Tweetweekoverzicht week 24 2018: Twitter en woordenboeken, Chrome extensies, nieuwe Archiefwet, AVG excessen, Utrechtse Boekenmarkt en 15 jaar SHB

vakblog tweetweekoverzicht
Elke week maak ik een tweetweekoverzicht waarin ik alsnog stil sta bij nieuws en interessante ontwikkelingen waar ik wel over getwitterd heb maar waar ik (nog) geen blogpost aan heb gewijd.

Twitter en (online) woordenboeken

Een leuk artikel over hoe woordenboeken Merriam-Webster (en Dictionay.com) Twitter gebruiken voor de eigen marketing. Door in te spelen op de actualiteit en wijzen op verkeerd woordgebruik van bekende Amerikanen weten de beide woordenboekenbedrijven het stoffige imago flink op te vijzelen.

In Nederland moeten we het niet hebben van de Van Dale die er voornamelijk saaie degelijke tweets uitgooit. Ze zouden eens goed moeten kijken bij Onze Taal, die tenminste snapt dat Twitter een gesprek is met anderen in plaats van mini persberichtjes te versturen van max. 280 tekens. Dus hup, Van Dale, gebruik die prachtige (etymologische) woordenboeken eens om het taalgebruik op Twitter te verrijken.

Alleen nog maar officiële extensies voor Chrome

Er werd al jaren mee ‘gedreigd’ door Google en afgelopen week was het dan zo ver. De mogelijkheid om extensies te installeren buiten de ingebouwde Chrome Web Store om, is afwezig voor nieuw gepubliceerde extensies en vanaf 12 september gaat dat voor alle extensies gelden. Het is dan niet meer mogelijk om extensies rechtstreeks vanaf de websites van ontwikkelaars te installeren.

Het doel is volgens Google vooral om te voorkomen dat kwaadwillenden deze mogelijkheid gebruiken om malware in de Chrome browser te plaatsen. Het is ongetwijfeld ook bedoeld om tooltjes uit te schakelen die DRM beveiliging of georestricties omzeilen en die als rechtstreekse downloads worden aangeboden omdat ze geweigerd worden in de Chrome Web Store.

Nieuwe archiefwet op komst

Er wordt al veel langer over gepraat maar tijdens de Archiefdagen vorige week (11 en 12 juni) wist Arie Slob te melden dat er daadwerkelijk gewerkt wordt aan een nieuwe archiefwet met ook een kortere overbrengingstermijn. Een eerste wetsvoorstel moet er in het begin van 2019 zijn.

Wat voor mij een reden is om de site van KVAN goed in de gaten te blijven houden voor de volgende editie van de Archiefdagen volgend jaar. Die site is overigens vernieuwd omdat KVAN samen met BRAIN tegenwoordig een webplek deelt.

Niet zo geslaagd

Voor het eerst staan de namen van geslaagde leerlingen niet meer in de krant. De reden? De nieuwe privacywetgeving natuurlijk. De AP meldt op de vraag of dit toegestaan is, dat eigenlijk iedere leerling toestemming moet geven om met zijn of haar naam in de krant te komen (en dat de ouders dat moeten doen als de leerling nog geen 16 is). Dat is vragen naar de bekende weg want als je de wet strikt volgt dan is dat precies wat er staat.

De discussie wordt niet gevoerd over hoe wenselijk het voor de samenleving is dat scholen, (sport)verenigingen, kerken en andere organisaties die een belangrijke rol vervullen, feitelijk nu gedwongen worden om het nooit meer over de mensen te hebben die ze helpen of met wie ze samen werken. Ik snap de privacywetgeving uitstekend, vind het ook zeer belangrijk maar vind ook dat je kunt overdrijven.

Er is zo’n beetje een foto-verbod ontstaan op de scholen van mijn kinderen want die foto’s mogen niet meer in de nieuwsbrief komen en tja, waarom zou je ze dan maken? Ik las over sportverenigingen die geen wedstrijdverslagen meer maken omdat ze die niet op de eigen website mogen plaatsen. Kerken waar tijdens de dienst niet meer de namen van zieken genoemd worden waarvoor gebeden wordt (want kerkradio he?). Allemaal te rechtvaardigen onder de nieuwe privacywetgeving maar willen we dit nu echt met elkaar? Vragen we nu echt dat in elke parochie de zieken om toestemming gevraagd moet worden voordat er in de kerk voor ze gebeden mag worden? Vragen we van scholen om alle ouders eerst om toestemming te vragen voordat die drie foto’s van een klasse-uitje in een nieuwsbrief geplaatst mogen worden? Tikken we echt juffen en meesters op de vingers omdat ze een foto van een schoolreisje op Instagram zetten? Die scholen die het uberhaupt nog aandurven om een Instagram account te hebben.

