Tweetweekoverzicht week 48 2017: Freda, digitale tijdschriften, verkopen van onderwijsmateriaal en Wehkamp gaat boeken verkopen

vakblog tweetweekoverzicht
Elke week maak ik een tweetweekoverzicht waarin ik alsnog stil sta bij nieuws en interessante ontwikkelingen waar ik wel over getwitterd heb maar waar ik (nog) geen blogpost aan heb gewijd.

Freda ebookapp voor Windows 10 en Android

Van een review is het nooit gekomen maar ik heb lange tijd Freda gebruikt als ebookapp op mijn Windows telefoon. Niet dat die perfect was maar het aanbod van apps op Windows is sowieso beperkt en toen was ik blij een gratis app te vinden die goed werkt en ook nog eens probleemloos overweg kan met OneDrive & Calibre, waarin ik mijn collectie ebooks bewaar.

Toen ik naar een iPhone overstapte was het afgelopen voor mij met Freda onderweg in de trein maar op mijn Windows 10 laptop staat de app nog steeds. En kreeg het afgelopen week een update wat in elk geval bewijst dat de ontwikkelaar er nog steeds mee bezig is. Als je toch een ebook wilt lezen op je Windows 10 apparaat, dan kan dat in elk geval met Freda.

(Freda is er ook voor Android sinds deze week hoewel ik dan toch echt Moonreader Pro zou adviseren)

(Digitaal) lezen van tijdschriften

Na jaren C’t magazine gelezen te hebben (zelfs met abonnement) is het jammer te zien dat uitgever F&L Publishers failliet is. Maar eerlijk is eerlijk, ik denk dat het tijdperk van papieren tijdschriften grotendeels voorbij is. Ik kocht en las jarenlang meerdere computer- en gamestijdschriften elke maand maar vind mijn nieuws, tips en achtergrondinformatie ook al net zo lang op internet.

En tja, de tijd dat ik ‘s avonds met een tijdschrift op de bank zit zitten is voorbij. Tablet, ereader, laptop en tv voeren de boventoon en die paar tijdschriften waar ik nog wel een abonnement op heb delven constant het onderspit. Sinds vorige maand is de IP ook als PDF beschikbaar en ik weet nu al dat ik het daardoor vaker ga lezen (en als Onze Taal ook nou elke maand een PDF beschikbaar maakte ipv een digitale versie in de Bliyoo app te plaatsen).

Maar ja, als digitale versies van tijdschriften één ding duidelijk maken dan is het wel dat de meeste websites dezelfde soort artikelen beter en gratis aanbieden. Het is niet voor niets dat de meeste tijdschriften die ik vroeger las er inmiddels niet meer zijn. En in dat rijtje komen dus helaas C’t magazine en CHIP nu ook te staan.

Delen en verkopen van onderwijsmateriaal door studenten

Ik kon het nieuwsitem en artikel van NOSop3 goed gebruiken afgelopen donderdag tijdens het gastcollege dat ik gaf over intellectueel eigendomsrecht en consumentenrecht. Nou ja, niet zo zeer consumentenrecht maar het is wel een prachtig voorbeeld van hoe je meerdere verschillende perspectieven en belangen kunt hebben binnen een discussie over het delen van onderwijsmateriaal door studenten.

Auteursrechtelijk kun je inzoomen op wie nou precies de rechthebbende is van wat maar ja, daar kun je geen generieke uitspraken over doen – al probeerde ik dat een paar jaar geleden wel – en moet je naar elk individueel werk kijken.

Prof. mr. Visser formuleerde het tactisch: “Alles wat een docent produceert, is auteursrechtelijk beschermd, van collegesheets tot tentamens. Eigen samenvattingen en aantekeningen mogen wel, maar dan mogen er geen hele alinea’s of vormgeving gekopieerd zijn.” maar ging wijselijk niet in op de nuances. Hij weet ook wel dat je niet heel ver komt met claims over auteursrechtschap als je als docent slides produceert met alleen opsomtekens en steekwoorden. En dat tentamenvragen ook niet het beste voorbeeld zijn van auteursrechtelijk beschermde werken, laat staan dat tentamenvragen ook door docenten bij elkaar geraapt worden uit allerlei bronnen.

En waarom zou een student zijn eigen aantekeningen niet mogen delen met anderen? Tegen betaling? Als die student hartstikke goede aantekeningen maakt en materiaal produceert waar anderen voor willen betalen? Dan is er wel een kans dat het auteursrechtelijk niet 100% klopt als hij of zij te veel heeft gebruikt uit een reader bijvoorbeeld maar wie gaat dat controleren?

