitgevers die content leveren voor hogeschoolbibliotheken nog stevig mee worstelt.

Maar wat wil je nou als hogeschoolbibliotheek?
Digitaliseren is niet het doel van een hogeschoolbibliotheek. Sowieso is de term digitaliseren ongelukkig want het lijkt aan te geven dat je je bestaande fysieke collectie gaat inscannen en digitaal aanbieden. Wat natuurlijk niet toegestaan is want daar overtreed je meerdere wetten mee.

De hogeschoolbibliotheek is, ik zei het al eerder, gedienstig aan het onderwijs. Er moet een directe link zijn tussen wat het onderwijs – docenten en studenten- nodig hebben binnen de tientallen opleidingen/curricula en wat je als bibliotheek levert, ontsluit en toegankelijk maakt. In 2008 vertelde de toenmalige voorzitter van de HBO Raad, dezelfde Doekle Terpstra die nu bij Inholland zit, tijdens een lustrumbijeenkomst van het Samenwerkingsverband Hogeschoolbibliotheken (SHB) over de noodzaak om betere verbindingen te maken met het onderwijs en de opleidingen waarvoor hogeschoolbibliotheken werken.

En ja, dat betekent dat je kritisch moet kijken naar je traditionele rol als bibliotheek. Andersoortige diensten en minder vanuit het belang van je bibliotheek handelen. Meer vanuit de belangen van je onderwijs(instelling). Minder focus op het hebben van een (fysieke) collectie en de aandacht verschuiven naar het toegankelijk maken van informatiebronnen voor die groepen binnen je instelling die deze bronnen ook daadwerkelijk nodig hebben.

Dat zou pas prachtige innovatie zijn voor hogeschoolbibliotheken als je het mij vraagt.

Maar alle inspanningen, je gehele focus, toespitsen op digitale dienstverlening en hopen dat er voor 2015 voldoende digitaal aanbod is vanuit de markt om dat ook naar je gebruikers in je hogeschool aan te kunnen bieden? Vanuit je visie nee zeggen tegen het onderwijs als ze fysieke informatiebronnen nodig hebben, om wat voor reden dan ook? Digitale informatiebronnen van uitgevers min of meer klakkeloos aan gaan bieden, ook al zijn er (licentie)technische beperkingen, puur omdat het past in de digitaliseringsdoelstelling?

Niet alleen durf ik de weddenschap niet aan te gaan met Bert, ik vrees dat alleen al dit besluit van Inholland negatieve impact gaat hebben op de ontwikkeling van een toekomstbestendige visie van zowel HBO instellingen als hogeschoolbibliotheken op de rol die bibliotheken kunnen en moeten spelen in onderwijsinstellingen. Waarom zou je het nog over verbindingen met het onderwijs hebben als je als bibliotheek al besloten hebt dat je alleen nog maar digitale diensten wilt gaan leveren? 100% digitaal is 100% onrealistisch.

Hoe je er ook naar kijkt.

#

Over toegang tot gelicenseerde content

Icon_no_license_svgDat je voor waardevolle content vaak moet betalen, dat weet iedereen wel. Of het nou gaat om vrij te gebruiken content of content waarvoor je moet betalen, er zitten bijna altijd voorwaarden aan de toegang. Websites met content hebben (algemene) voorwaarden en meestal wordt die content alleen maar vrijgegeven met een licentie waarin een (groot) aantal voorwaarden genoemd worden over wat je wel en wat je niet mag doen met die content.

Content op het web
Als het gaat om content die je op internet kunt vinden dan moet je vooral op Creative Commons licenties letten. Dit zijn verhoudingsgewijs hele eenvoudige licenties waarbij rechthebbenden van afbeeldingen, foto’s of teksten aangeven hoe je hun content mag gebruiken. Op het moment dat je daadwerkelijk betaalt voor content dan heeft de site waar je het koopt waarschijnlijk een kopje met voorwaarden die aanzienlijk meer regeltjes en restricties meegeeft. Dat natuurlijk om te voorkomen dat jij het zelf gratis gaat verspreiden zodat ze er zelf niets meer aan kunnen verdienen.

Dure databanken
De *echt* waardevolle content vind je echter in databanken terug. Hierin bieden leveranciers hele contentverzamelingen aan en komen ook de contentlicenties om de hoek kijken. Uitgebreide documenten, contracten, waarin de verantwoordelijkheden van de leverancier en (nog uitgebreider) de verantwoordelijkheden van de afnemer worden beschreven. Met clausules waarin de abonnementstermijn wordt beschreven, precies wordt vastgelegd hoe het zit met intellectuele eigendomsrechten en gebruiksrechten en de afspraken over de toegang en beschikbaarheid. Vanzelfsprekend ontbreekt een paragraaf over de financiële aspecten niet.

