Open Access publiceren (op Windesheim) : over self-archiving en het auteurscontractenrecht

Hoewel veel lectoren en onderzoekers bekend zijn met het verschijnsel Open Access publiceren, blijken ze in de praktijk een stuk minder bekend te zijn met hoe ze dat daadwerkelijk kunnen doen. Dat zorgt ervoor dat maar weinig onderzoekers rekening houden met de mogelijkheid om hun artikelen – behalve in het wetenschappelijke of vaktijdschrift waarin ze willen publiceren – ook in de instellingsrepository te publiceren. En dat is wel lastig als je instelling een publicatiebeleid heeft waarin je aangeeft om waar mogelijk publicaties van studenten, medewerkers en onderzoekers (Open Access) beschikbaar te maken.

Tijd voor voorlichting dus

Reden genoeg om als Mediacentrum (en Auteursrechten Informatie Punt) te beginnen met voorlichting over waarom Open Access een speerpunt is – ook binnen Windesheim – en waarom we het belangrijk vinden om zoveel mogelijk publicaties op te nemen in onze repository.

Gisteren, 16 november, organiseerden we de eerste lunch(voorlichtings)bijeenkomst om aan een groep onderzoekers uit te leggen hoe ze – door simpelweg te informeren bij de uitgever over de mogelijkheden een auteursversie van hun artikel op te mogen nemen in de instellingsrepository (self-archiving) – ook kunnen bijdragen.

Recht op Open Access

Daarnaast legde ik ook uit wat de recent aan de Auteurswet toegevoegde “Open Access-bepaling” praktisch voor hun kan betekenen om met hun uitgever de dialoog aan te gaan over het Open Access publiceren van hun artikelen, ook als de uitgever daar zelf al niet in voorziet.

Artikel 25fa
De maker van een kort werk van wetenschap waarvoor het onderzoek geheel of gedeeltelijk met Nederlandse publieke middelen is bekostigd, heeft het recht om dat werk na verloop van een redelijke termijn na de eerste openbaarmaking ervan, om niet beschikbaar te stellen voor het publiek, mits de bron van de eerste openbaarmaking daarbij op duidelijke wijze wordt vermeld.
(Wetten.nl)

Het is belangrijk om te beseffen dat deze ‘Open Access-bepaling’ geen nieuwe uitzondering op het auteursrecht is maar een wezenlijk (nieuw) onderdeel van de persoonlijkheidsrechten van een auteur. Dit recht op open access publiceren kan niet door een auteur overgedragen worden aan een uitgever. De nieuwe bepaling is met terugwerkende kracht in werking getreden en het is dus mogelijk om al eerder gepubliceerde artikelen alsnog in Open Access te publiceren.

In beginsel mogen alle wetenschappelijke artikelen – van auteurs in onderzoeksinstellingen, universiteiten en hogescholen – dat geheel of gedeeltelijk gefinancierd is met (Nederlandse) publieke middelen na verloop van tijd (ook) Open Access gepubliceerd. Mits daar de bron vermeld wordt van de oorspronkelijke publicatie en er een redelijke termijn met de uitgever afgesproken is.

Maar wat is een redelijke termijn? En hoe verhoudt dit (Nederlandse) recht zich tot de overeenkomsten en afspraken die medewerkers, onderzoekers en lectoren al hebben rondom hun publicaties? Met buitenlandse uitgevers? En hoe ga je als auteur/onderzoeker in dialoog met je uitgever hierover?

De komende maanden (jaren waarschijnlijk) willen we alle publicerende medewerkers voorlichten, bewust maken van deze kwestie en oproepen actie te ondernemen naar hun uitgever(s) om het Open Access publiceren ook mogelijk te maken. Ongeacht of je in een wetenschappelijk tijdschrift publiceert, in een vaktijdschrift, congresbundel enz. Dat kan betekenen dat je het alleen maar hoeft te vragen maar kan ook betekenen dat je nog eens goed naar je overeenkomst met die uitgever moet kijken, moet controleren wat het self-archiving beleid is of wellicht in een discussie terecht komt met je uitgever omdat die weigert mee te werken.