En waarom zouden de belangen van onderwijsinstellingen die ‘balen’ van deze praktijk zwaarder moeten wegen dan de belangen van studenten? Een conclusie heb ik niet maar als je studenten over auteursrecht en hun eigen belangen & rechten wilt laten nadenken, dan is dit een uitstekende discussie om te voeren.

Wehkamp gaat boeken en ebooks verkopen

Op de website heeft het (nog?) geen eigen categorie maar bij Wehkamp kun je nu ook boeken bestellen. Vijfduizend Nederlandse titels dat de komende maanden moet groeien naar 30.000 boeken en waar dan ook ebooks aan toegevoegd zullen worden.

Een (verontwaardigde) reactie vanuit de boekwinkels heb ik nog niet ergens gelezen. Net zo min als over het groeiend assortiment van (kinder)boeken dat ik in diverse speelgoedwinkels heb gesignaleerd de afgelopen maanden. De populaire kinderboeken zijn nu makkelijker te vinden in speelgoedwinkels dan in de meeste boekwinkels en dat is toch wel bijzonder. Net als ebooks kopen bij Wehkamp. Al zie ik mezelf dat niet zo snel doen maar wie weet?

En verder nog …

Je begint met het delen van je publicaties met anderen en nu vraagt Academia.edu geld om je publicaties/profiel te promoten. Niet heel erg open access he?

Amazon komt nu met een nieuw label: Amazon Original Stories, bedoeld voor korte verhalen die je in één ruk kunt uitlezen. Gratis als je Kindle Unlimited of Prime hebt (en in 1 van de landen woont waar je er ook gebruikt van kunt maken) en $1,99 voor de rest van de wereld. Benieuwd!

KPN komt (wederom) met een extraatje voor klanten in december en daar heb je deze keer ook de mogelijkheid bij om drie ebooks te kiezen uit een aanbod van 29 Nederlandstalige titels. Gelukkig voor mij zaten daar ook een aantal kinderboeken bij :)

Zit de jeugd te wachten op een website om te gaan lezen? We zullen het in 2018 gaan zien.

Wat krijg je als de Finse auteursrechtenorganisatie geen deal met YouTube wil sluiten? Heel veel geblokkeerde muziekvideo’s dus.

#

Juridische kwesties: Werkgeversauteursrecht op onderwijsmateriaal

Dafne Jansen (UB Utrecht) vraagt:

In 2025 wil het ministerie van OCW dat al het onderwijsmateriaal in het hoger onderwijs open en online beschikbaar wordt gesteld. De bibliotheek is druk bezig met het onderzoeken van de eisen en wensen aan de infrastructuur om dat mogelijk te maken. Maar, zo vragen veel docenten zich af, hoe zit het met het eigendom van dat materiaal? Is dat wat je onder werktijd produceert automatisch van je werkgever? Ik vermoed dat een en ander contractueel wordt vastgelegd, maar meen dat er dan een focus op onderzoek wordt gelegd en niet op onderwijs.

Raymond Snijders antwoordt: Het is in het hoger onderwijs een veelvoorkomend misverstand dat er in het auteursrecht verschil bestaat tussen het maken van een werk onder werktijd of in eigen tijd. De Auteurswet doet er namelijk geen uitspraak over.

Artikel 7 Aw stelt wel dat, als een persoon in dienst is van een werkgever, deze werkgever de auteursrechthebbende is: Indien de arbeid, in dienst van een ander verricht, bestaat in het vervaardigen van bepaalde werken van letterkunde, wetenschap of kunst, dan wordt, tenzij tusschen partijen anders is overeengekomen, als de maker van die werken aangemerkt degene, in wiens dienst de werken zijn vervaardigd.

Dit zogenaamde werkgeversauteursrecht vormt daarmee de basis van de discussies over auteursrecht voor iedereen die werkzaam is in een hoger onderwijsinstelling. Het wetsartikel geeft namelijk nog ruimte in de interpretatie om te claimen dat als je iets in je vrije tijd gemaakt hebt, dit artikel niet van toepassing is. Of als je beweert dat het maken van een werk helemaal geen onderdeel is van jouw takenpakket.

Maar zowel de CAO Nederlandse Universiteiten als de CAO hbo zorgen voor uitsluitsel. Beide CAO’s bevatten artikelen (artikel 1.22 en artikel E-7 respectievelijk) die duidelijk maken dat het auteursrecht op werken in de zin van de Auteurswet toekomen aan de werkgever indien het vervaardigen door de werknemer in de uitoefening van zijn functie is. Of wordt verricht ten behoeve van de werkgever. Het maakt hierbij dan niet meer uit of je dat onder werktijd of in je eigen tijd gemaakt hebt, alleen maar of het in het verlengde ligt van je werkzaamheden.

