Met de gebakken peren

Deze keer een gastblog van Mariska Snijders-Koetsier. Een bekende achternaam en dat komt vooral omdat ze ooit de keuze gemaakt heeft met mij te trouwen. Voordat ik van nepotisme beschuldigd word, ze is eveneens informatieprofessional maar -beter dan ik- in staat om persoonlijk te bloggen.

Het is weer eens zo’n dag dat elke ouder van (jonge) kinderen wel zal herkennen: ze zijn baldadig en ondanks de waarschuwingen om de bank niet als speeltoestel te gebruiken luisteren ze maar voor heel even. Natuurlijk net als je even uit zicht bent en het gejoel niet te negeren valt. Voor de zoveelste keer kijken twee –ineens natuurlijk – onschuldige smoeltjes aan. En dan ontglipt het me: ‘en dan zit ik met de gebakken peren.’

De reactie van mijn zoon (autist en neemt alles dan ook letterlijk op) is er eentje om in te lijsten. Je ziet de radartjes in zijn hersentjes draaien van hoe dat dan ineens kan. Mama heeft toch geen peren en waarom zou je peren bakken? Hij komt naar me toe met een vragende blik: ‘gebakken peren mama?’

‘Ja hoor, dat kan ik wel maken’, bluf ik. Nu dat de rust is teruggekeerd – want natuurlijk kwam die pas na twee zere plekken op beide kinderen – is mijn zoon er nog steeds mee bezig. Hij vraagt het nog een keer en ik ben dan eigenlijk ook nieuwsgierig. Met de gebakken peren zitten is natuurlijk wel een frappante beeldspraak, dus wat doet een informatie professional dan? Opzoeken natuurlijk! Het Genootschap Onze Taal heeft een mooi antwoord:

Met de gebakken peren zitten

Waar komt de zegswijze met de gebakken peren zitten vandaan?

Wie met de gebakken peren zit, heeft te maken met onaangename gevolgen van eerdere gebeurtenissen; deze zegswijze betekent ‘ergens voor moeten opdraaien’, ‘op de blaren moeten zitten’, ‘in moeilijkheden zitten’ en volgens Van Dale (2005) ook ‘ongewenst zwanger geraakt zijn’.

Volgens het Groot Uitdrukkingenwoordenboek van Van Dale (2006) gaat deze zegswijze terug op de situatie dat je heerlijk gekookt hebt (gebakken peren golden in vroeger eeuwen als lekkernij), maar dat je gasten niet komen opdagen. P.J. Harrebomée geeft in zijn Spreekwoordenboek der Nederlandse taal de variant: ‘Daar zit hij nu met zijne gebakken (of: gestoofde) peren.’

Een andere variant, die vaak voorkomt, is iemand met de gebakken peren laten zitten. Hier staat de boosdoener centraal; oorspronkelijk was dat de onhoffelijke, gebakken peren versmadende gast, maar tegenwoordig is het iemand die, na de problemen (mede) veroorzaakt te hebben, ertussenuit knijpt.

Nu ik het zo lees besef ik me dat ik erg dol ben op gebakken (gestoofde) peren en zeg nu zelf, hoe erg is het om met zo’n lekker toetje te blijven zitten?

@ foto via RGBstock

#

Spelen met taal

Waarom blog ik? Waarom schrijf ik lange blogposts over onderwerpen die vaker wel dan niet voor mezelf bedoeld zijn? Het zijn vragen die ik soms krijg en die ik eigenlijk nooit goed weet te beantwoorden. Natuurlijk, dit blog is mijn buitenboordbrein. Jazeker, ik schrijf blogposts om ideeën, nieuwtjes, weetjes en ontwikkelingen die ik dagelijks tegenkom een plek te geven, om ze me eigen te maken in mijn context en toe te passen op mijn situatie, ze in te passen in mijn beeld op de werkelijkheid.

En ook al schrijf ik voor mijn werk (vaker en vaker) stukken met een specifiek doel en specifieke doelgroep, ik schrijf ze niet omdat ik mijn verhaal kwijt wil. Ik schrijf niet met een missie om te overtuigen, mijn doelen te bereiken, jou als lezer te raken met mijn woorden. Ik heb geen poëzie in mijn hart, geen proza opgespaard in mijn hoofd, geen ambitie om schrijver,  om auteur te worden.

Nee, ik ben gefascineerd door woorden en blijf me verbazen over taal. Woorden die nooit exact kunnen weergeven wat ik denk maar die toch, soms, mooier kunnen zijn dan wat ik er eigenlijk mee wilde zeggen. Woorden die in mijn hoofd zitten en zich nooit precies laten vangen als ik ze op papier of in dat tekstveld met die knipperende cursor wil zetten. Woorden die samen teksten vormen die ik heel vaak nauwelijks meer herken als ik ze jaren later opnieuw lees; alsof de ik van vroeger iets compleet nieuws aan de ik van nu vertelt maar me tegelijkertijd ook herinnert aan hoe ik me vroeger voelde. Hoe ik vroeger tegen dingen aankeek en dacht over de wereld. Mijn dagboek, niet als de inhoud van de teksten maar tussen de regels door, hoe ze geschreven zijn.

Nee, ik schrijf gewoon door en lees soms zelf pas achteraf welke woorden te voorschijn komen. Ook al leest niemand anders ze, ik lees ze altijd zelf. Soms gefascineerd, vaak met verbazing.

Ik ben als een kind dat speelt met taal en ik stop nooit meer met spelen.

 

@ Bepaalde afbeeldingen en/of foto’s op deze pagina zijn het auteursrechtelijk eigendom van 123RF Limited, zijn leveranciers, of zijn gelicenceerde Partners en worden met toestemming onder licentie gebruikt. Deze afbeeldingen of foto’s mogen niet worden gekopieerd of gedownload zonder toestemming van 123RF Limited.

Even kort … Google hackje voor definities zoeken

Behalve dat ik af en toe info: (voor snel informatie over een site), cache: (als een site om wat voor reden dan ook offline is) en site: (om me bij zoekacties te beperken tot urls binnen 1 site) gebruik bij Google zoekacties, zijn het slechts enkele van de vele Google hacks die je kunt gebruiken bij de zoekgigant.

Als ik echter stukken of blogpostjes schrijf, dan zoek ik regelmatig toch wat woorden en termen op. T/m volgende maand o.a. ook in de VanDale Online maar via Google is het natuurlijk net een stapje eenvoudiger. Met define: kun je specifiek op definities van termen en begrippen zoeken waarbij, afhankelijk van de gebruikte Google taalversie, de betreffende Wikipedia wordt gebruikt en overige sites waar je vooral woordenboek achtige dingen terug kunt vinden.

Het is niet zaligmakend maar werkt wel snel en effectief.

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top