Utrecht krijgt jaarlijkse boekenmarkt

Kijk, goed nieuws voor alle liefhebbers van boekenmarkten! De eerste editie van de Utrechtse Boekenmarkt gaat plaatsvinden op 16 september.

15 jaar SHB

Is het al weer 15 jaar geleden? Het Samenwerkingsverband Hogeschool Bibliotheken (SHB) werd in 2003 opgericht door 8 hogescholen en dat betekent dat dit jaar het derde lustrum gevierd kon worden. Dat was afgelopen donderdag (hogeschool nummer 34 sloot zich daags ervoor aan) en dat werd gevierd met een aantal boeiende sprekers, een nieuw logo, een vernieuwde website en een heus SHB lied dat door D-licious Vocals vertolkt werd.

#

Ebooks in de hogeschoolbibliotheek: impressie van een SHB themamiddag

Ebooks komen bijna elke week wel in het nieuws. Je kunt ze doorverkopen bij Tom Kabinet, je kunt er steeds meer lenen bij de openbare bibliotheken en uitgevers beginnen nu (eindelijk) met nieuwe diensten te komen zoals Elly’s Choice. Maar welke mogelijkheden zijn er nou voor ebooks in de hogeschoolbibliotheek? Kun je iets met de grote ebookpakketten in je collectie? Hoe zit het nou met het aanbod van educatieve uitgevers? En hoe zorg je er voor dat je de titels kunt kopen die je wilt aanbieden?

Er komen geen leveranciers aan het woord over hun (gebrek aan) aanbod, maar we staan stil bij de praktijksituatie bij enkele hogescholen. Welke (juridische) ontwikkelingen spelen een rol, hoe kom je met uitgevers in gesprek over toegangs- en kostenmodellen om datgene te krijgen wat jouw opleidingen nodig hebben en hoe presenteer je vervolgens de digitale collectie?

Dat stond er in de uitnodiging te lezen voor de halfjaarlijkse themamiddag van het Samenwerkingsverband Hogeschoolbibliotheken (SHB) die vanmiddag dus plaatsvond. Die mocht ik organiseren/coördineren en ook nog eens openen met een kort verhaal over de (juridische) ontwikkelingen, de lastige aspecten van het opnemen van ebooks in je dienstverlening en wat er mijns inziens nodig is om die discussies weer wat vlot te trekken.

Hierbij ging ik in op het – niet altijd voor de hand liggende – verschil tussen aanbieden van papieren en digitale boeken aangezien ebooks niet zo maar gekocht en uitgeleend kunnen worden. Aangezien je te maken hebt met een zeer grote diversiteit aan prijs- en toegangsmodellen bij de diverse uitgevers is het zaak heel duidelijk te krijgen wat het onderwijs (en jij als bibliotheek) precies nodig hebt. En daar het gesprek met de uitgevers over aan te gaan. En dat allemaal onder het motto “Some people WANT it to happen, some WISH it would happen, others MAKE it happen”.

Pionieren met ebooks

Daarna vertelde Ria Paulides over de ervaringen van de hogeschool Inholland met ebooks in hun eigen bibliotheek die per 1-9-2015 volledig digitaal zal (moeten) zijn.

Daarvoor is ze met vele uitgevers aan het praten om tot zo veel mogelijk (nieuw) digital aanbod te komen maar is ook Inholland druk doende om alle verschillende platformen en modellen ingebed te krijgen in hun eigen dienstverlening.

Met de discovery tool Summon wordt er één zoekschil gemaakt over al die digitale content maar lopen zij – net als bijna alle andere instellingen die een discovery tool gebruiken – tegen het probleem aan dat niet alles beschikbaar en geïndexeerd is.

In tegenstelling tot vele andere hogeschoolbibliotheken wordt er bewust niet gestreefd door de bibliotheek van Inholland naar ebookversies van voorgeschreven literatuur. En zijn er ook verschillende andere categorieën materiaal waarvan ze nu al weten dat het niet digitaal beschikbaar zal komen, zoals onderwijsmethodes, jeugdboeken, bladmuziek en veel van de al genoemde voorgeschreven literatuur.

Ondanks alle gesprekken die nog op de planning staan met educatieve uitgevers beschouwt Ria Paulides het hele proces als pionieren en is er absoluut nog geen sprake van eenheid in het aanbod bij de uitgevers. Ze benadrukt ook dat de werelden van de hogeschoolbibliotheken en uitgevers daarvoor dichter bij elkaar moeten komen.

Presenteren van ebooks

Jaroen Kuijper van de Hogeschool van Amsterdam ging vervolgens in op hoe je vervolgens ebooks zichtbaar maakt en promoot in de hogeschoolbibliotheek.