Dit soort contentlicenties worden vaak afgesloten door bedrijven of, in mijn geval, door bibliotheken. Zij willen die content en informatie toegankelijk maken voor hun eigen gebruikers omdat hier behoefte aan is. Het duidelijk maken aan die eigen gebruikers onder welke voorwaarden die informatie, die content, gebruikt mag worden valt echter nog niet mee. Bibliotheken worden door hun eigen gebruikers vaak gezien als de leverancier van die databank waarbij het dan misschien wel goed voor het imago is van een bibliotheek dat ze als de aanbieder gezien worden maar het wel lastig wordt om uit te leggen dat er restricties zitten op die content. Restricties die je als bibliotheek liever niet zou willen opleggen aan je eindgebruikers.

In de praktijk
De realiteit is dat bibliotheken steeds meer en meer content van anderen toegankelijk maken via licenties in plaats van het zelf (fysiek) aan te bieden. Waarbij elke databank zijn eigen unieke randvoorwaarden, mogelijkheden en restricties heeft. Technisch, financieel en dus ook qua toegang en gebruik. Waarbij je dus eigenlijk als bibliotheek zelf heel goed in kaart moet hebben wat je precies aanbiedt en welke randvoorwaarden daar allemaal aan vast zitten. In de praktijk is dat niet altijd even duidelijk laat staan dat eindgebruikers snappen waarom ze iets wel of niet mogen gebruiken zoals ze voornemens waren te doen.

En dat gaat wringen.

De afgelopen jaren hebben uitgevers meerdere malen maatregelen genomen tegen eindgebruikers (en dus de bibliotheken) die in overtreding waren van de overeenkomsten. In licentieonderhandelingen worden steeds strengere eisen gesteld door uitgevers aan hoe de content gebruikt mag worden en wordt van de bibliotheken verwacht dat ze zich niet alleen conformeren aan die eisen -je bent als leverancier monopolist of je bent het niet natuurlijk- maar dat ze die eisen zelfs handhaven naar de eindgebruikers toe.

Koninklijk voorbeeld
Een ‘mooi’ voorbeeld van het handhaven van een overeenkomst is sinds vorige week te zien als je lid bent van de Koninklijke Bibliotheek. Middels een lidmaatschap heb je ook toegang tot hun digitale bibliotheek en kun je bij een aantal (dure) databanken. Een tweetal uitgevers (als ik het goed geteld heb) zag het kennelijk als een probleem dat hun databanken ook gebruikt konden worden door KB leden voor zakelijke of commerciële doeleinden. Dat is niet de bedoeling als een niet-commerciële bibliotheek een overeenkomst afgesloten heeft waarin zakelijk gebruik uitgesloten is en de KB leden worden nu zowel bij gebruik van Kluwer Navigator als Lexis Nexis Academic gedwongen expliciet aan te geven dat ze het niet voor zakelijke of commerciële doeleinden gaan gebruiken.

lexisnexis

En daar gaat het de verkeerde kant op. Hoewel ik vind dat bibliotheken een rol hebben in het bewust maken van haar gebruikers om verantwoord om te gaan met gelicenseerde content moet zich dat niet gaan vertalen in het bewaken van de belangen van de aanleverende partijen. Bibliotheken hebben hun eigen rol, hun eigen belang en eigen dienstverlening en ook al kun je -en moet je- de eindgebruikers van die diensten informeren over de voorwaarden van gebruik van externe gelicenseerde content, die eindgebruikers zijn zelf verantwoordelijk voor het naleven ervan. Bibliotheken moeten niet die voorwaarden gaan handhaven, dat moet de uitgever zelf doen. Op het moment dat een overtreding gesignaleerd wordt en niet met dwang vooraf!

Klik je echter bij de bovenstaande melding niet op het linkje met ‘Ik ga akkoord’ dan krijg je dus ook geen toegang als lid. De bibliotheek handhaaft daarmee dus de voorwaarden die de leverancier heeft gesteld. Niet op basis van een geconstateerd misbruik maar op basis van een intentie van gebruik. Het lijkt Minority Report wel.

Niet alleen principes
Waarom ik me druk maak hierover terwijl iedereen -zonder twijfel- op akkoord klikt ook al ben je van plan het zakelijk te gaan gebruiken? Omdat eindgebruikers zelf verantwoordelijk dienen te zijn hoe ze met andermans content omgaan. Omdat leveranciers zich moeten realiseren dat angstvallig rechten en belangen handhaven vroeger of laat leidt tot minder gebruik van hun producten. En dat leveranciers met flexibelere voorwaarden moeten komen. Omdat bibliotheken moeten nadenken hoe hun eigen dienstverlening en bestaansrecht zich verhouden tot al die belangen, rechten en restricties die andere partijen hun pogen op te leggen. Omdat bibliotheken niet alleen maar nee hoeven te verkopen naar hun klanten toe maar ook wel eens nee kunnen zeggen tegen anderen als ze te veel concessies moeten doen aan hoe ze dit zelf willen aanbieden aan hun gebruikers.

Zo eenvoudig is het nog niet om gelicenseerde content aan te bieden of te gebruiken.

@ afbeelding ‘geen licentie aanwezig’: door Bibi Saint-Pol [CC-BY-SA-2.5], via Wikimedia Commons

#

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top