Hoe herken je wetenschappelijke literatuur?

De laatste jaren ligt er meer nadruk op het gebruik van wetenschappelijke literatuur in het hoger beroepsonderwijs. Niet alleen bij kenniskringen en lectoraten speelt het zoeken naar en verwerken van wetenschappelijke literatuur een belangrijke rol, ook van studenten wordt steeds vaker verwacht dat ze behalve de vakliteratuur (en Google) ook gebruik maken van wetenschappelijke tijdschriftartikelen en boeken. Die moeten wat meer verdieping en niveau geven aan hun literatuuronderzoek.

De vraag hoe je wetenschappelijke literatuur onderscheidt van ‘reguliere’ vakliteratuur is er niet eentje die ik mezelf ooit gesteld heb. Het is één van die dingen waar je nooit over nadenkt – maar gewoon doet – totdat je het moet omschrijven naar anderen toe. En dat is natuurlijk precies wat je als docent moet doen als je van je studenten vraagt om minstens een paar wetenschappelijke tijdschriftartikelen of boeken te raadplegen bij het praktijkonderzoek dat ze uitvoeren. Ik zou het zelf gehouden hebben op ‘literatuur die (de resultaten van) wetenschappelijk onderzoek beschrijft’ maar in een opdrachtbeschrijving voor literatuuronderzoek bij een niet nader genoemde opleiding, van een niet nader genoemde docent, kwam ik het onderstaande stukje tegen.

wetenschappelijke literatuur

Als het nu nog mis gaat bij die studenten, dan weet ik het ook niet meer ;)

#

Open Access bij (Auteurs)wet geregeld

open accessStaatssecretaris Dekker kondigde in november 2013 al zijn voornemen aan het een en ander te willen wijzigen in de wetenschappelijke publicatiecultuur door – middels Open Access – een betere toegankelijkheid van wetenschappelijke publicaties en onderzoeksgegevens te bewerkstelligen.

Mijn uitgangspunt is dat resultaten van publiek en publiek/privaat gefinancierd onderzoek altijd vrij beschikbaar moeten zijn. Omdat het om publiek geld gaat, en er voor de uitrol van Open Access technisch in principe geen belemmeringen zijn, acht ik het van belang dat dit binnen afzienbare tijd gebeurt.

Daar heeft de staatssecretaris ook ideeën bij – die overigens makkelijker gezegd dan gedaan zijn – en hij is van plan om in 2016 een verplichting voor Open Access publiceren van onderzoeksresultaten van met (deels) publieke middelen gefinancierd onderzoek, op te nemen in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Als het nodig is, voegde hij er aan toe maar gezien alle praktische hindernissen kan ik me bijna niet voorstellen dat het niet nodig zal zijn.

Of alle media-aandacht de laatste tijd over de kwaliteit (en de kwantiteit) van wetenschappelijke output een rol gespeeld heeft durf ik niet te zeggen maar steeds vaker krijg ik het idee dat Open Access ook gezien wordt als een goede manier om tot meer transparantie te komen in het wetenschappelijk publiceren. Hoe beter de toegankelijkheid is, hoe beter ook de controle kan zijn op wat zich achter de schermen van het publiceren afspeelt.

Eén van die aspecten achter de schermen van het (Open Access) publiceren heeft te maken met auteursrecht. Auteurs/onderzoekers willen (of moeten) in toonaangevende vaktijdschriften gepubliceerd worden en ondanks alle aandacht en focus op open accessbeleid betekent dat nog steeds dat er vaak rechten overgedragen moeten worden aan de uitgever van een tijdschrift om te kunnen publiceren op een wijze die onderzoekers wenselijk vinden. En dan is het een gepasseerd station als je de onderzoeksresultaten ook nog Open Access beschikbaar wilt maken want je kunt slechts één keer bepalen wat je met je auteursrechten wilt doen. Het is of het één of het ander.

Of toch niet?

Het ligt voor de hand om de facilitering en stimulering van Open Access publiceren te borgen in een wet. Maar of je dat bereikt door een additionele verplichting op te nemen in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek is maar zeer de vraag. De reikwijdte van deze wet is relatief beperkt (tot de onderwijs- en onderzoeksinstellingen) en bestaande praktijken, publicatiecultuur en andere belangen zullen net zo zwaar blijven meetellen als een additionele verplichting om Open Access te gaan publiceren. En in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek kun je wel iets gaan verplichten maar is het ondoenlijk om de bijkomende randvoorwaarden te regelen. Wie bekostigt deze publicatieroute, wanneer moet het per se en wanneer niet en je behoudt dezelfde problemen rondom de overdracht van auteursrechten.