Als alternatieven voor discovery tools en websites gaf hij aan dat je ebooks onder de aandacht moet brengen op plekken waar de studenten (en docenten) toch al zijn. Zoals bijvoorbeeld kaartjes met ebooktitels (en QR code die je naar de URL leiden) zetten tussen de fysieke boeken in boekenkasten, een interactieve projectie op de vloer waarbij je op ebooks ‘stapt’ die vervolgens geopend worden en op studieplekken bij opleidingen waar studenten studeren.

Vanuit het publiek gaf Maarten Hekman (van de HAN) het aanvullende voorbeeld van hoe ze ebooktitels die ook op de voorgeschreven literatuurlijsten staan, apart vermelden op die literatuurlijsten zodat studenten kunnen kiezen tussen aanschaffen van een papieren exemplaar of gebruik maken van het ebookexemplaar.

Samen of alleen?

Tja en dan? Gaat (en kan) iedereen zelf met uitgevers praten en de vraag binnen de eigen organisatie ophalen? Of kun je gebruik maken van het samenwerkingsverband waarin zo’n 30 hogeschoolbibliotheken deelnemen? Dat was de vraag van Marie-José Lampe van de Hogeschool Rotterdam aan de 60 aanwezigen stelde. Daar kwamen niet meteen kant en klaaroplossingen als reactie op maar wel het voornemen om aan de slag te gaan om gezamenlijk te streven naar meer uniformiteit in de toegang- en prijsmodellen bij uitgevers. En met elkaar te formuleren waar de hogeschoolbibliotheken zelf prioriteit aan geven en belang aan hechten.

Ongetwijfeld hadden enkele aanwezigen gehoopt op die gouden tips en pasklare antwoorden waarmee ze snel en gemakkelijk zelf mee aan de slag konden. Al die individuele afspraken, overeenkomsten en technische aspecten leveren immers een hoop werk op, zoals iemand verzuchtte in de zaal, maar het maakt hoe dan ook onderdeel uit van het (nieuwe) takenpakket van de hogeschoolbibliothecaris.

#

Disintermediation of over de rollen van hogeschoolbibliotheken, uitgevers en eindgebruikers

disintermediationAls je als Samenwerkingsverband Hogeschoolbibliotheken 10 jaar bestaat dan moet dat natuurlijk gevierd worden. Daarom vond afgelopen vrijdag, 21 juni, een feestelijke bijeenkomst plaats om stil te staan bij dit feit. En ook al was het gemakkelijk geweest om alleen maar terug te kijken op de afgelopen 10 jaar, de focus van het programma lag vooral op de uitdagingen die hogeschoolbibliotheken nog voor zich hebben liggen en hoe die het beste in gezamenlijkheid aangepakt zouden kunnen worden. Je bent niet voor niets een samenwerkingsverband, nietwaar?

Bestaat de hogeschoolbibliotheek nog over 10 jaar?
Ook al zijn de onderlinge verschillen groot tussen de meer dan 30 hogeschoolbibliotheken, dat betekent niet dat je niet na moet denken over je (eenduidige) rol als onderwijsbibliotheek. Sterker nog, die grote verschillen benadrukken juist dat er geen duidelijk verhaal, geen duidelijke visie is, over wat een hogeschoolbibliotheek precies kan betekenen voor hbo instellingen en hbo onderwijs. En als je niet exact weet wat je rol is (of zou moeten zijn) in die keten van informatievoorziening, dan is het ook lastig om te gaan met alle veranderingen, ontwikkelingen en bedreigingen. Moet je daar iets mee en zo ja, wat dan precies? Voor welk belang strijd je dan eigenlijk?

In een tijdperk waarin informatieleveranciers zoveel mogelijk rechtstreeks naar eindgebruikers (docenten en studenten) willen leveren in steeds meer exclusieve en gesloten distributiemodellen kun je je dan afvragen hoe je als hogeschoolbibliotheek je rol nog kunt oppakken. Traditioneel bemiddelden de bibliotheken tussen het aanbod van de markt en de vraag vanuit het onderwijs maar met de explosieve groei van digitale informatiebronnen moet je niet meer (alleen) willen sturen op een goede bibliotheekcollectie. Studenten hebben toegang tot gigantische hoeveelheden informatie, ontsloten via Google en andere leveranciers, waarbij hogeschoolbibliotheken zich op andere manieren moeten gaan onderscheiden. Als ze dit niet doen, dan dreigt er disintermediation: het wegvallen van je rol als intermediair tussen eindgebruikers en die informatieleveranciers. Ik blogde daar al eerder over.