Daar willen we (Mediacentrum en het Auteursrechten Informatie Punt) iedereen zoveel mogelijk bij ondersteunen door bijv. het uitzoekwerk voor onze rekening te nemen, eveneens met uitgevers te gaan praten en natuurlijk door ervoor te zorgen dat de publicaties ook daadwerkelijk in de Windesheimrepository terecht gaan komen.

Tijd om nu echt eens werk te gaan maken van Open Access.

#

Recht op informatie: Open access bij Auteurswet geregeld

Op 1 juli 2015 is de Wet auteurscontractenrecht van kracht geworden. In deze wijziging van de Auteurswet is nieuw artikel opgenomen die wetenschappelijke auteurs een wettelijk recht geeft om de resultaten van hun onderzoek in open access beschikbaar te stellen. Ook als wetenschappelijke uitgevers dat niet toestaan.

Het lijkt vanzelfsprekend: een onderzoeker doet onderzoek dat met publieke middelen gefinancierd wordt en publiceert vervolgens de onderzoeksresultaten in een wetenschappelijk tijdschrift dat door iedereen gratis gelezen kan worden. De belastingbetaler betaalt immers al mee aan dat onderzoek en dan is het logisch dat er niet nog eens betaald hoeft te worden om de resultaten ervan te mogen lezen. Of om het te mogen hergebruiken voor eigen doeleinden.

De praktijk is weerbarstiger. Uitgevers van wetenschappelijke tijdschriften eisen vaak het auteursrecht op voordat ze de artikelen met onderzoeksresultaten willen publiceren. En dat betekent dat auteurs (de onderzoekers) in veel gevallen hun artikelen niet opnieuw mogen publiceren op bijvoorbeeld hun eigen website zodat iedereen daar vrijelijk kennis van kan nemen.

In november 2013 kondigde staatssecretaris Dekker aan een betere toegankelijkheid van wetenschappelijke publicaties en onderzoeksgegevens te willen bewerkstelligen middels open access. Open access betekent dat de onderzoeksresultaten van onderzoek dat met publieke middelen gefinancierd is, juist wel vrijelijk beschikbaar gemaakt moet worden. Maar hoe zorg je er nu voor dat wetenschappelijke uitgevers hier aan gaan meewerken? En hoe zorg je er voor dat onderzoekers hun auteursrecht niet overdragen aan die uitgevers?

Dat laatste is nu geregeld want op 1 juli 2015 is de Wet auteurscontractenrecht in werking getreden. Dit is een wijziging van de Auteurswet die de contractuele positie van auteurs (en andere makers) ten opzichte van hun uitgevers (en andere exploitanten) op een aantal punten versterkt. Eén van deze wijzigingen is een nieuwe bepaling die het mogelijk maakt om elders gepubliceerde wetenschappelijke artikelen na verloop van tijd in de vorm van open access beschikbaar te stellen.

Het wettelijk recht om open access te kunnen publiceren is vastgelegd in het nieuwe artikel 25fa Aw:

De maker van een kort werk van wetenschap waarvoor het onderzoek geheel of gedeeltelijk met Nederlandse publieke middelen is bekostigd, heeft het recht om dat werk na verloop van een redelijke termijn na de eerste openbaarmaking ervan, om niet beschikbaar te stellen voor het publiek, mits de bron van de eerste openbaarmaking daarbij op duidelijke wijze wordt vermeld.

Dit betekent dat alle wetenschappelijke artikelen – van auteurs in onderzoeksinstellingen, universiteiten en hogescholen – dat geheel of gedeeltelijk gefinancierd is met (Nederlandse) publieke middelen na verloop van tijd (ook) open access gepubliceerd mogen worden. Mits daar de bron vermeld wordt van de oorspronkelijke publicatie en er een redelijke termijn met de uitgever afgesproken is.

Het is belangrijk om te beseffen dat deze open access-bepaling geen nieuwe uitzondering op het auteursrecht is maar een wezenlijk nieuw onderdeel van de persoonlijkheidsrechten van een auteur. Dit recht op open access publiceren kan, net als de andere persoonlijkheidsrechten, niet door een auteur overgedragen worden aan een uitgever. Het geldt met terugwerkende kracht eveneens voor bestaande overeenkomsten tussen auteurs en uitgevers en daarmee voor alle wetenschappelijke artikelen die in het verleden gepubliceerd zijn. Ook al hebben auteurs destijds hun rechten overgedragen aan uitgevers.

