Over open source lettertypes, Dyslexie en auteursrecht op lettertypes

Als je denkt dat het wel een hele lange en rare titel voor een blogpost is, dan kan dat kloppen. Ik had drie blogpostjes, nou ja kladjes met wat korte zinnen en steekwoorden, nog als concept staan en alle drie gingen ze over lettertypes. Ik bleef steken bij de eerste omdat ik niet beschreven kreeg wat ik er nou mee wilde zeggen en dan is dat net alsof er iets in het afvoerputje blijft zitten want het blokkeerde ook de tweede en derde. Nu dacht ik echter dat ik het maar gewoon eens in 1 nieuwe blogpost ga proberen. Nieuwe ronde, nieuwe kansen.

De aanleiding van dit alles was dat ruim een jaar geleden een Nederlandse ontwerper een lettertype had ontwikkeld dat het voor dyslectici makkelijker maakte om teksten goed te lezen en te schrijven. Christiaan Boer haalde er de Nederlandse pers mee, kreeg zijn 10 minuten faam in de wereldpers en zowel op het grotemensen journaal als het Jeugdjournaal kwam dat nieuws voorbij. Terecht natuurlijk want dat je dyslectici kunt helpen door een lettertype op maat, dat was en is groot nieuws. Plus, hoe vaak zie je nou een lettertype het nieuws halen?

Mijn enthousiasme werd wel een stukje minder toen duidelijk werd dat dit lettertype, Dyslexie genaamd, niet vrijelijk aan de gemeenschap beschikbaar werd gesteld. De miljoenen dyslectici wereldwijd kregen een licentiestructuur voorgeschoteld waarin je van particulier tot instelling een licentie op het gebruik van het lettertype kon nemen. Particulieren betalen 69 euro en kunnen dan dat lettertype op hun pc gebruiken, instellingen betalen wat meer en er is zelfs een plugin die je op sites kunt installeren zodat bezoekers alle tekst met een druk op de knop kunnen omzetten naar het Dyslexie lettertype.

Ik snap natuurlijk best dat je als ontwerper de vruchten mag en wilt plukken van je arbeid. Ik geef toe wel even nagekeken te hebben hoe het nou zit met auteursrecht op lettertypes maar ook dat is netjes geregeld in onze wetgeving. Dat geplande blogpostje-als-klad werd overbodig toen Arnoud Engelfriet het eind vorig jaar veel beter toelichtte dan ik en helder aangaf dat je een auteursrechtelijk beschermd lettertype alleen maar mag gebruiken zoals het in de licentie wordt voorzien.

Ook al is er auteursrechtelijk niks op te merken over het commercieel exploiteren van een nuttig lettertype als Dyslexie, ook al weet ik dat ik misschien hetzelfde gedaan had als ik het ontworpen had, toch stoort het me. Dat iets dat een positieve bijdrage kan leveren aan de ongemakken waar dyslectici nu eenmaal mee te maken hebben nu niet laagdrempelig toegankelijk is. Dat kennelijk geen onderscheid gemaakt wordt tussen commercieel en niet-commercieel gebruik van zo’n lettertype.

Misschien zegt het al genoeg dat ik in die bijna anderhalf jaar na de introductie van het lettertype nauwelijks websites ben tegengekomen die zo’n knop hebben om het makkelijker leesbaar te maken voor dyslectici. Ja, er zijn (educatieve) uitgevers die het lettertype gebruiken om hun boeken voor dyslectici te verbeteren en ook Kluitman maakte bekend enkele kinderboeken nu te gaan herdrukken met dit lettertype maar dit zijn druppels op een gloeiende plaat en deze commerciële -papieren- toepassing staat ook in geen verhouding met hoe het op internet gebruikt zou kunnen worden.

Zelfs Adobe, ontwerper en rechthebbende van vele lettertypes, introduceerde begin augustus 2012 hun eerste open source lettertype, Source Sans Pro. Geen kosten, je mag er mee doen wat je wilt en je mag het zelfs aanpassen als je wilt, mits je de nieuwe bestanden dan zelf ook weer vrijelijk verspreidt. O.a. Google maakt honderden open source lettertypes beschikbaar als Google Webfonts waardoor Source Sans Pro -en op moment van schrijven nog 520 andere lettertypes- eenvoudig op alle websites gebruikt kunnen worden en bijvoorbeeld ook beschikbaar zijn in Google Drive voor documenten.

Met Dyslexie is de afweging tussen verregaande verspreiding en gebruik aan de ene kant en het er aan willen verdienen aan de andere kant, in het nadeel van het eerste uitgevallen. Dat is jammer want de reden dat er zoveel terechte ophef om werd gemaakt was niet om het businessmodel te promoten van de ontwerper maar de hoop en het enthousiasme dat dyslectici er wat mee zouden opschieten. Ik zou het journaal echter meteen weer aanzetten als een dergelijk lettertype als open source variant beschikbaar zou komen. Zodat je binnen enkele maanden honderden, zo niet duizenden, websites zou gaan zien die er gebruik van maakten. Zodat je niet alleen in boeken maar ook in software (menu’s en helpteksten) en overal op het internet dat lettertype zou aantreffen. Commercieel en niet commercieel.

Maar ja, dat is naïef gedacht van me.

@foto: jm3 via photo pin cc

#

  • © 2006- 2020 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top