Juist de positie van auteurs als het gaat om het overdragen van hun auteursrechten staat echter al centraal in een compleet ander wetsvoorstel waar al jaren aan gewerkt wordt. De wet Auteurscontractenrecht stelt een wijziging voor van zowel de Auteurswet als de Wet op de naburige rechten om de positie van auteurs en uitvoerenden te versterken in de auteursrechtwetgeving. Ik ga er verder op in zodra er zicht is op een daadwerkelijke behandel- en ingangsdatum maar in het kort komt het er op neer dat een maker van een werk een licentie moet verlenen voor het geheel of een gedeelte van het auteursrecht aan een ander voor exploitatie. Aan deze exploitatieovereenkomst zitten dan echter wel beperkingen die meer controle geven aan de makers en uitvoerenden. Zoals een ‘bestseller’ voorwaarde die een aanvullende vergoeding oplevert voor een auteur als zijn of haar werk commercieel succesvoller is dan verwacht. En een ontbindende voorwaarde als bijv. een uitgever een werk niet (meer) uitgeeft zodat een auteur dat werk zelf (of via een andere partij) kan exploiteren. Vandaar ook de naam van het wetsvoorstel want er wordt veel meer gestuurd op het aangaan van contracten waarbij beide partijen zich goed bewust dienen te zijn van hun rechten en plichten.

Het ligt dan ook veel meer voor de hand om Open Access te faciliteren in de Auteurswet, moet kamerlid Taverne van de VVD gedacht hebben. Afgelopen week bracht hij een amendement in op het wetsvoorstel Auteurscontractenrecht die een nieuw artikel (25fa) moet gaan toevoegen aan de Auteurswet.

Artikel 25fa
De maker van een kort werk van wetenschap waarvoor het onderzoek geheel of gedeeltelijk met publieke middelen is bekostigd, heeft het recht om dat werk na verloop van een redelijke termijn na de eerste openbaarmaking ervan, om niet beschikbaar te stellen voor het publiek, mits de bron van de eerste openbaarmaking daarbij op duidelijke wijze wordt vermeld.

Deze bepaling is deels geïnspireerd op artikel 38 lid 4 van de Duitse auteurswet zoals die per 1 januari 2014 is gaan gelden maar ook op auteursrechtwetgeving die inmiddels in o.a. Amerika van kracht is geworden.

Zoals Taverne ook in de Toelichting beschrijft:

Door deze bepaling behoudt de auteur het recht om zijn wetenschappelijk werk dat met openbare middelen is gefinancierd gratis via internet in open access beschikbaar te stellen. Werk van personen in dienst van een universiteit of ander door de overheid gefinancierde onderzoeksinstelling wordt geacht geheel of gedeeltelijk met openbare middelen zijn is bekostigd. De term «voor het publiek beschikbaar stellen» verwijst naar de openbaarmakingsvorm waarbij materiaal per draad of draadloos voor leden van het publiek beschikbaar wordt gesteld op zodanige wijze dat zij daartoe op een door hen individueel gekozen plaats en tijd toegang toe hebben». Dit is de internationaal gebruikelijke omschrijving van beschikbaarstelling via internet. Voorwaarden zijn dat de beschikbaarstelling geschiedt om niet, hetgeen een wezenskenmerk is van open access, en dat de bron van de eerste openbaarmaking, bijvoorbeeld het wetenschappelijke tijdschrift waarin het werk voor het eerst is gepubliceerd, wordt vermeld.

Deze bepaling is echter wel een stuk flexibeler dan vergelijkbare bepalingen in de wetgeving van Duitsland en Amerika. Zo wordt de termijn waarop een artikel Open Access gepubliceerd mag worden niet gefixeerd maar is dat onderwerp van te maken afspraken zodat ook de (financiële) belangen van een wetenschappelijke uitgever bewaakt worden die immers wel moet investeren in het publiceren en het organiseren van peer review. En dan maakt het wel verschil met welke frequentie een tijdschrift artikelen publiceert en in welk vakgebied er gepubliceerd wordt. In de Toelichting vermeldt Taverne dat er bij geschillen over de termijn een rechter aan te pas kan komen hoewel dat wellicht iets laagdrempeliger georganiseerd kan worden me dunkt.

Mits en zodra deze bepaling geldend recht wordt in de Auteurswet zou het meer kunnen doen voor de toegankelijkheid van wetenschappelijke publicatie en onderzoeksgegevens dan alleen maar een verplichting in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. In plaats van of het één of het ander heb je dan wel ineens beide opties tot je beschikking als je gaat publiceren. Ook al kies je voor traditioneel publiceren met overdracht van rechten bij een wetenschappelijke uitgever, na een bepaalde termijn kun je datzelfde artikel alsnog gratis (Open Access) beschikbaar stellen zonder dat je dit in een overeenkomst vastgelegd hoeft te hebben. Mits je daarbij vermeldt waar het artikel oorspronkelijk (in) verschenen is.

In het ideale scenario zou de route naar Open Access publiceren overigens in beide wetten vastgelegd kunnen worden. In de Auteurswet om een auteur/onderzoeker de wettelijke mogelijkheid daartoe te geven en in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek om de prikkel te geven ook daadwerkelijk gebruik te maken van die wettelijke mogelijkheid.

Een Open Access een-tweetje als het ware.