Er zal echter nog steeds een kloof blijven bestaan tussen wet en werkelijkheid. Auteurs zijn zich lang niet altijd bewust van welke rechten ze hebben, laat staan welke ze overdragen aan uitgevers. Uitgevers op hun beurt – vooral de buitenlandse – zullen Nederlandse auteurs de mogelijkheid moeten gaan geven om gepubliceerde artikelen alsnog via de website van de auteur of de instellingsrepositories vrijelijk beschikbaar te laten maken. Beide partijen moeten daar een werkbare redelijke termijn voor gaan afspreken en ook dat zal nog veel discussies gaan opleveren.

Open access publiceren zal niet van vandaag op morgen een logische keuze worden voor onderzoekers. Het vastleggen van het recht op open access in de Auteurswet is echter een belangrijke eerste stap en het is te hopen dat wetenschappelijke auteurs er ook gebruik van gaan maken.

Deze Recht op informatie column is ook gepubliceerd in IP 6 (2015). Lees meer over de Wet auteurscontractenrecht in een ander artikel dat ik eind juni schreef.
#

Tweetweekoverzicht week 27 2015: Auteurscontractenrecht, netneutraliteit, BBC Three, Scribd, Apple, Elsevier boycot en de Bibliotheek Rivierenland

vakblog tweetweekoverzichtIn het tweetweekoverzicht sta ik alsnog kort stil bij nieuws en interessante ontwikkelingen waar ik wel over getwitterd heb maar waar ik (nog) geen uitgebreide blogpost aan heb gewijd.

Soms omdat anderen dat al beter gedaan hebben dan ik het zou doen, soms omdat er weinig meer over te vertellen valt dan het nieuwtje zelf en soms omdat ik er ook geen blogpost van weet te maken.

In dit tweetweekoverzicht gaat het over wat er gebeurt als muziekmaatschappijen een ISP (kunnen) aanklagen, komt en gaat er muziek van de streaming muziekdiensten, is Apple ook in hoger beroep schuldig bevonden aan prijsafspraken voor ebooks, is de wet Auteurscontractenrecht van kracht geworden, lijkt het einde van netneutraliteit in Europa nabij, gaat BBC Three online-only uitzenden, Bliyoo ereader, verwijdert Scribd titels omdat ze teveel gelezen worden, introduceert de bibliotheek Rivierenland abonnementsvormen voor ebooks-only (incl. ereader) en zetten universiteiten de eerste stap in een boycot van Elsevier

Auteursrecht versus privacy

De muziekmaatschappijen hadden er al lange tijd mee gedreigd maar in november 2014 voerden twee maatschappijen dat dreigement ook uit: ze sleepten een Amerikaanse internetprovider (Cox Communications) voor de rechter omdat de provider niet mee wilde werken met het aanspreken van hun abonnees op (vermeende) inbreuken op het auteursrecht.

Vele duizenden abonnees van Cox Communications staan op de verdachtenlijst bij Rightscorp, een auteursrechtenorganisatie (premiejagers) die namens de twee muziekmaatschappijen optreedt, en er is een top 500 lijst gemaakt van de grootste overtreders. De rechter heeft toegestaan dat de provider de NAW gegevens van de abonnees in kwestie overhandigt maar heeft een voorbehoud ingebouwd dat mensen die op die lijst voorkomen bezwaar kunnen maken bij het Hof tegen het overhandigen van hun persoonsgegevens.

En die bezwaren (PDF) leveren het trieste beeld op zoals je dat mag verwachten als de ‘opsporing’ op basis van een IP-adres gaat dat wel teruggevoerd kan worden naar een apparaat maar niet naar wie er van dat apparaat gebruik heeft gemaakt. Mensen bepleiten hun onschuld omdat ze in die periode niet eens klant waren van Cox Communications of, wat veel terugkomt, dat ze geen wachtwoord op hun wifi hadden zitten maar dat ze zelf geen materialen hadden gedownload. En dat mag je van die 86 jarige weduwe met beginnende Alzheimer toch wel aannemen lijkt me. De rechtszaak zal voorlopig nog wel even voortduren maar het vonnis zal bepalend zijn voor hoe er in de toekomst gejaagd omgegaan wordt met de privacy van Amerikaanse consumenten.