Ontdek je plekje
Nu maak ik me zelf weinig zorgen over disintermediation. Hoe meer aanbod er komt, hoe meer informatieleveranciers zich op eindgebruikers gaan richten en hoe complexer de digitale informatievoorziening wordt, des te meer behoefte ontstaat er aan duiding, betere selectie en juist vereenvoudiging. Ik geloof stellig dat de rol van intermediair alleen maar essentiëler wordt maar dat hogeschoolbibliotheken die wel beter en opnieuw moeten gaan invullen. Niet meer gericht op het bij elkaar brengen van – het aanbod van – informatieleveranciers en de eindgebruikers maar om samen met die eindgebruikers te verkennen waar ze echt behoefte aan hebben. Om dat vervolgens te gaan realiseren in samenwerking met uitgevers en andere informatieleveranciers. Om gericht content op maat toegankelijk te krijgen voor het onderwijs zodat het optimaal gebruikt kan worden. Om van content van anderen daadwerkelijk onderwijsmateriaal te maken. Van sourceware naar courseware.

De dralende driehoek
Nu zou het fijn zijn als het onderwijs zelf met die behoefte kwam aanzetten. En dat uitgevers bij hogeschoolbibliotheken de vraag – en eis – zouden neerleggen om hun veranderende afzetmarkt goed in kaart te brengen samen met dat onderwijs. Dan hoefde je alleen maar te luisteren naar je klanten en je leveranciers om je rol in te gaan vullen. Maar het onderwijs is geen expert in informatievoorziening en ziet de noodzaak niet (altijd) in om dit goed te gaan regelen. Uitgevers zitten weliswaar in de keten van informatievoorziening maar hebben niet de intermediairsfunctie. Ze verzorgen het aanbod en zoeken naar openingen in de markt om tot goede (omzet)resultaten te komen.

En dus wachten we een beetje af. We wachten op elkaar. We proberen vanuit een eigen perspectief eens wat nieuwe dingen maar de drie partijen komen niet bij elkaar. Nieuw digitaal aanbod van uitgevers is meestal niet op maat en creëert niet automatisch een behoefte bij eindgebruikers. Die eindgebruikers formuleren meestal niet wat ze echt nodig hebben – en hoe ze die content willen hebben – en lijken de beperkingen en prijzen te accepteren voor wat ze zijn. Om vervolgens hun oude vertrouwde werkwijzen door te zetten. En hogeschoolbibliotheken lijken vooral te wachten tot of het onderwijs of de uitgevers met iets concreets komen in plaats van dat proces op gang te helpen en daarmee hun eigen rol duidelijker – en zekerder – te krijgen in die driehoek van informatievoorziening.

In gesprek gaan en je rol pakken
Terug naar die bijeenkomst van afgelopen vrijdag. Daar stond ik na de theepauze op een veel te warm podium met een uitgever – Wirt Soethorst van Boom Uitgevers Den Haag – te discussiëren over het bovenstaande. Of eigenlijk moet ik zeggen dat we vooral elkaars vuurtjes zaten op te stoken (alsof het niet warm genoeg was) want we stonden maar nauwelijks stil bij hoe we nou ervoor konden zorgen zelf uit dat gedraal te komen.

Ja, ik vond en vind dat uitgevers niet zo aanbodgericht moeten zijn en minder de nadruk moeten leggen op business- en verdienmodellen. En meer flexibel content (kunnen) aanbieden die ook op maat prijzen (verdienmodellen) met zich meebrengen zodat hogeschoolbibliotheken ook de tools hebben om naar het onderwijs duidelijk te maken wat er mogelijk is.

En ja, Wirt had ook gelijk met zijn mening dat onderwijs en hogeschoolbibliotheken eens duidelijk moeten zijn in wat ze nu echt van een uitgever willen. En daar naar gaan handelen. Opeens was ik aan het discussieren met de enige uitgever die – eenzijdig weliswaar – tenminste nog met een voor het onderwijs werkbaar product is gekomen terwijl ik het niet oneens met hem was. Wel over de gedachte erachter maar vanuit het perspectief van een uitgever snap ik die ook wel natuurlijk.

Nee, disintermediation is niet de echte bedreiging voor de hogeschoolbibliotheken. Maar het laten voortbestaan van die afwachtende houding en de verantwoordelijkheid & invulling van je eigen rol volledig neerleggen bij wat het onderwijs wil of waar de uitgevers en informatieleveranciers mee komen, dat kon nog wel eens zeer problematisch gaan worden als we niet uitkijken.

Als hogeschoolbibliotheken niet precies weten waar ze voor zijn, dan kan je dat het onderwijs ook niet uitleggen. Laat staan de uitgevers. Er is nog genoeg werk aan de winkel de komende 10 jaren, dat is dan tenminste wel duidelijk.

#

  • © 2006- 2019 Vakblog – werken met informatie
    Aangedreven door WordPress en duizenden liters koffie // Theme: Tatami van Elmastudio
Top