#

Blokkade van The Pirate Bay werkt alleen voor BREIN en Buma/Stemra

the pirate bay
Gisteren werd er een onderzoek (PDF) gepresenteerd van de Universiteit van Amsterdam en CentERdata naar de effecten van de door de rechter opgelegde blokkade van The Pirate Bay in Nederland. Begin 2012 moesten eerst Ziggo en XS4ALL een lijst met URL’s van The Pirate Bay blokkeren waarna een half jaar later ook UPC, KPN, Tele2 en T-Mobile verplicht volgden. Daarmee werd geïmpliceerd dat 80% van Nederlandse internetters geen toegang meer zou hebben tot The Pirate Bay.

Dat ging o.a. met vele discussies gepaard over de effectiviteit van deze maatregel. Met aan de ene kant de eisende partij bij de rechter – Stichting BREIN – die geen discussie zocht en simpelweg de bekendste torrentsite ontoegankelijk wilde maken en aan de andere kant zo’n beetje de rest van de wereld die riep dat een dergelijke blokkade eenvoudig te omzeilen zou zijn en dat er altijd voldoende alternatieven zouden blijven.

De Universiteit van Amsterdam en CentERdata keken daarom op twee verschillende momenten (in mei en in november 2012) naar het downloadgedrag van Nederlanders. Wordt er minder gedownload van torrentsites, maakt het nog verschil of het om muziek, films, ebooks of games gaat en is er verschil tussen de verschillende internetproviders?

the pirate bayOp een miniscule daling na bij het downloaden van muziek uit illegale bron – en dat kun je net zo goed toewijzen aan het opkomen van legale streamingdiensten dan aan een blokkade van The Pirate Bay – zijn alle cijfers juist gestegen. Er zijn meer films en tv series, ebooks en games gedownload dan voor de blokkade.

the pirate bay

Ook lijken de abonnees van de internetproviders in kwestie eerder gestimuleerd te zijn om te gaan downloaden. Downloadde voor de blokkade nog 15,7% van de UPC, KPN, Tele2 en T-Mobile abonnees nog wel eens wat uit illegale bron, na een blokkadeperiode van zes maanden was dat gestegen naar 18,4%. Voor Ziggo en XS4ALL abonnees geldt dat 22,5% nog downloadde bij de eerste meting – toen de blokkade al 3 maanden een feit was – maar 7 maanden later was ook dit gestegen naar 25,2%.

the pirate bay

De onderzoekers keken vervolgens bij een groot aantal torrents op The Pirate Bay en constateerden dat het percentage van peers (die de torrent gedownload hebben) bij de verschillende blokkerende providers maar nauwelijks fluctueerde. Abonnees van de betrokken providers blijven dus min of meer onverminderd vertegenwoordigd in de torrentstatistieken.

Het onderzoek stelt wel dat een deel van de abonnees door de blokkade minder zijn gaan downloaden – en zelfs dat een klein deel is gestopt met downloaden – maar dat dit gecompenseerd wordt door abonnees die juist meer zijn gaan downloaden. Hierbij wordt dan gebruik gemaakt van één van de tientallen proxies (links die de blokkade omzeilen), een VPN of simpelweg een alternatieve torrentsite. Geconcludeerd wordt dan ook dat er geen aanwijzingen te vinden zijn dat een langdurige blokkade voorkomt dat consumenten downloaden uit illegale bron. En daarmee ook dat een toename van legale diensten – voor muziek – niet te danken is aan de blokkade van The Pirate Bay.

Zo. Een duidelijk onderzoek dat uitlegt hoe er gemeten is, representatief kijkt naar het downloadgedrag, zelfs nog aan Bittorrent monitoring doet om losse torrents te beoordelen en duidelijk laat zien dat in ieder geval het downloaden uit illegale bron niet afgenomen is sinds de blokkade. En daar eigenlijk nog hele voorzichtige conclusies aan verbindt.

Het was natuurlijk wachten op een reactie van BREIN zelf.

Die loog er in kenmerkende BREIN stijl niet om. Met een kop dat de blokkade van The Pirate Bay (wel) goed werkt stelt BREIN dat de onderzoekers onterecht de opinie er op nahouden dat de blokkering van verkeer niet effectief zou zijn. Het onderzoek ziet men kennelijk niet als relevant maar BREIN hoest wel (uit eigen ‘onderzoek’) op dat het Nederlandse bezoek aan de site met zo’n 80% zou zijn gedaald. Het Uva en CentERdata onderzoek ziet BREIN alleen als bevestiging dat alternatieve torrentsites ook zo snel mogelijk geblokkeerd moeten worden.

Die andere organisatie die regelmatig een geheel eigen interpretatie van de Nederlandse wetgeving loslaat op consumenten, Buma/Stemra, praat BREIN in een eigen reactie volledig na. Waarschijnlijk om verontruste leden gerust te stellen dat het echt allemaal vanzelf wel goed komt zodra providers en overheid eindelijk eens ophouden met dwarsliggen.

En de inhoud van dat boeiende onderzoek van BREIN? Dat wordt – blijkt uit een reactie van Tim Kuik aan Webwereld – nog even onder de pet gehouden. Die eigen cijfers moeten helpen als het hoger beroep van de Nederlandse internet serviceproviders bij de rechter dient volgende maand. Op 19 september wordt deze soap weer vervolgd.

#

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top