AC/DC plaatst hun muziek online terwijl Prince het er af haalt

Behalve dat het interessant nieuws is voor een liefhebber van AC/DC muziek (steekt hand op), is het ook veelzeggend dat na vele jaren de albums van AC/DC eindelijk te vinden zijn bij de diverse streaming muziekdiensten. De Australische band was nooit voorstander van dit model maar erkent nu dat deze diensten de norm zijn geworden. Misschien is dat juist de reden waarom Prince er genoeg van heeft en alle muziekdiensten heeft verzocht zijn muziek te verwijderen? Wie zal het zeggen?

Apple ook in hoger beroep schuldig bevonden aan prijsafspraken voor ebooks

In 2013 werd Apple schuldig bevonden aan het maken van illegale prijsafspraken met vijf grote uitgevers om de prijzen van ebooks hoog te houden (om niet meegesleurd te worden in de race om de laagstre prijs die Amazon inzette). De uitgevers schikten indertijd maar Apple liet het voorkomen en verloor. Twee jaar later diende het hoger beroep maar het US Court of Appeals handhaafde de eerdere uitspraak. Hierdoor blijft ook de opgelegde schikking die Apple moet doen van 450 miljoen dollar gehandhaafd.

Wet Auteurscontractenrecht is 1 juli 2015 in werking getreden

Afgelopen week was het dan zo ver. Een wijziging van de Auteurswet (en de Wet op de naburige rechten) die de positie van auteurs/makers moet gaan verbeteren en – terloops – ook een Open Access bepaling introduceert in de wetgeving. Ik schreef er uitgebreid over als je meer wilt weten.

Einde van netneutraliteit in Europa?

In Nederland is netneutraliteit in de wet geregeld. Netneutraliteit is, kort gezegd, dat een telecomaanbieder geen onderscheid mag maken tussen de verschillende soorten dataverkeer/diensten die gebruik maken van het internet. Hierdoor mag een provider bijvoorbeeld niet het gebruik van specifieke streaming diensten niet beperken naar consumenten toe maar ook niet die diensten een rekening sturen voor het relatief intensieve gebruik van hun netwerk.

Op Europees niveau lijken er nu andere afspraken gemaakt te zijn die een kunstmatige scheiding aanbrengen tussen het reguliere internet (het ‘open’ internet) en een nieuw ‘internet voor gespecialiseerde diensten’. Bij Ars Technica druipt het cynisme van de pagina af maar ik ben het met hun conclusie eens: het is fraaie terminologie vanuit Europa die effectief een eind maakt aan netneutraliteit door telecomaanbieders de mogelijkheid te geven ‘gespecialiseerde diensten’ de vereiste bandbreedte in rekening te brengen terwijl via het ‘open internet’ dan de toegang tot die diensten niet meer gegarandeerd hoeft te worden. Oftewel, consumenten kan de toegang beperkt worden tot diensten waarvan telecomaanbieders vinden dat die te belastend zijn voor hun netwerk.

BBC Three gaat alleen nog maar online uitzenden

De BBC maakte afgelopen week bekend dat het ivm tegenvallende kijkcijfers en teruglopende budgetten waarschijnlijk een online-only zender wil maken van BBC Three. Volgende maand wil de BBC de knoop definitief doorhakken en dat zou kunnen betekenen dat BBC Three de eerste tv zender wordt die allleen nog maar via internet uitzendt. Wat dat gaat betekenen voor de doorgifte van de zender in Nederland is nog onduidelijk.

Scribd verwijdert (veel) titels omdat ze teveel gelezen worden

Het is één van de risico’s van een ebookabonnementdienst waar je onbeperkt kunt lezen: dat abonnees ook daadwerkelijk heel veel gaan lezen. Scribd is een Amerikaanse all-you-can-read ebookdienst die werkt met gunstige voorwaarden voor uitgevers en auteurs. Kort gezegd krijgt de uitgever en auteur de verkoopprijs uitgekeerd zodra een titel gelezen werd door een abonnee. Dat model was nodig om Scribd een goede start te kunnen geven en heeft vast en zeker bijgedragen aan het succes en de uitbreiding van het aanbod naar meer dan een miljoen titels.