Kijkend naar de Auteurswet en de CAO’s is het dus duidelijk dat als een docent (of onderzoeker) een werk maakt in zijn hoedanigheid als docent of onderzoeker, het auteursrecht toekomt aan de onderwijsinstelling. Dat geldt voor onderzoekspublicaties en dat geldt dus ook voor onderwijsmateriaal.

De praktijk is – natuurlijk – weerbarstiger. Bij onderzoekspublicaties worden er (contractuele) afspraken gemaakt met uitgevers over het auteursrecht maar voor onderwijsmateriaal worden dit soort afspraken niet gemaakt met de eigen instelling. Onderwijsmateriaal is ook nog eens extra lastig omdat docenten zelden al hun materiaal zelf fabriceren maar bijna altijd gebruik maken van artikelen, afbeeldingen en teksten van anderen. Dat is dankzij de onderwijsexceptie in de Auteurswet netjes geregeld voor het eigen onderwijs – overname van korte stukken mag zonder toestemming van de rechthebbende – maar zodra dat samengestelde onderwijsmateriaal open en online beschikbaar gesteld moet worden geldt die uitzondering niet meer. En moet voor alle overnames in het onderwijsmateriaal dat niet door de eigen medewerkers geschreven is alsnog toestemming geregeld worden.

Voordat al het onderwijsmateriaal in het hoger onderwijs open en online beschikbaar gesteld kan worden zullen er dus, behalve ten aanzien van de infrastructuur, ook nog de nodige auteursrechtelijke hindernissen geslecht moeten worden.

Deze Juridische kwesties is ook gepubliceerd in IP 6 (2016).

 

Beste collega’s, sla je slag, pak je kans en mail die prangende auteursrechtvragen naar redactie (at) informatieprofessional.nl om het antwoord terug te lezen in de IP en op Vakblog. Als je liever je naam er niet bij vermeld wilt hebben dan kan dat ook! Of mail ze anders naar mij op rsnijders (at) gmail.com. Jullie input is mijn output enzovoorts.

#

Wat mag je (auteursrechtelijk) in het onderwijs met aanvullend toetsmateriaal van uitgevers?

auteursrechtelijk gebruik van toetsmateriaal en aanvullend onderwijsmateriaalVia Marcel, een collega van Avans Hogeschool, kwam de volgende vraag van een docent: In mijn colleges ga ik in op de stof uit een voorgeschreven studieboek en voeg ik aan het einde van dit college enkele multiple choice vragen toe die ik van de site van de uitgever haal. Na afloop van het college plaats ik mijn sheets inclusief vragen op Blackboard. Is dit echter wel auteursrechtelijk geoorloofd?

Marcel voegt er aan toe: Soortgelijke vragen komen onze kant op als docenten een docentenversie hebben van voorgeschreven literatuur die de student moet gebruiken. Deze docentenversie bevat de uitwerkingen van opdrachten (uit het studentenexemplaar) die de docent wil delen met zijn studenten maar het is ze vaak niet duidelijk wat ze nu wel en niet mogen met het docentenexemplaar.

Van wie zou het niet mogen?

Het zijn twee verschillende vragen maar ze liggen wel in elkaars verlengde.  In beide gevallen is er door de uitgever toetsmateriaal beschikbaar gemaakt als aanvulling op het studieboek dat door de uitgever verkocht wordt. En gaat het in beide gevallen om materiaal dat specifiek bedoeld is voor de docenten. In het geval van een speciale docentenversie van een studieboek is het natuurlijk niet de bedoeling dat de studenten kunnen beschikken over de uitwerkingen van de opdrachten die in hun eigen versie van dat boek staan. Het kan dan wat raar aanvoelen als je als docent alsnog de uitwerkingen deelt met je studenten. Alsof je een niet uitgesproken afspraak met de uitgever niet nakomt.

Dit heeft echter niet zo zeer te maken met het auteursrecht. Educatieve uitgevers willen graag hun studieboeken tot een verkoopsucces maken en de route om zo veel mogelijk exemplaren te verkopen loopt nou eenmaal via de docenten. Als een docent het materiaal niet gebruikt in zijn of haar les – niet voorschrijft op de literatuurlijst – dan gaan studenten dat vanzelfsprekend ook niet aanschaffen. Dat is de reden dat uitgevers het zo aantrekkelijk mogelijk willen maken voor een docent om hun studieboeken te gebruiken en ze verrijken het fysieke boek dan ook graag met aanvullend achtergrondmateriaal, opdrachten, ander toetsmateriaal of zelfs een complete website die complementair is aan het boek.