Bepaalde titels, in met name de romantische/erotische genres, worden echter verslonden door Scribd abonnees en dat kost de dienst nu zoveel geld dat veel van deze titels verwijderd worden uit het aanbod. Het lijkt vooral te gaan om titels van Smashwords (een uitgever voor self published titels) maar het blijft een negatief signaal als je gedwongen wordt om goed gelezen en populaire titels van je dienst te verwijderen omdat het te duur wordt. Het toont ook maar weer eens aan dat de term ‘all you can read’ bedoeld is voor de marketing. Uiteindelijk zijn de beste klanten voor diensten als Scribd dus betalende abonnees die slechts enkele boeken per jaar lezen.

Bibliotheek Rivierenland introduceert ebooks-only abonnement incl. ereader

Ik lees inmiddels bijna acht jaar ebooks en wacht ook al zo lang tot de bibliotheken in Nederland de aansluiting weten te realiseren bij het digitale lezen. Het ebookplatform dat vorig jaar januari lanceerde was absoluut een stap in de goede richting maar het bleven gescheiden werelden daar waar het om je eigen lokale openbare bibliotheek ging. Tot de dag van vandaag wordt er nog gesteggeld over hoe de landelijke digitale bibliotheek zich verhoudt tot (het lid worden van) de plaatselijke bibliotheek.

Des te groter was mijn verrassing toen ik zag dat de Bibliotheek Rivierenland als eerste nu komt met een abonnementsvorm waarbij je alleen gebruik maakt van het ebookplatform. Voor €4,50 per maand (€54 per jaar waarbij je voor minimaal drie jaar lid wordt) word je lid van de plaatselijke bibliotheek maar kun je alleen ebooks lenen. Dat kost je dus €162 euro over drie jaar maar die deal wordt *aanzienlijk* beter doordat bij dit abonnement een gratis ereader komt: de Kobo Glo HD ter waarde van €130 euro. Oftewel, voor €32 extra heb je drie jaar lang de mogelijkheid om ebooks te lenen van de bibliotheek als je toch al van plan was een goede ereader aan te schaffen. De Bibliotheek Rivierenland geeft er ook nog een (mooie!) hoes van de bibliotheek bij cadeau dus als de Bibliotheek Rivierenland bij jou in de buurt zit, en je bent toe aan een nieuwe ereader, dan lijkt me dit de beste deal die je kunt krijgen.

De bibliotheek maakt de ereader ook beschikbaar in een nieuw ‘all you can read’ abonnement waarbij je zowel de reguliere (fysieke) diensten als de ebooks kunt gebruiken. Ik heb er dus lang op moeten wachten maar de bibliotheken gaan nu eindelijk het digitaal lezen serieus nemen. Ik vind het een prachtig initiatief dat hopelijk door de hele bibliotheekbranche wordt overgenomen.

Universiteiten beginnen boycot van Elsevier

De onderhandelingen tussen de universiteiten en Elsevier over de nieuwe big deal, waarbij open access centraal moet staan, zitten muurvast. Reden voor de universiteiten om een eerste stap te zetten in het boycotten van Elsevier om meer druk te gaan zetten op die onderhandelingen en een duidelijk signaal af te geven dat de universiteiten niet van plan zijn onder de huidige voorwaarden door te gaan met Elsevier.

Die eerste stap bestaat uit het benaderen van Nederlandse wetenschappers die (hoofd)redacteur zijn bij 1 van de 2200 Elseviertijdschriften met de vraag of ze hun functie willen neerleggen. Dat zal ongetwijfeld niet door iedereen gedaan worden (de universiteiten kunnen het niet verplichten) maar een volgende stap zal dan bestaan uit het vragen om geen peer reviews meer uit te voeren voor Elseviertijdschriften. Werkt dat ook onvoldoende dan kunnen de universiteiten vragen om geen artikelen meer aan te leveren aan Elsevier waarbij effectief Elsevier in de ban gedaan wordt door de universiteiten. Het wachten is nu op een reactie van Elsevier.

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top