Vaak is al dat materiaal beschikbaar voor iedereen die het boek gekocht heeft maar soms is het specifiek voor de docent bedoeld en tja, dan moet je er wel zorg voor dragen dat studenten niet zo maar bij antwoorden en uitwerkingen van opdrachten kunnen komen. Op papier kiezen uitgevers er dan soms voor om een aparte docentenversie van een boek uit te brengen die niet op reguliere wijze (door studenten) besteld kunnen worden en digitaal wordt het achter een inlog gezet waarbij je moet aantonen dat je docent bent.

Wil je als docent echter dat materiaal, dat voor jou bedoeld is, weer delen met studenten? Dan kan dat zonder problemen. Nadat je de uitwerking van een opdracht besproken hebt kun je die gewoon delen en dat geldt ook voor multiple choice vragen, proefexamens of wat dan maar ook.

Maar wel binnen auteursrechtelijke grenzen natuurlijk

Qua auteursrecht maakt het niets uit of je materiaal uit een regulier studieboek, een studentenversie of een docentenversie wilt gebruiken in het onderwijs. Al die werken zijn auteursrechtelijk beschermd en als je delen ervan wilt plaatsen in de elektronische leeromgeving voor studenten dan geldt daar de readerovereenkomst voor. Dit is een uitwerking van de onderwijsbeperking in de Auteurswet in de vorm van een afkoopregeling waarbij ten behoeve van het onderwijs tot 10.000 woorden uit een (studie)boek mag worden gebruikt in een reader of elektronische leeromgeving zonder dat daar toestemming van de uitgever of auteur nodig is. Of de uitgever het wel een goed idee vindt dat je de uitwerkingen uit een docentenversie deelt met je studenten is daarmee dus niet meer van belang. Dat mag (en moet) je zelf bepalen.

Het geldt dus ook in die – sporadische – gevallen dat er bij het aanvullende materiaal vermeld staat dat je het niet voor bepaalde doeleinden mag gebruiken. Ook al is het auteursrecht een verbodsrecht, als je dat materiaal gebruikt conform de voorwaarden van één van de uitzonderingen in de Auteurswet dan heb je geen toestemming nodig en kan de rechthebbende je het dus ook niet verbieden.

Vroeger zag je bijvoorbeeld nog wel eens een sticker op een dvd zitten waarop stond dat het niet voor educatieve doeleinden gebruikt mocht worden. De vertoningsbeperking uit artikel 12, lid 5 Aw, staat een docent echter toe om de dvd desondanks gewoon te mogen vertonen in de les.

auteursrechtelijk gebruik van toetsmateriaal en aanvullend onderwijsmateriaal

Multiple choice vragen zijn geen (studie)boeken natuurlijk. De multiple choice vragen die de docent van de site van de uitgever heeft gehaald zijn in beginsel echter ook beschermd door het auteursrecht hoewel hier geen strakke afbakening in te maken is. De vraag is namelijk of een multiple choice vraag gezien kan worden als een werk.

Om iets als een werk te mogen bestempelen moet er sprake zijn van een eigen oorspronkelijk karakter en een persoonlijk stempel van de maker. Je moet dus wel een formulering kiezen die niet simpelweg ontleend is aan een al bestaand iets en waar je als maker eigen creatieve keuzes in gemaakt hebt. Een simpele opsomming van enkele feiten kan dan als banaal en triviaal gezien worden (Wat is de hoofdstad van Nederland? a) Den Haag, b) Zwolle of c) Amsterdam?) en dergelijke vragen zouden dan niet als een werk gezien hoeven te worden.

Je mag echter verwachten dat de multiple choice vragen die door een uitgever gemaakt worden om de inhoud van een specifiek studieboek te toetsen wel degelijk als werken gezien mogen worden. Het is dan ook verstandig om van dezelfde voorwaarden uit te gaan als van het overnemen uit een boek en maximaal 10.000 woorden als aanvulling op je sheets in de elektronische leeromgeving te zetten. In de praktijk zal echter geen uitgever eisen dat een docent de (zelf)toetsvragen, die door de uitgever zelf verspreid worden, niet in de elektronische leeromgeving mag plaatsen. Twijfel je ondanks het bovenstaande nog steeds of je het mag gebruiken? Neem dan contact op met de uitgever en vraag het expliciet na.

@afbeelding via Pixabay met CC0 verklaring

#

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top